vrijdag 29 januari 2021

Podcast: Phasmophobia, Ramses Shaffy Zonder Bagage

 


Phasmophobia

Van de makers van De Blankenberge Tapes (even naar beneden scrollen op de gelinkte pagina) is een podcast verschenen met eenzelfde formule: Phasmophobia. Waarom de titel in het Engels is en de podcast niet Phasmofobie (angst voor spoken) wordt genoemd, is mij niet duidelijk. 

De makers, Pascal van Hulst en Thom Hofland, hebben hun eigen werkwijze. Er is een scenario, in die zin dat de plot is uitgedacht, maar de tekst is niet uitgeschreven, zodat de acteurs ook echt de personages moeten spelen en zelf hun zinnen moeten vormen. Verder wordt er ook nog op locatie gespeeld, om de acteurs nog beter in het verhaal te krijgen. Bij De Blankenberge Tapes werkte dat concept goed en eigenlijk gaat dat ook goed bij Phasmophobia. 

Landhuis

De locatie in deze podcast is een oud landhuis, waarin een jong stel trekt, Raoul en Hanna. Ze laten het opknappen, want dat is wel nodig, en ze willen ook trouwen in het landhuis. Vanaf het begin weet je al dat er iets helemaal fout is gegaan. De personages doen afwisselend verslag van de gebeurtenissen, dus er is geen dialoog, maar de verslagen wisselen elkaar wel af. 

Het mooie van zo'n meervoudig perspectief is dat je eenzelfde gebeurtenis op verschillende manieren beschreven krijgt, met steeds een andere inkleuring. De stemmen zijn mooi divers: zo komt Hanna duidelijk uit het zuiden des lands en Lara (degene die met de renovatie belast is) is Vlaams. Je hoeft je dan ook nooit af te vragen wie er aan het woord is. 

Er is iets met het huis: een verborgen kamer, klapperende ramen, geluiden in de nacht, een hond die niet naar binnen wil. Dat doet denken aan spoken. Als luisteraar krijg je pas in de gaten wat er aan de hand is als Lara het op een nacht moeilijk heeft en zich maar net kan redden. Je vraagt je dan wel af of de beschreven verschijnselen kloppen, maar, vooruit, je gaat mee met het verhaal. 

Relaties

Verder speelt er wat op relationeel gebied. Raoul en Hanna gaan trouwen, maar is dat wel zo'n goede combinatie? Ze hebben ook oog voor anderen, zo blijkt. 

Phasmophobia is een boeiend hoorspel (als ik het zo mag noemen). De plot is wat dunner dan in De Blankenberge Tapes en dat is jammer, maar er gebeurt genoeg in de verhouding tussen de personages, zodat je aandacht er wel bij blijft. In elke aflevering staat een ander personage centraal, zodat de afwisseling gegarandeerd is. 

Een serie die je prima kunt bingen. Ik heb alle afleveringen in twee of drie dagen beluisterd en ik heb me niet verveeld. 

Voor meer informatie: zie de betreffende site.

Ramses Shaffy Zonder Bagage

Er zijn veel podcasts die over een beroemd persoon gaan. Over enkele ervan schreef ik hier al eerder: Credo (over Ede Staal), De Grote Harry Bannink Podcast, Over Godfried Bomans gesproken, BOBcast (over Bob Dylan). En er is er ook een over Ramses Shaffy: Ramses Shaffy Zonder Bagage.

Die titel doet meteen denken aan een titel van een lied van Shaffy. Hij schreef het toen hij failliet verklaard was. In het lied blijkt vooral dat die situatie hem vrijheid geeft. 

Interviews

Steven Driehuis interviewt in deze podcast mensen die met Ramses te maken hebben gehad. Bij de informatie over de podcast op iTunes staat dat Driehuis 26 jaar oud is, maar het is niet duidelijk of hij dat nu is of bij het begin van de serie. Hij weet al veel van Shaffy af en hij is tijdens het gesprek een gretig luisteraar, die het onderwerp van gesprek belangrijker vindt dan zichzelf en dat is altijd prettig. Alle gesprekken in de podcast zijn geanimeerd en meestal zonder veel geklets over andere onderwerpen. 

Die serie is in 2019 gestart en intussen zijn er tien afleveringen te beluisteren. Van ongeveer een uur tot ongeveer anderhalf uur lang. Gewoonlijk vind ik dat aan de lange kant, maar bij deze podcast heb ik me toch niet verveeld. 

Het scheelt dat ik aardig wat van het werk van Shaffy ken. Ik had vroeger cassettebandjes en LP's van hem. Daarvan ken ik ook het nummer 'Zonder bagage'.

Bijzonder mens

Uit elke aflevering blijkt weer dat Ramses een bijzonder mens is geweest, die magische uitwerking had op iedereen die met hem te maken kreeg, en dat zijn hele leven door, ook toen hij al heel oud was. Omdat hij in het leven altijd openstond voor iets nieuws en voor avontuur, zijn er heel veel smakelijke anekdotes die veelal het beeld bevestigen dat je al van hem hebt en waarnaar je toch met plezier luistert. 

Bijzonder vond ik bijvoorbeeld de aflevering met Lettie Oosthoek die Ramses als acteur belicht. Daar wist ik dus weinig van. Hij blijkt een goed acteur geweest zijn, ook van serieuze rollen. Ook mooi: Tom de Jong, die Ramses aan het einde van zijn leven meemaakte. Ach, eigenlijk heb ik naar alle uitzendingen geluisterd zonder me te vervelen. 

Natuurlijk wordt er van tijd tot tijd een nummer van Shaffy gedraaid, soms ook met leuke wetenswaardigheden eromheen. Eigenlijk had ik nog wel iets meer van die muziek gewild. Wat ik te horen kreeg was wel een mooie mix van wat ik al kende en nummers die nieuw voor me waren. 

Canvasje

Aan het eind van elke aflevering schrijft de gast iets op 'een canvasje', wat wel heel erg lijkt op de tegel die beschreven wordt bij Kunststof.  De tekst op het doekje wordt de titel van de bewuste aflevering en is ook te zien op de Facebookpagina waar alle uitzendingen terug te luisteren zijn. Daar staat dan wel weer dat je die alleen maar mag beluisteren op je favoriete podcastapp, wat ik elke keer weer vreemd vind. Het lijkt me dat je die op welke podcastapp dan ook kunt beluisteren.

Dit soort podcasts landt goed bij mij, merk ik. Al de podcasts die ik genoemd heb, heb ik helemaal beluisterd, alle afleveringen en nooit ben ik afgehaakt halverwege een aflevering. En ook niet bij de podcasts over Ischa Meijer, John Lennon of Louis Paul Boon. 

Of mensen die Ramses Shaffy niet kennen door zo'n podcast naar zijn muziek gaan luisteren, betwijfel ik, maar ik geloof wel dat mensen die iets van hem afweten, na het luisteren opnieuw belangstelling krijgen, weer opnieuw nummers willen beluisteren en in ieder geval krijgen ze door de podcast een completer beeld dan ze hadden. 

donderdag 28 januari 2021

Operatie Dageraad (Anco Dijkman)



Operatie Dageraad, het eerste deel van de strip Scarlet Edge begint midden in de actie. Iemand moet, bij een duistere transactie, een koffer overhandigen, maar hij stelt zijn voorwaarden. Het loopt uit op een schietpartij. Daarna springen we terug in de tijd, een paar maanden eerder, en lezen we hoe het allemaal zo gekomen is. 

Scarlet Edge is geschreven en getekend door Anco Dijkman. Het is een actiestrip met een hoog tempo en het verhaal zit puik in elkaar. Als lezer laat je je meesleuren door de gebeurtenissen en pas aan het eind bladerde ik terug om te zien hoe het ook alweer begon, of liever waar het op uit zou lopen. Er moet in ieder geval nog een deel komen, dat is duidelijk. Want we zijn aan het eind van het album nog niet beland op het punt van de proloog. 

Scarlet en Edge

De hoofdpersonen zijn twee journalisten: de roodharige (Scarlet) Bianca Wierdendorp en de meer ervaren journalist Ids (Edge) Onderdendam. De samenwerking begint enigszins stroef en dat hebben we meer gezien, zeker ook in films. In het begin kunnen twee partners niet met elkaar opschieten, maar later worden het de beste maatjes. In deze strip blijven er in ieder geval duidelijk verschillen tussen Scarlet en Edge, zodat het patroon niet te clichématig wordt.

Scarlet en Edge raken verwikkeld in de praktijken van Hector de Cervantes de Mornay en zijn secretaris Vincent Taft. Ze worden op het spoor gezet door een oude dame met maar één arm, die overigens haar mannetje nog prima staat. Er zal een operatie uitgevoerd worden bij de Doggersbank, die heel iets anders inhoudt dan wat De Mornay en Taft voorgeven. Voor ze het weten zitten Bianca en Ids tot over hun oren in de hele toestand. 

Ook de politie heeft er lucht van. Inspecteur Baljeu en zijn partner, een vrouwelijke brigadier, proberen zicht te krijgen op wat er gebeurt, maar ze lopen vaak net achter de feiten aan. 

Hoog tempo

Dijkman houdt het tempo van het verhaal hoog en hij schakelt tussen drie vertelinstanties: Scarlet en Edge, de inspecteur en de brigadier en De Mornay en Taft. Die personen hebben niet altijd dezelfde puzzelstukjes in handen, terwijl ze toch zicht moeten krijgen op de totale puzzel. De lezer kan met iedereen meekijken en probeert het plaatje compleet te houden.

Operatie Dageraad is een harde strip, waarin niet gekeken wordt op een lijk meer of minder. Als tegenhanger moet er natuurlijk een menselijke kant zijn en die is er ook. Het feit alleen al dat Scarlet onervaren is doet je met haar meeleven, meer dan met Edge. Baljeu heeft overigens ook gedoe op het persoonlijke vlak. Zijn vriend vindt dat hij wel erg weinig aandacht krijgt nu Baljeu zo verwikkeld is in deze zaak. En dan is hij ook nog steeds met een vrouw op stap.

Die scènes zijn vermakelijk. De vriend, Tibbe, is een gespierde Fries die braaf komkommer aan het snijden is als Baljeu thuiskomt, maar hij is niet van plan om zich neer te leggen bij de weinige aandacht die hij krijgt. Dit soort amusante passages heb je als lezer nodig tussen alle hardheid door. 

Sterke vrouwen

In de strip komen veel sterke vrouwen voor. Scarlet mag dan onervaren zijn als ze in een seksistische omgeving terechtkomt, maar ze legt zich daar niet bij neer. En in een benarde situatie blijkt ze meer zelfbeheersing te hebben dan de stoere Edge. Ook de brigadier die inspecteur Baljeu terzijde staat, is sterk en ondernemend, en De Mornay blijkt een ware powervrouw in dienst te hebben: Major (Anastasia). 

Ten slotte hebben we nog de oude mevrouw, die breekbaar oogt, maar misschien wel het sterkst is van allemaal. In een wereld die masculien oogt (misdaad, geweld, techniek), blijken vrouwen een doorslaggevende rol te spelen. 

Scenario

Het scenario is gecompliceerd en het net waarin de hoofdpersonen zich begeven wordt geknoopt op verschillende plekken in de wereld. De Mornay komt uit Mexico, maar er is ook een Russische connectie. Niet alleen gebeurt er iets op het moment van handeling, maar er is ook nog een verleden, waarin er ooit een schip gezonken is dat voor veel mensen interessant is. 

Hoe Dijkman de touwtjes precies aan elkaar geknoopt heeft, zal pas in een volgend deel blijken, maar het lijkt erop dat er goed over de verwikkelingen is nagedacht en dat het scenario goed in elkaar zit. Een deugdelijk scenario is de basis voor een goede strip. 

Tekeningen

Maar ook de tekeningen zijn in orde. Er zit van tijd tot tijd een zekere losheid in, maar altijd worden de personages krachtig neergezet. Inspecteur Baljeu en Vincent Taft lijken wel erg op elkaar. Hetzelfde type, uiterlijk gezien: hetzelfde postuur, hetzelfde kapsel, allebei een snor. Baljeu heeft ook nog een baardje en in kledingkeuze verschillen de heren ook. Een iets ander type had het misschien voor de lezer nog iets gemakkelijker gemaakt, maar echte problemen levert het niet op. 

De tekeningen zijn technisch goed: natuurlijke houdingen van de personages, genoeg expressie op de gezichten. Inspecteur Baljeu moet vaak nadenken en brengt dan elke keer zijn hand naar zijn mond. Een enkele keer zelfs op vier opeenvolgende bladzijden. Dat is misschien een iets te gemakkelijke oplossing. Hier had meer variatie in aangebracht kunnen worden. 

De inkleuring is passend: veel slecht weer, veel donkere scènes, die het duistere van het verhaal doen uitkomen. Gelukkig is er ook gezorgd voor lucht en licht. Op een gegeven moment bevinden Scarlet en Edge zich in een vrij witte omgeving. 

Het verhaal zakt nergens in en aan het eind van 'deze episode' wil je alleen maar door. Hoeveel delen er nog gaan verschijnen is mij niet duidelijk, maar ik zit nu al te wachten op het volgende. 

Serie: Scarlet Edge
Deel: Operatie Dageraad
Tekst en tekeningen: Anco Dijkman
Uitgever: Personalia
Leens, 2020; 48 blz. € 8,95

woensdag 27 januari 2021

Pauwen en Pestkoppen - De complete Brammetje Bram 3 (Ryssack)


De strips van Brammetje Bram zijn een beetje weggezakt in de herinnering. Debet daaraan is dat veel verhalen nooit als album zijn verschenen, maar alleen in tijdschriften te lezen waren. Daarom is het mooi dat uitgeverij Arboris de avonturen van deze jonge stripheld compleet aan het uitbrengen is. Intussen is deel 3 verschenen: Pauwen en pestkoppen. Voor deel 1 en 2: zie de links onderaan. 

Ook in dit derde deel zijn drie verhalen opgenomen: De jacht op het pauwen-ei, De gevangenen van het Duivelseiland en Jonker Ahoy! Ooit moet ik al die verhalen in Sjors gelezen hebben; deze drie verschenen er in 1973 en 1974. De uitgever heeft gekozen voor een uitgave op niet al te glad papier. Het doet me denken aan het papier waarop indertijd strips werden afgedrukt. Het lijkt me zeer passend. In ieder geval helpt het mijn jeugdsentiment mede op gang. 

Bij het herlezen van de verhalen leest iemand van mijn leeftijd met een dubbele blik: die van de jongen van toen, die eigenlijk alleen maar geïnteresseerd was in het verhaal en die van nu: mee willen leven met de personages, maar tegelijkertijd van een afstandje bekijken hoe de verhalen zijn opgebouwd, hoe de tekeningen gemaakt zijn, hoe de inkleuring is. 

Bemanning

In de verhalen zijn Brammetje en Knevel de hoofdpersonen. Meestal is de rest van de bemanning ook prominent aanwezig, maar in de eerste twee in dit deel spelen ze nauwelijks een rol. Dat had ik niet onthouden en nu viel het me op. Pas in het derde verhaal is de bemanning weer prominent aanwezig. 

Het grondplan van een avontuur is meestal: er is een doel dat bereikt moet worden, maar er zijn hobbels op de weg ernaartoe en uiteindeljk komt alles goed. Dat weet je van tevoren, want hoewel Brammetje leeft in een wereld van zeerovers, is het een veilige wereld: er zullen geen doden vallen, er zal geen bloed vloeien. 

In het eerste verhaal draait het om een pauwen-ei waar velen jacht op maken. Het moet bij de juiste persoon terechtkomen, maar er zijn (andere) kapers op de kust en zo'n ei is ook nog heel kwetsbaar, dus voor je het weet, gaat het mis. De scenarioschrijver, Frans Buissink, heeft alles uit de kast gehaald om de missie zo moeilijk mogelijk te maken. Als je het in afleveringen leest, accepteer je dat waarschijnlijk vrij gemakkelijk, maar als je het verhaal achter elkaar leest, komt het ook-dat-nog-gevoel wel eens over je. 

Maar de verteltoon blijft monter, de oplossingen zijn ingenieus en daardoor blijft het verhaal amusant. Niet een van de sterkste verhalen, maar nog steeds aardig leesbaar. 

Bloody Mary

Veel helden hebben hun vaste tegenstander. Bij Knevel is dat Bloody Mary, die in alle drie de verhalen een rol speelt. Tussen deze twee kemphanen is de animositeit beperkt. In een van de verhalen zien we Knevel zelfs een dansje maken met Mary.

Brammetje en Bloody Mary

In het tweede verhaal, deze keer naar een scenario van Yaack, is het stramien hetzelfde als in het eerste: Knevel wil met Brammetje naar het Duivelseiland, maar ze krijgen het maar niet voor elkaar om daar ook te komen. Ook nu weer is de verhaallijn aan de magere kant, maar het verhaal blijft amusant. 

In het derde verhaal neemt Knevel een onuitstaanbare jonker aan boord, verblind door de beloning die hem in het vooruitzicht is gesteld. Het aardige van dit verhaal, weer geschreven door Buissink, is dat Knevel zichzelf niet is en dat verandert alles aan boord. 

Tekeningen

De tekeningen van Ryssack blijven lekker. Een soepele lijn, expressieve gezichten, dynamiek in de bladzijden. De inkleuring is voor hedendaagse begrippen vrij hard en er zit weinig wit in, waardoor er niet veel lucht in sommige tekeningen komt. Bij de inkleuring wordt meestal geen nuance gebruikt en schaduwwerking is er maar weinig. 

De verhalen zijn redelijk eenvoudig, maar ze blijven goed leesbaar. Er zit behoorlijk wat humor in en de karakters zijn aantrekkelijk. Ook de poes van Brammetje, Knarf, heeft echt een karakter. Soms vervult hij opdrachten en hij laat duidelijk zien dat hij niet voor ...eh... de poes is. 

Het dossier voor in deze uitgave behelst een gesprek met Yaack (Jacques Bakker), scenarist, door Wouter Adriaensen. Het is een gesprek dat een mooi inkijkje geeft in de stripwereld van decennia geleden. Er is ook een bibliografie van Yaack toegevoegd. 

Serie: De complete Brammetje Bram
Deel 3: Pauwen en pestkoppen
Tekst: Frans Buissink en Yaack
Tekeningen Eddy Ryssack
Zelhem 2020, 160 blz. € 27,95 (hardcover)

Bespreking van de eerdere delen:

Knevel en Brammetje herenigd met de rest van de bemanning

dinsdag 26 januari 2021

Zes broers en een zus (Marc Schoorl)



Zes broers en een zus is het eerste deel van de trilogie Autobiografie van een romanpersonage. Dat romanpersonage is in dit eerste deel Cor van Hargen, een jongen van een jaar of acht, die waarschijnlijk behoorlijk lijkt op de auteur, Marc Schoorl. Die staat pontificaal afgebeeld op de voorkant van het boek, in een schilderspose. Zowel het schilderen als het schrijven spelen nog geen rol in dit boek. 

Schoorl heeft de gezinsleden met wie hij is opgegroeid omgevormd tot romanpersonages. In een groot deel van het boek bestaat dat gezin uit een meisje (Mirjam) en vijf jongens (Pim, Frans, Johan, Cor en Geerie). Mirjam figureert voornamelijk op de achtergrond. Pim is een uitgesproken karakter: hij durft brutaal te zijn en heeft duidelijk de rol van de oudste. Geerie, de jongste, moet vaak op sleeptouw genomen worden. Cor vindt dat meestal een last. Frans en Johan komen niet zo erg uit de verf. Voor mijn gevoel waren ze redelijk inwisselbaar. Wellicht had Schoorl zich nog iets meer vrijheid ten opzichte van de werkelijkheid kunnen veroorloven door de twee personen samen te voegen. 

Een achterbuurt in Wassenaar

Het gezin woont in Wassenaar, in de enige achterbuurt die die plaats rijk is. Het grote gezin woont in een klein huisje. Er is niet direct armoede, maar het is wel uitkijken met geld. Vader is vertegenwoordiger van de katholieke krant Het Binnenhof, maar er zijn ook perioden waarin hij niet tot werken in staat is: soms is hij verward en depressief, wat zelfs een enkele keer tot een opname leidt. 

De verteller is Cor, de op een na jongste in het gezin. Hij is een gevoelig jongetje, maar hij is ook egocentrisch. Binnen de kring van zijn leeftijdgenootjes is hij bijvoorbeeld altijd bezig met zijn positie in de groep en met zich waarmaken. Het moet wel allemaal om hem draaien en dat gaat niet altijd vanzelf. In voetballen is hij bijvoorbeeld slecht. Na een slechte wedstrijd moet hij weer aan zijn reputatie werken.

Het is goed dat er in Zes broers en een zus passages voorkomen waarin de 'ik' een anti-held is. Dat maakt hem beter verteerbaar. Weliswaar krijgen we in het boek een schets van het reilen en zeilen van een gezin, maar toch vooral een portret van Cor. 

Levensgeheim

Cor heeft zich in het hoofd gehaald dat er een soort 'levensgeheim' bestaat en dat anderen daarvan op de hoogte zijn en hij niet. Blijkbaar zijn er zaken in het leven waarvoor hij zich niet helemaal goed toegerust vreest. Hij is iemand die graag zaken onder controle heeft en dat kan nu eenmaal niet altijd. 

In de inleiding staat dat het boek ook een tijdsbeeld geeft. Dat is maar ten dele waar. Van wat er buiten het gezin speelt, dringt relatief weinig door tot het boek, of het moeten de plaatjes zijn die vader voor de kinderen koopt. Ze kunnen die dan draaien op de pick-up. De nummers worden genoemd, maar verder wordt er niet zo veel mee gedaan. 

Begin jaren zeventig

Ook is meestal niet zo duidelijk hoeveel tijd er verloopt. Er komt een jaarwisseling in voor en dat is waarschijnlijk die van 1970/1971. Schoorl heeft wel de vrijheid genomen om het jaar te laten beginnen op een zondag, wat tussen 1967 en 1978 niet voorkwam. Maar daarom is het ook fictie. Dat er met het carnaval drie kinderen verkleed zijn als Catweazle past weer heel goed bij 1971. Een groot deel van het verhaal lijkt zich binnen een jaar af te spelen. Maar bij het wielrennen rijdt Bernard Hinault al mee en dat kan eigenlijk pas in de tweede helft van de jaren zeventig. 

Soms wordt er gesproken over het CDA in oprichting. Dat gebeurde pas in 1980, maar vanaf 1967 was er al overleg. Ook wordt de BTW genoemd en die werd in 1969 ingevoerd. Dat de kachel wordt vervangen door een gashaard hoort ook bij die tijd. 

In de proloog is Cor zes jaar oud, aan het begin van het boek zeven. Hij zit dan in de tweede klas van de lagere school, zijn oudere broer Frans in de vierde. Pim zit dan  waarschijnlijk in de hoogste klas (klas 6). Als er verderop gesproken over een bloembollenwedstrijd van school, zit Pim in ieder geval op dezelfde school als zijn broertjes. Mirjam bezoekt dan al de middelbare school. Dat Pim gaat stappen en laat thuiskomt past weer niet bij een leerling van de lagere school. Of er verstrijkt meer tijd dan ik in de gaten heb, of hier en daar zitten wat anachronismen. 

Geen duidelijke lijn

Een duidelijke ontwikkelingslijn zit er niet in Zes broers en een zus. Dat heeft soms tot gevolg dat het verhaal nogal kabbelt en dat sommige passages erg uitgesponnen zijn. Af en toe had het verhaal wel wat meer vaart mogen hebben. Het lijkt erop dat Schoorl alles wil laten zien aan de lezer, zodat die zelf niet zoveel hoeft in te vullen. 

De interessantste figuur is de vader. Hij kan praten als Brugman, wat in zijn functie goed van pas komt. Hij heeft ook de neiging door te slaan en maar door te ratelen. Mogelijk is hij dan in een manische periode. De monologen van vader zijn schitterend weergegeven door de Schoorl. Je kunt als lezer genieten van de spraakwaterval en je er tegelijkertijd wat ongemakkelijk bij voelen. 

Vader heeft zijn obsessies. Zo brengt hij heel veel dingen in verband met de oorlog. Ook kan hij helemaal verdrinken in het geloof. Hij kan dan vervuld zijn van schuldbesef en dan vraagt hij het gezin om voor hem te bidden. Maar op andere momenten maakt hij grapjes over het geloof. Vader Van Hargen is een gecompliceerde figuur die wordt beschreven zonder zijn ongemakkelijke kanten te verhullen. Tegelijkertijd is er ook een zeker mededogen. 

Moeder

Moeder is iemand die zich meer op de achtergrond houdt en een groot hart voor haar kinderen heeft, wat haar door vader ook wel verweten wordt. Hij heeft de neiging zich boven haar te plaatsen, omdat hij zich in intellectueel opzicht superieur acht. Soms kan moeder het allemaal nauwelijks aan. Dan dreigt ze weg te lopen. Maar uiteindelijk schikt ze zich altijd weer. 

De afzonderlijke scènes zijn vaak goed gelukt. Schoorl weet de sfeer op te roepen en hij tekent de situatie met kenmerkende details. Wel had ik soms mijn vraag bij het perspectief. Hij schrijft vanuit een jongetje, maar het taalgebruik past daar niet altijd bij. Een enkele keer merk je dat het allemaal achteraf verteld wordt, omdat er dan verwijzingen zijn naar later. Dan krijgen we bijvoorbeeld te lezen dat het met een persoon uiteindelijk slecht is afgelopen. 

Het gebrek aan lijn vind ik wel een gemis. Vooral als ik bedenk dat er dit jaar nog twee delen gaan verschijnen. Na het lezen van dit eerste deel heb ik het idee dat het niet echt ergens op uit gelopen is en als je dan als lezer nog twee van zulke delen moet lezen, is dat wel veel. Misschien had er meer gezocht moeten worden naar een overkoepelend verhaal, zodat het vertelde meer richting had. 

maandag 25 januari 2021

De Indiaanse prinses - De Havik, boek 10 (Pellerin)


 Veel strips verschijnen in series. In hoeverre moeten de afzonderlijke delen als zelfstandig album te lezen zijn? Dat is een lastig te beantwoorden vraag. 

Als je de delen los van elkaar (en dus ook door elkaar) kunt lezen, geeft dat bij het lezen van de afzonderlijke delen geen leesproblemen. Eigenlijk hoef je alleen te weten wie wie is en je moet een beetje de verhouding tussen de personages kennen, maar dat wordt tijdens het lezen meestal wel duidelijk. 

Als er vaker teruggegrepen wordt naar iets wat in een eerder deel voorkomt, wordt er voor de lezer die halverwege in de reeks terechtkomt voorkennis gevraagd die hij niet bezit. Dat zou je als een nadeel kunnen zien. 

Aan de andere kant: bij een verhaal waarvan de lijnen door de hele reeks getrokken worden, kun je er wel veel meer in leggen en de compositie veel listiger, ingenieuzer, maken. Voor de uitgever is het prettig als een serie boeit, waardoor de lezer automatisch de volgende delen gaat kopen. Het nadeel is dat nieuwe lezers er minder makkelijk in komen en daarom al niet aan een reeks beginnen of na een enkel deel midden uit de serie gaan afhaken. 

Roodbaard

Ik had nooit wat gelezen van De havik van Pellerin. De tekenaar kende ik van Roodbaard. Dat deed hij wel goed, vond ik. De havik  is een voortvloeisel van Roodbaard, lees ik hier en dat zou aan het begin van  de eerste serie ook te merken zijn. Intussen vliegt De havik op eigen vleugels. 

Het kostte me wel wat moeite om bij Boek 10 in het verhaal te komen. Aanvankelijk dacht ik dat De havik een schip zou zijn. Dat is niet het geval, het is de hoofdpersoon, Yann de Kermeur. Hij is kapitein en aan het begin van het album richt hij rechtstreeks het woord tot de lezer: 'Die idioten hadden mijn mannen niet mogen gevangennemen. Dat zou ze nog bezuren.' Hij zet zijn woorden kracht bij door vanaf zijn schip een fort onder vuur te laten nemen. 

Yann heeft een opdracht van de Franse koning, maar de details van die opdracht zijn hem nog niet bekend. Verder moet hij zorg dragen voor een Indiaanse prinses die aan hem is toevertrouwd. Hij merkt dat er veel tegenwerking is en op een gegeven moment lijkt zijn leven zelfs gevaar te lopen. Hij snapt niet goed waar die vandaan komt. 

Er is ook nog iets met een andere vrouw, Agnès, maar voor wie niets om dit deel heen heeft gelezen, blijft dat redelijk duister. Zij denkt in ieder geval een hele tijd dat Yann niet meer leeft. 

Kwetsbaar

Al met al boeide het verhaal mij wel: ik leefde mee met De havik en was, net als hij, benieuwd naar wat hij allemaal nog zou moeten doen voordat zijn tocht ten einde was. Je gaat ervan uit dat hij niet meteen gedood zal worden (de serie moet immers door), maar hij is wel kwetsbaar, doordat hij zich soms laat meeslepen door zijn emoties of doordat hij een gok neemt, die ook verkeerd had kunnen uitpakken. 

Toen ik aan het eind van dit deel was, was ik wel benieuwd naar het volgende. Hoe lang het duurt voordat dat zal verschijnen is nog niet duidelijk: deel 7 kwam uit in 2009, deel 8 in 2012, deel 9 in 2016 en dit deel in 2020. Op drie of vier jaar zullen we vermoedelijk toch wel moeten rekenen. 

Tekeningen

Het scenario is van Pellerin en het zit vrij goed in elkaar: soms krijg je als lezer wat brokjes informatie, maar altijd weer blijven er onbeantwoorde vragen die je door het verhaal stuwen. Over de tekeningen had ik enige twijfels. De tekeningen zijn strak, wat vooral prettig is bij bijvoorbeeld gebouwen. Ook de schepen zijn minutieus en met heel veel aandacht getekend. 

De personen vind ik iets minder overtuigend. De expressiviteit van de gezichten had zeker beter gekund. Maar bovenal zijn de gezichten me te 'clean' en dat geldt voor meer tekeningen. We bevinden ons in de achttiende eeuw, maar alles lijkt aangeharkt en zelfs de landschappen zijn keurig, zeker niet ruig. Yann heeft ooit een houw over zijn oog gehad, maar dat is nu een keurig streepje, geen naar litteken. 

Op een gegeven moment is er een martelscène. De gemartelde schreeuwt het uit: AAAAAHHHH in rode hoofdletters. Eerlijk gezegd deed het me niets. De gruwel wordt niet overgebracht. Hier wreekt de keurigheid zich. 

Ook de inkleuring is keurig. Veel sfeervolle plaatjes met een helderblauwe lucht. Bij de gezichten is er altijd schaduwwerking en die is me wel eens wat te nadrukkelijk, omdat nauwelijks gezichten zijn zonder die schaduw. Het wende overigens wel onder het lezen. 

Goed verhaal, dit deel van De havik, of liever: een stuk van een goed verhaal. Wel had ik graag iets meer gezien van de ruwheid van het leven, van het ongepolijste. De ingetogenheid van de tekeningen houden je als lezer een beetje op afstand. Iets meer ruigheid was me welkom geweest. 

Serie: De havik
Deel: Boek 10: De Indiaanse prinses
Tekst en tekeningen: Pellerin
Uitever: Silvester
's-Hertogenbosch 2020, 48 blz. €17,95, hardcover

vrijdag 22 januari 2021

Man en paard liggen dwars (Mestrik)


Het is altijd prettig als men in een gesprek niet in vaagheden blijft hangen, maar man en paard noemt en zeker als het gaat over de strip van Mestrik (Meinte Strikwerda). Daarvan is nu deel 3 verschenen: Man en paard liggen dwars. 

De cover is sober gehouden: alleen hoofdfiguren, tegen een rode achtergrond, die naar boven toe donkerder kleurt. Een beetje kaal is het wel. Aan de andere kant worden we ook meteen bepaald om wie deze strip draait: een ridder (Man), een paard (Paard) en een witte draak (De Witte Draak). 

Antropomorf

Het paard en de draak spreken, wat ze menselijke trekjes geeft. Dat antropomorfe is aan meer dingen te merken: het paard heeft een soort van voetjes en de draak heeft mensenhanden en mensenvoeten en draagt bovendien een zonnebril. Verder heeft hij de bouw van de mens (op de staart en de kop na). 

Het sprekende paard staat op nagenoeg hetzelfde niveau als de ridder. Daarom zoekt hij ook zelf zijn weg; er zijn geen teugels waarmee de ridder hem in bedwang kan houden. De ridder draagt een harnas, maar heeft dunne armen en benen, waardoor hij allerminst als ijzervreter overkomt. 

Man en paard jagen steeds op de Witte Draak, maar zullen hem nooit te pakken krijgen. Zoals De Generaal nooit de macht zal grijpen, de Grote Boze Wolf nooit de drie biggetjes zal opeten en Grootvizier Iznogoedh nooit kalief zal worden in plaats van de kalief. We hebben dus al bij voorbaat te maken met een loser, maar wel een aangename loser, die voluit de sympathie van de lezer heeft. Je kunt je met anti-helden immers vaak gemakkelijker identificeren dan met helden. 

Grapdichtheid

De verhalen in dit derde deel beslaan minstens een pagina, maar kunnen ook uitlopen op avonturen van drie, vier of vijf bladzijden. Bij een gagstrip gaat het vaak om het laatste plaatje. Dat is bij Man en paard minder nadrukkelijk. De grapdichtheid is hoger, zodat je ook tussendoor steeds grappen krijgt. Het zijn de stenen waarop je stapt als je de rivier van het verhaaltje oversteekt. 

De personages zijn op zich al grappig: de ridder die zowel sukkelig als slim kan zijn, het eigenzinnige paar,  de witte draak die ook nog vegetarisch is (en die heel erg van bloemetjes houdt). Maar net als bij bijvoorbeeld De Generaal moet er in een strip die elke keer hetzelfde verhaal vertelt, wel steeds zuurstof aangevoerd worden om leven in de verhalen te houden. 

Dat gebeurt door nevenpersonages. De belangrijkste in dit verhaal zijn Madame Zelda, een waarzegster, en een indiaan, die regendansen uitvoert, maar ook niet terugschrikt voor het veroorzaken van andere weertypen. Soms staat de verhaallijn van deze personages bijna los van die van Man en Paard, zodat het lijkt alsof je al binnen het album een spin-off hebt. 

Stripconventies

Ridders situeren we in de middeleeuwen, maar in een strip kan alles en zo zien we de personages ook aanschuiven bij De Wereld Draait Door. Die (on-)mogelijkheid wordt overigens ook binnen het verhaal ter sprake gebracht, zoals vaker de stripconventies mede onderdeel van het verhaal vormen. Er is bijvoorbeeld ook een gesprek over censuurbalkjes. 

Intussen heeft Mestrik met Man en paard een eigen wereld geschapen: een historische setting met fantasie-elementen en vooral ook met humor. Hardop lachen om een strip lukt mij meestal niet, maar breed grijnzen wel en dat gebeurt geregeld bij het lezen van de strip. 

Leuk zijn ook de verwijzingen naar andere strips. Dat gebeurt het nadrukkelijkst naar Olivier B. Bommel en Tom Poes, die letterlijk rondlopen in een van de avonturen en bij Asterix. Grappig zijn ook de aanbevelingen (of de kritische opmerkingen) van strippersonages achter op het album. Het zijn er een hele rij, van De Generaal tot de Rode Kater en van Roodhaar tot Donald Trump. 

Bloopers

Ten slotte is er nog een toetje: enkele bladzijden met bloopers, die suggereren dat sommige verhaaltjes in een eerdere versie anders afliepen. Alsof we een kijkje achter de schermen krijgen en een eerdere take van het verhaal te zien krijgen. Bij films, op dvd, maar soms ook op het bioscoopscherm, gebeurt dat vaker, maar in de strip kende ik het nog niet. 

Het is te hopen dat de Witte Draak nog lang rond mag huppelen in de wereld van Mestrik en dat Man en Paard nog lang achter hem aan mogen zitten. We zullen de pogingen om de draak te vangen geamuseerd volgen. 

Titel: Man en Paard liggen dwars
Tekst en tekeningen: Mestrik
Uitgever: Personalia
Leens 2020, € 8,95; 48 blz. softcover

(fragment)

donderdag 21 januari 2021

Podcast: Moordzaken, De PuriteinenPodcast

 


Moordzaken

Carrie en Eddy houden van 'true' crime en dat dragen ze uit in de podcast Moordzaken waarin ze spraakmakende moordzaken bespreken. In alle afleveringen valt een dode, al is het niet altijd zeker of het een moord betreft. 

Tot nu toe heb ik vier afleveringen beluisterd. Carrie en Eddy hebben, net als Bassie en Adriaan, geen achternamen en ze worden verder ook niet geïntroduceerd. In de tweede aflevering wordt verteld dat ze studiegenoten zijn en al in de eerste aflevering is verteld hoe ze zich voorbereiden op de uitzending: afzonderlijk van elkaar gaan ze, meestal digitaal, op onderzoek uit. Soms wordt de plaats van de misdaad bezocht. 

Vaste elementen

Er zijn wat vaste elementen in de afleveringen. Er wordt verteld wanneer de (vermeende) moord plaatsvond en ook wat er toen zoal in het nieuws wat. Welke functie dat heeft, is onduidelijk, omdat het meestal niet uitmaakt of de moord in 2007 of 2017 plaatsvond: de context in de tijd blijkt meestal niet belangrijk. Welk nummer er bovenaan in de top 40 staat, wordt ook altijd even genoemd, maar ook daar wordt niets mee gedaan. 

Soms wordt er ook iets aan de actualiteit gedaan (Van Halen overleden), wat bij een podcast, die op elk moment beluisterd kan worden zinloos is. Maar blijkbaar vinden de makers het belangrijk. 

Carrie en Eddy wisselen elkaar vlot af bij het vertellen en vullen elkaar gemakkelijk aan. Doordat er een mannen- en een vrouwenstem is, is het onderscheid tussen de stemmen duidelijk en is er ook lekker wat afwisseling. Eddy is wel altijd slecht bij stem, maar daar luister je op den duur toch wel doorheen. 

Enthousiasme

Enthousiast vertellen ze hoe de waarschijnlijke toedracht van de moord is. Daaruit blijkt dat ze zich goed in de casus hebben ingelezen. Het enthousiasme is soms ook wel bedenkelijk: alsof het lekker is om over een moord te praten. Een vergelijkbare podcast is De stemmen van assisen, waar op een veel ingetogener manier over misdaad wordt verteld. 

Soms is er wat speculatie, soms is het taalgebruik niet helemaal nauwkeurig ('Dat gaat helemaal nergens over', iemand met 'een psychische achtergrond'), maar over het algemeen kun je als luisteraar wel meegaan in het verhaal. Door de betrokkenheid van de makers, word je bij het onderwerp gehouden.

In aflevering vier is er een klein stukje reportage ter plekke. Die voegt niet zo heel veel toe aan wat er verteld is. Daar was misschien wat meer uit te halen geweest. 

De afleveringen zijn wel lang: soms bijna een uur. Ik had de indruk dat met wat meer overleg vooraf het geval ook in twintig minuten geschetst had kunnen worden. 

Meedenken

Het is de bedoeling dat de luisteraar zelf ook gaat meedenken, maar daar wordt verder niet zo veel mee gedaan. Na de eerste aflevering wordt verteld dat er veel reacties zijn binnengekomen, maar niet wat die reacties dan zijn. 

Soms wordt er wat voorkennis vereist die mij ontbrak. Zo kwam de naam Koen Everink mij niet meteen bekend voor en als er wordt gezegd dat hij een verleden heeft met Badr Hari is mij niet meteen duidelijk waar dan precies op gedoeld wordt. In die aflevering gaat het ook over sporters die poker spelen en dan wordt ene Fatima genoemd ('natuurlijk') zonder te vertellen over welke Fatima het gaat. Misschien moet je geregeld tv kijken om dat allemaal wel te weten. 

Ik denk niet dat ik alle afleveringen ga beluisteren. Misschien pik ik nog wel hier en daar een krent uit de pap. Wie van 'true crime' houdt, zal zeker aan zijn trekken komen. Voor mij zijn de afleveringen wat te lang om me geboeid te kunnen houden en ik vind ook dat te moord net iets 'te lekker' wordt voorgesteld. Als er een moord gepleegd is, wordt er bijvoorbeeld verteld dat de relatie die het slachtoffer had al wel erg slecht is, alsof moord dan ook een voor de hand liggende uitkomst is. Dat normaliseren van een extreme daad staat me ook wat tegen. Waarschijnlijk behoor ik niet helemaal tot de beoogde doelgroep. 



De PuriteinenPodcast

Veel podcasts probeer ik een keer, om erachter te komen wat ze behelzen. Zo verging het me met De PuriteinenPodcast. Bij 'puriteinen' is mijn eerste associatie de titel van een roman van Vestdijk: Puriteinen en piraten, waarbij ik niet meer zeker weet of ik die gelezen heb. Misschien wel, maar het kan ook zijn dat ik Rumeiland las. Het boek dat ik decennia geleden las (in de jaren tachtig als Salamander uitgekomen) viel me indertijd wat tegen. Maar dat heeft allemaal niets met deze podcast te maken. 

De PuriteinenPodcast is een podcast van het Reformatorisch Dagblad. Hier vind je alle afleveringen. Er wordt in uitgelegd wie of wat een puritein is en we krijgen een lesje geschiedenis over The Pilgrim Fathers en wat die met Nederland te maken hadden. Over de reis met de Mayflower is best wat bekend, maar het was boeiend om alles nog eens goed op een rijtje te krijgen, met details die nieuw voor mij waren. 

Soms ligt de nadruk meer op de geschiedenis, soms meer op de theologie. Hier en daar worden er lijntjes naar het heden getrokken: kunnen wij nog wat leren van deze puriteinen? Informatief en afwisselend. Niet alleen voor mensen die in religie zijn geïnteresseerd, maar zeker ook voor hen die een blik in de geschiedenis willen. Hoe gingen deze kolonisten bijvoorbeeld om met de oorspronkelijke bewoners van Amerika?

Podcastmakers

De presentatoren zijn Albert-Jan Regterschot en Steven Middelkoop. Ik kan ze niet uit elkaar houden, al merk ik wel dat het verschillende stemmen zijn. Ik denk dat dat komt doordat ze vaak niet een echt gesprek hebben, maar informatie doorgeven waarvan ze beiden steeds een stukje doen. Soms is dat gesprek er trouwens wel. In ieder geval hebben de presentatoren niet de neiging om zich te profileren en stellen ze zich in dienst van wat ze over willen brengen. Dat is ook wel eens prettig. 

Verschillende keren is er een gast die zich verdiept heeft in een deelonderwerp. In de tweede aflevering is dat bijvoorbeeld Roelof Bisschop, die we als politicus kennen. Dat geeft meer dynamiek, al houdt het voor een deel de vorm van een gastcollege. Meestal wordt het niet een gesprek waarbij de deelnemers ook ter plekke aan het nadenken zijn. Maar waarschijnlijk is dit gewoon niet zo'n soort podcast. 

Er staan nu zes afleveringen online en er komt een tweede seizoen, waarbij er vooral gekeken wordt naar Europa. Naar Schotland waarschijnlijk, maar we zullen ook wel informatie krijgen over het Piëtisme in Duitsland of Nadere Reformatie in Nederland, gok ik. Ik ga weer alle afleveringen beluisteren.