Wie wat meer wil weten over de verschillende albums, doet er goed aan Asterix, de vrolijke wetenschap van Jaap Toorenaar te lezen. Toorenaar was docent klassieke talen aan het Stedelijk Gymnasium in Leiden en houdt zich al jaren bezig met Asterix. In 2003 won hij op de Duitse tv een quiz over dit onderwerp. In 2010 bundelde hij zijn stukken die hij over de verschillende albums schreef en sinds die tijd wordt de bundeling geregeld herdrukt, met daarin aanvullingen, zodat het boek niet gaat achterlopen op de reeks. In 2025 verscheen de vijfde druk, waarin alle eenenveertig albums behandeld worden.
Elk album behandeld
Album voor album komt langs. Toorenaar geeft eerst een korte kenschets van het betreffende album en behandelt het daarna op detailniveau. Hij vertrekt steeds vanuit de Franse editie en licht daar bijvoorbeeld de woordgrappen uit, ook als ze niet de Nederlandse vertaling hebben gehaald. Verder gaat hij in op de namen van de personages en op de personen uit de werkelijkheid die in de strip zijn opgenomen. Laurel en Hardy zullen de meeste mensen nog wel herkennen, maar als het een Franse acteur betreft, merken we dat waarschijnlijk niet op.
In eerste instantie was ik een beetje teleurgesteld in het boek van Toorenaar. Weliswaar staan er veel illustraties in, maar er zijn weinig afbeeldingen die uit de albums zelf komen. Zelfs de afbeeldingen van de covers ontbreken meestal. Dat is een rechtenkwestie. Het was Toorenaar domweg niet toegestaan die op te nemen in zijn boek. Dat is jammer.
Aan de andere kant zou zijn boek dan minstens twee keer zo dik zijn geworden en veel duurder. Bovendien zullen veel lezers de albums erbij pakken als ze het boek lezen. En sommigen zullen de verhalen zo goed kennen dat ze de albums niet nodig hebben en de plaatjes voor zich zien als Toorenaars boek lezen.
Vertalingen
Toorenaar begint met het lezen van de Franse uitgave en daarmee vergelijkt hij de Nederlandse vertaling of liever gezegd, de Nederlandse vertalingen, want ooit heeft Frits van der Heide een aantal albums opnieuw vertaald. Die vertaling is op verschillende punten beter dan de eerste, zoals Toorenaar aantoont, maar leidde indertijd ook tot ophef, omdat verschillende vertrouwde namen vervangen werden door nieuwe.
Maar de auteur kijkt niet alleen naar het Nederlands, hij geeft ook aandacht aan de vertaling in het Duits en zelfs aan die in het Afrikaans. Een interessant artikel van Onno Kosters over de vertalers van Asterix vind je hier. Het verscheen in 2008 en besteedt onder meer aandacht aan de Engelse vertaling van Asterix en de Britten/Asterix bij de Britten.
Wie Asterix, de vrolijke wetenschap leest, krijgt niet alleen heel veel leuke weetjes voorgeschoteld, maar wordt er weer eens bij bepaald hoe nauwkeurig je de albums moet lezen om te zien wat er allemaal op de plaatjes gebeurt. Daar gaat ook wel eens wat mis. In de Nederlandse vertaling is verschillende keren een tekstballon leeg gebleven en in een album ontbreekt een waslijn, zodat de was in de lucht zweeft.
Ik had me verder niet gerealiseerd dat het hondje Idefix in de eerste albums niet voorkomt. In album nummer vijf maakt hij zijn debuut. Dat soort weetjes lijken me altijd leuk voor liefhebbers van de serie. In het album De dochter van de veldheer lijkt die dochter wel erg op Greta Thunberg en ik nam dan ook aan dat zij model had gestaan. Dat wordt door de makers met klem ontkend. Wist ik ook niet.
Toorenaar heeft bij een volgende druk steeds zijn boek aangevuld (ook met korte artikelen voorin), maar voor zover ik kan zien, heeft hij de oude niet meer geüpdatet. In veel albums worden bepaalde volken op de hak genomen. Later wordt dat minder. Bij album zestien schrijft Toorenaar dat het in het zonnetje zetten van een bepaald volk wat op de achtergrond raakt en dat het na dat album alleen nog maar zal gebeuren bij de Corsicanen en de Belgen. Toen de Picten en de Portugezen toch onderwerp werden heeft hij de eerdere opmerking niet meer veranderd.
N-woord
Wat al snel opvalt, is dat Toorenaar onbekommerd het n-woord gebruikt als hij het personage beschrijft dat gebaseerd is Baba uit Roodbaard. Ik kan me voorstellen dat dat een tijd geleden helemaal geen issue was, maar toen dat het wel werd, had het gemakkelijk bijgewerkt kunnen worden. Bij album 38 uit 2019 gebruikt Toorenaar het woord overigens nog steeds. En pas bij album nummer 41 heeft hij het over 'de donkergekleurde (ik vermijd het woord dat met een n begint!) piraat'. Hij merkt ook nog op dat hij het jammer vindt dat het uiterlijk van de betreffende piraat neutraler is geworden. Dat mag hij vinden, maar ik vind dat weer bedenkelijk. Het lijkt me alleen maar goed als beledigende stereotyperingen vervangen worden.
Natuurlijk maakt Toorenaar wel eens een foutje: zo laat hij de film Ben Hur (1959) uitkomen in de jaren zestig, schrijft hij Avatar als Atavar, Nietzchse als Nietschze en Californië als Calefornië, maar dat zijn kleinigheden. Ook in dit stukje zal ik wel tikfouten gemaakt hebben.
Soms is er een vechtpartij in het Gallische dorp, waarbij de vissen over en weer vliegen. Dat noemt Toorenaar een 'visslacht' wat een aparte benaming is. Je kunt een vechtpartij wel een slag noemen, maar strikt genomen worden de vissen niet geslacht, lijkt me. Maar misschien snap ik het woord domweg niet goed.
Nauwgezet
Wat vooral opvalt is de nauwgezetheid waarmee Toorenaar te werk is gegaan en met welke toewijding hij zich op het werk gestort heeft. Daarbij haalt hij zo veel informatie boven water, dat ik niet zou weten wie hem dat na kan doen. Vooral op het gebied van de vertalingen en van de naamgeving is hij heel nauwgezet. Bij album 34 noemt hij wel de koerier Petetix, maar niet waar die naam op slaat. Ik was ervan uitgegaan dat die verwees naar de PTT. Maar daar staan tientallen namen tegenover waarvan ik nooit de herkomst heb bevroed en die Toorenaar nu netjes uit de doeken heeft gedaan.
Uitgeverij Arboris heeft van het boek een mooie gebonden uitgave gemaakt, voor een schappelijke prijs, zeker gezien het aantal illustraties. Elke Asterixliefhebber zal er veel plezier aan beleven.





.webp)
.webp)
.webp)
.webp)

