Posts tonen met het label Standaard Uitgeverij. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Standaard Uitgeverij. Alle posts tonen

maandag 13 juli 2026

De lange mars van Lucky Luke (Matthieu Bonhomme)

Van verschillende klassieke strips zijn er intussen spin-offs: series die nog wel met de oorspronkelijke serie te maken hebben, maar toch min of meer hun eigen weg gaan. Soms is er een personage dat in de oorspronkelijke reeks een bijrol heeft of een van de zoveel hoofdrollen, en dat in de nieuwe reeks alle aandacht krijgt. Dat is bijvoorbeeld gebeurd met het hondje Idefix en met Fanny van de Kiekeboes. 

hommagealbum door Gerben Vlakema
Het komt ook voor dat de personages in dezelfde constellatie opereren in een nieuwe reeks, maar wel met een andere tekenaar, zodat de strip ineens een andere sfeer ademt. Bij Suske en Wiske is dat niet alleen gebeurd in de reeksen over Amoras, maar ook in zogeheten hommagealbums, waarvan er sommige gemaakt zijn door Gerben Valkema. 

Bonhomme

Ook bij Lucky Luke is er zo'n nevenreeks, gemaakt door Matthieu Bonhomme. Tot nog toe heb ik die aan mij voorbij laten gaan. Je kunt immers niet alles lezen. Maar ik las wel goede berichten over het eerste deel, De moordenaar van Lucky Luke (2016). Het tweede deel, Wanted Lucky Luke (2021), ontglipte me in zijn geheel, maar nu is deel drie verschenen, De lange mars van Lucky Luke, en nu wilde ik toch wel eens zien wat het was. 

Bonhomme wilde van Lucky Luke weer echt een cowboy maken. Hij wilde hem ook weer laten roken. Dat deed de cowboy vroeger ook. Later kauwde hij op een sprietje. Dat roken mocht net niet, maar Luke mocht wel een sigaret rollen. 

Verder werd het personage een completer mens, die minder onverstoorbaar en onaantastbaar zou zijn. Zo kon hij gevoelig zijn voor de verleidingen van vrouwen. 

Op zoek naar een jongen

In De lange mars van Lucky Luke moet onze eenzame held op zoek naar een jongen, die verblijft bij een stam van oorspronkelijke Amerikanen. Die hebben het niet gemakkelijk. Hun gebied wordt flink aangetast door rigoureuze kap van bomen. Zo'n ecologisch thema maakt de strip in ieder geval actueel. 

Er zijn in de strip vertrouwde elementen, zoals de Daltons, die altijd goed zijn voor een brede glimlach bij de lezer, terwijl ze toch ook echt schurken zijn gebleven. 

Uiteindelijk blijkt het met de identiteit van de jongen wat anders te zitten dan we aanvankelijk dachten, Lucky Luke strijdt natuurlijk voor een rechtvaardige zaak en het loopt natuurlijk goed af. 

Het onderwerp is niet direct origineel en een tegenwerkende partner met wie je later goed kunt opschieten hebben we ook al tientallen keren eerder gezien, maar misschien is dat niet zo erg. 

De titel is natuurlijk een verwijzing naar De lange mars van Blueberry. Helemaal Blueberry is Lucky Luke niet geworden, maar hij is wel naar hem opgeschoven. 

Onderhoudend

Zonder meer is De lange mars van Lucky Luke uitstekend getekend. Er zit een zekere dramatiek in sommige tekeningen en omdat de held niet zo onverstoorbaar is, is hij menselijker en leef je meer met hem mee. Er blijft ook wel spanning in het verhaal. Het is amusement, jazeker, maar er is niks tegen goed amusement. Dit album is misschien niet direct een topstrip, maar het verhaal is onderhoudend, het leest heel lekker en het is goed getekend. 

Titel: De lange mars van Lucky Luke
Scenario, tekeningen en inkleuring: Matthieu Bonhomme
Vertaling: James Vandermeersch
Uitgeverij: Lucky Comics
2026, 78 blz. € 9,99

maandag 6 april 2026

De helden van Amoras 2: Kolmanskop (Marcel Legendre / Charel Cambré)

Het is waarschijnlijk vloeken in de Vandersteenkerk, maar ik ben nooit een heel groot liefhebber van Suske en Wiske geweest. Ik vermoed dat mijn zoon meer van die rode albums heeft gelezen dan ik. Mijn neef Joop had Bessy en daar heb ik toen aardig wat deeltjes van gelezen. Onderhoudend, zeker, maar dat was het dan ook wel. Maar misschien zou ik het een en ander moeten herlezen om er een afgewogen oordeel over te vormen. 

Toen de spin-off van Suske en Wiske verscheen, Amoras, de saga, ben ik die wel gaan lezen. Daarover heb ik geschreven bij de bespreking van Doodvonnis, het eerste deel van de serie De helden van Amoras. Onder die bespreking vind je ook de links naar eerdere besprekingen.  De helden van Amoras is al de derde serie. Tussendoor is de reeks De kronieken van Amoras verschenen. 

In De helden van Amoras zal elk deel een afgerond verhaal vormen, waarin de twee hoofdpersonen, Suske en Wiske dus, weer centraal zullen staan. Het tweede deel in die reeks is Kolmanskop. Het scenario is van Marc Legendre, de tekeningen zijn van Charel Cambré

Kolmanskop 2016

Kolmanskop

Kolmanskop is tegenwoordig een spookstadje in het zuiden van Namibië, in het zuiden van de Namibwoestijn. Het was ooit een klein, maar heel rijk stadje. Er waren namelijk diamantmijnen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog, toen bleek dat de mijnen uitgeput waren, raakte het stadje in verval. Intussen herneemt de woestijn zijn rechten. Op Wikipedia is een foto uit 2016 te zien die een indruk geeft. 

Die foto is duidelijk ook gebruikt door Cambré om Kolmanskop te tekenen. Daar komen Suske en Wiske namelijk terecht. 

Het begint ermee dat ze professor Barabas met een vrouw zien. Ze gaan samen bij een diamanthandelaar naar binnen. Sus en Wis denken er het hunne van, maar uiteindelijk krijgen ze het hele verhaal te horen. 

Vader en zoon

Lothar Schweiberg is de eigenaar van de mijnen. Hij wil Kolmanskop teruggeven aan de plaatselijke bevolking, de Herero, als compensatie voor de misdaden die Duitsers daar lang geleden pleegden. Zijn zoon, een projectontwikkelaar, heeft echter andere plannen en hij schuwt daarbij het gebruik van geweld niet. 

De vrouw met wie Barabas gezien is, is al onderweg naar Namibië, maar ze loopt gevaar. Suske en Wiske moeten er als de donder heen en dat gaat snel, met de teletijdmachine. Natuurlijk wordt het spannend en er komt nog een race met oude racewagens in voor (waarvan er eentje gesaboteerd is), maar het loopt, zoals te verwachten, goed af. 

Het onderwerp van dit deel is zeker interessant. Zo wist ik niets af van Kolmanskop en het is prettig dat mijn kennis daaromtrent wat aangevuld is. Verder is het verhaal aardig, maar eigenlijk ook niet meer dan dat. Legendre houdt er nog behoorlijk de vaart in, maar je weet al gauw wie er deugt en wie niet en dan is de afwikkeling ook weer niet heel erg verrassend. 

Tekeningen

Met de tekeningen van Cambré is trouwens niets mis. Lekker soepel getekend met een sfeervolle inkleuring door Marloes Dekkers. De tekeningen zijn geïnkt door Patrick van Oppen. 

Het is wel een onderhoudende strip, maar eigenlijk had ik er net iets meer van verwacht. Ik ben wel van plan de reeks te blijven volgen. Het volgende deel zal Cross Road Blues gaan heten en daarin zal een nieuwe scenarist aantreden, Kristof Berte. Ik ben benieuwd wat hij ervan maakt. De titel doet vermoeden dat Rober Johnson er een rol in speelt. 

maandag 10 november 2025

Zijn geur na de regen (José Luis Munuera)



Cédric is gymleraar en hij is een verwoed bergbeklimmer. Min of meer toevallig komt hij te weten dat een stel puppy's een nieuw tehuis zoeken. Hij gaat er op af en wordt zo de eigenaar van een hondje, Ubac. De twee zijn de centrale figuren in de graphic novel Zijn geur na de regen van José Luis Munuera, die hij baseerde op de gelijknamige roman van Cédric Sapin-Defour

De strip telt zeven afdelingen. Een van die hoofdstukken heet Mathilde, want zij is ook belangrijk in dit verhaal. Ze is fotografe en Ubac is degene die Cédric en Mathilde samenbrengt. Uiteindelijk zullen ze met zijn drieën een gezin gaan vormen. 

Het leven met Ubac kent zo zijn moeilijkheden. Eigenlijk mag Cédric geen huisdieren hebben en hij neemt Ubac mee naar zijn werk, wat ook al moeilijk ligt. Door de moeilijkheden kiezen Cédric en Ubac alleen maar meer voor elkaar. 

Verteld vanuit de hond

Hoe Ubac het een en ander, komen we namelijk ook te weten in de tweede afdeling, die vanuit Ubac beschreven is. Voor een hond zijn geuren belangrijk en Munuera tekent ook die geuren om de lezer zo meer de wereld van Berner sennenhond te leren kennen. 

Niet alleen vertelt Zijn geur na de regen over de hechte band tussen mensen dier, maar het gaat ook over het zoeken naar wat echt belangrijk voor je is en wat uiteindelijk je bestemming is. Cédric en Mathilde verlaten uiteindelijk de stad en gaan op het platteland wonen en Cédric begint te schrijven. Uiteindelijk zal dat resulteren in een boek, dat de lezer dan weer als strip in zijn handen heeft. 

Oud en jong

Cédric en Mathilde gaan veel om met een ouder echtpaar, dat zo'n beetje de functie van grootouders voor de jonge mensen vervult. Het brengt mooie tegenstellingen tussen jong en oud aan in Zijn geur na de regen: mensen die hun leven aan het opbouwen zijn tegenover mensen die hun leven aan het afronden zijn. Maar dat verdeelt hen niet, het brengt hen juist samen. 

De dood kan niet buiten het verhaal blijven. De vrouw van het oude echtpaar overlijdt en haar man bekent dat hij nog niet klaar was met van haar te houden en ook Ubac wordt ouder en krijgt te kampen met ziekte en later zal hij ook overlijden. Er zijn dan intussen wel al andere honden in huis. 

Zijn geur na de regen gaat ook over rouw, over in liefde terugdenken aan het moois dat je samen gedeeld hebt. En over de aanwezigheid van degenen die niet meer leven. 

Deugende personages

Ongetwijfeld is Zijn geur na de regen een liefdevol boek en het zal velen weldadig aandoen. Het lieve krijgt diepte door het verdriet, waar de personages ook doorheen moeten. Maar er is ook weinig wrijving en alle personages deugen. Dat maakt het verhaal misschien ook wel iets te lievig en voor sommigen is het misschien ook een beetje te week. Maar gelukkig komt er ook humor in voor, die een lichte toets aanbrengt en dat maakt het allemaal toch goed te verteren. 

Achter in het boek is een nawoord Cédric Sapin-Defour opgenomen, de schrijver van het oorspronkelijke boek. Daar kon ik me maar moeilijk doorheen werken, eerlijk gezegd. Ik heb zijn boek niet gelezen en dat ga ik ook niet doen. Ik heb niet zoveel met honden, dat zal ook wel meespelen, maar ik vermoed dat de strip meer ironie heeft en het allemaal minder gewichtig maakt dan de schrijver zelf gedaan heeft. 

Tekeningen

José Luis Munuera heeft het verhaal helder naverteld en zo dat je helemaal meeleeft met de personages. Maar bovenal heeft hij het geweldig getekend. Zijn lijn heeft karakter en is krachtig, de personages (ook de honden) bewegen op een natuurlijke manier. De inkleuring door Sedyas is sfeervol en ondersteunt de warme sfeer in het verhaal. 

Zijn geur na de regen is een feel-goodstrip en ik kan me voorstellen dat dat voor sommige lezers te weinig tegendraads is. Dat was het voor mij eigenlijk ook wel. Maar het verhaal is goed verteld, je kunt je onderdompelen in een warm bad en de tekeningen zijn uitstekend. 

Titel: Zijn geur na de regen
Tekst en tekeningen: José Luis Munuera
naar de roman van: Cédric Sapin-Defour
Inkleuring: Sedyas
Vertaling: Elisabeht van Haegenborgh
Uitgever: Le Lombard
2025, 136 blz. € 25,99 (hardcover)

maandag 13 oktober 2025

De helden van Amoras 1: Doodvonnis (Marc Legendre / Charel Chambré)

Een van de meest succesvolle stripreeksen in het Nederlands is Suske en Wiske. Er zullen weinig mensen zijn die nog nooit zo'n rood deeltje hebben gelezen en elk jaar verschijnen er nog steeds nieuwe albums. Intussen zijn het er meer dan vierhonderd. Ook zijn er hommagealbums, waarbij een gasttekenaar dichter bij zijn eigen stijl blijft in plaats van die van Willy Vandersteen te imiteren. 

In 2013, honderd jaar na de geboorte van Vandersteen, verscheen er een compleet nieuwe reeks, Amoras, de saga. De eerste drie delen daarvan besprak ik. Links zal ik onderaan opnemen. De reeks was duidelijk bedoeld voor een wat ouder publiek: Suske en Wiske zijn enkele jaren ouder geworden, geweld wordt niet geschuwd en er is een vrij hoog verteltempo. Het scenario was van Marc Legendre en de tekeningen van Charel Chambré, die intussen ook samen Verse vis maken. 

Die Amorasreeks bestond uit zes delen (en een deel met de making of). Daarna verscheen er een nieuwe reeks: De kronieken van Amoras, die veertien delen zou beslaan, die verscheen tussen 2017 en 2024. Oude bekenden, zoals Krimson en Sus Antigoon stonden erin centraal en de verhalen mochten uitwaaieren over verschillende albums. 

De helden van Amoras

Dit jaar is er een nieuwe reeks gestart: De helden van Amoras. Het is de bedoeling dat het hierin weer echt zal draaien om Suske en Wiske en de albums vormen afgeronde verhalen en kunnen dus afzonderlijk gelezen worden. De eerste twee delen (Doodvonnis en Kolmanskop) zijn geschreven door Marc Legendre, daarna neemt Kristof Berte het over. Deel 3 zal Cross Road Blues gaan heten. 

Amoras, de sage begon indertijd met een uitgekiende reclamecampagne: een overlijdensbericht van Wiske. Uiteindelijk bleek Wiske niet echt dood te zijn, maar de aandacht was gewekt. Iets soortgelijks gebeurde er bij de start van De helden van Amoras. Voor op het eerste deel, Doodvonnis, staat een tekening van een zoenende Suske en Wiske. Hun relatie was nooit helemaal duidelijk, maar dat ze ooit met elkaar zouden gaan zoenen, zal in weinig hoofden opgekomen zijn. 

Ook hier blijkt de situatie minder eenduidig te zijn dan de covertekening suggereert. Er zijn twee look-alikes die doen alsof ze Suske en Wiske zijn. Ze stelen een container met cocaïne en proberen daarvoor de schuld in de schoenen te schuiven van Suske en Wiske, die van niets weten. Zo komen de twee in de wereld van de harde misdaad terecht. 

Het wordt best spannend, maar het loopt natuurlijk goed af. Legendre heeft een spannend verhaal in elkaar gezet, dat in een hoog tempo verteld wordt. Het is een lekkere avonturenstrip geworden. Chambré heeft weer zijn vertrouwde, uitstekende tekenwerk afgeleverd. 

Toen deepfake onnozel leek

In Amoras, de saga waren de personages met de teletijdmachine in 2047 terechtgekomen, honderd jaar na het verschijnen van Op het eiland Amoras. De verhalen van De helden van Amoras spelen zich eerder af. Op de eerste bladzijden van Doodvonnis wordt het verhaal in de tijd geplaatst. Niet in 2047 dus:

Toch ging daar een periode aan vooraf waarin men geloofde dat er tijd genoeg was om een draai aan de geschiedenis te geven. Toen deepfake onnozel en AI handig leek en robots en androïden niet alledaags waren. Toen er bij oorlog vredesbesprekingen hoorden en er nog protest klonk als mensenrechten geschonden werden. Toen de allerrijksten zich nog niet verenigd hadden in een organisatie die ze aanmatigend 'De Academie' noemden en geen enkel hoger doel, alleen een onstilbare honger naar absolute macht, hen ertoe aanzette om samen te werken. Kortom, toen dokter Krimson nog de ergste schoft op aarde was en niemand het aandurfde om hem uit te dagen. 

Krimson is de traditionele schurk in de verhalen van Suske en Wiske en ook in dit deel neemt hij zijn vertrouwde positie in. 

Achter in Doodvonnis is een mooi dossier opgenomen, met extra tekeningen. Niet alleen schetsen, maar ook concepttekeningen en coverontwerpen. In de tekst wordt aandacht besteed aan de drie Amorasreeksen en ten slotte is er een interview met de nieuwe scenarist, Kristof Berte. Dat is een mooi toetje. 

Deel 2, Kolmanskop staat gepland voor december van dit jaar. 

Reeks: De helden van Amoras
Deel 1: Doodvonnis
Scenario: Marc Legendre
Tekeningen: Charel Chambré
Uitgever: Standaard Uitgeverij
2025, 48 blz. € 8,99 (softcover)

Eerder schreef ik over:
Amoras, de saga
1. Amoras

Suske en Wiske

Suske en Wiske Junior

van Legendre en Chambré:

dinsdag 15 oktober 2024

De vermoeide vorst (Kim Duchateau / Noël Slangen)


Het zal wel een afwijking zijn, maar ik volg de politiek in België. Afgelopen zondag was het daar weer spannend: gemeenteraadsverkiezingen. De leider van de N-VA (Nieuw-Vlaamse Alliantie), Bart De Wever, was de grote winnaar in Antwerpen en maakte zijn tocht door de menigte, met zijn vingers het V-teken makend, achter een standaard met een adelaar, die door zijn zoon gedragen werd. SPQA stond erop, wat doet denken aan het SPQR van de Romeinen, waarbij nu de R vervangen is door de A van Antwerpen. 

De speech van De Wever was misschien net wat minder geïnspireerd en minder enthousiast dan in juni, toen de opluchting groter was: het Vlaams Belang was kleiner gebleven dan verwacht. Dat De Wever de deur naar die partij stevig dicht had gehouden, had gewerkt. In Nederland zette Dilan Yeşilgöz de deur naar de PVV op een kier en de rampzalige gevolgen daarvan zijn bekend. 

De Wever

Mogelijk was De Wever afgelopen zondag vermoeid; hij heeft nogal wat op zijn bordje liggen. Zo was hij niet alleen lijsttrekker en kandidaat burgemeester voor Antwerpen, maar ook formateur voor een nieuw federaal parlement en dat is nog een hele klus. Die klus is voor het Vlaamse parlement al geklaard: er is een regering van N-VA, Vooruit (socialisten) en CD&V (christen-democraten), met twee keer zoveel vrouwelijke ministers als mannelijke. 

De Wever is de hoofdpersoon in een satirische strip, De vermoeide vorst, waarvoor politiek analist en columnist Noël Slangen de tekst leverde en Kim Duchateau (bekend van Esther Verkest) de tekeningen. De vorst is moe. Hij heeft al heel lang 'een afspraak met de geschiedenis' maar het komt er maar niet van. Gaat dat onafhankelijke Flandria er nog wel komen?

Conner Rousseau en Frank Vandenbroucke
Gelukkig is daar King Connah (Conner Rousseau, voorzitter van Vooruit), met wie hij mogelijk een verbond kan sluiten. Intussen wordt er buiten de muren van het kasteel geprotesteerd met mestkarren, aangevoerd door de gildemeesters Bruins (Jo Brouns) en Hildegard (Hilde Crevits), twee kopstukken van het CD&V, ministers in de nieuwe Vlaamse regering. 

Bedreigingen

Maar zij zijn niet de enige bedreiging. In het bos schuilen de Belangese barbaren (Vlaams Belang), die met een katapult een infiltrant in het paleis brengen: Dries van Kortenhoven (Dries Van Langenhoven, bekend van Schild & Vrienden). En dan is er ook nog het rode leger van Heden Houw (Raoul Hedebouw, PVDA). Dat bestormt uiteindelijk de poort met een stormram (met aan de voorkant de kop van Stalin). 

Dan zijn er nog de monsters in de kelder van het paleis, al houden die zich koest: Kinderopvangcrisius, Begrotingstekortos, Ineosus, Bushalafgeschaftus en de Chinese draak van Filipus De Winter. En natuurlijk het enorme gat in de begroting, waarin iemand zomaar kan verdwijnen. Vranke Theo (Theo Francken, N-VA) zit veilig opgesloten in de kerker. Ze hebben hem vast moeten ketenen omdat hij steeds de poort openzette voor de Belangese barbaren. 

De vorst heeft het maar moeilijk. En op King Connah kan hij ook al niet rekenen. Die heeft de wijnkelder ontdekt en is stomdronken. Een bezoek aan het café 't Hemelrijk in Sint-Niklaas, leidde indertijd tot het aftreden van Conner Rousseau, al is hij intussen weer helemaal terug. 

Delacroix

De Vrijheid leidt het volk

Er is wel hoop, op het laatste plaatje. Daar zien we degene die we in de werkelijkheid kennen als Filip, de koning van België, maar die in de strip een eclairbakker is. Deze koekebakker leidt samen met zijn dochter (prinses Elisabeth, hertogin van Brabant) het volk. De dochter, ontblote borst, zoals op het bekende schilderij van Delacroix, zwaait met een vlag met daarop een opgestoken middelvinger. 

Uiteindelijk blijkt de hele geschiedenis een nachtmerrie van de vermoeide vorst te zijn geweest, maar als de vorst wakker is, wacht op hem -Tadaa!- King Connah en kan het hele verhaal opnieuw beginnen. 


Vlaamse politiek

De vermoeide vorst is een heerlijke strip voor wie een beetje de Belgische en met name de Vlaamse politiek kent. Het gemiddelde Nederlandse publiek zal niet de doelgroep zijn. De kracht van de strip zit hem niet in een stevige verhaallijn, maar in de verwijzingen naar de werkelijkheid. 

Slangen neemt die Vlaamse politiek flink op de hak: Ben Weyts (voormalig minister van onderwijs, huidige Vlaamse minister van Begroting en Financiën, Vlaamse Rand, Onroerend erfgoed en Dierenwelzijn) is de nar; Jan Jambon (schildwacht Hesp, leider van de vorige Vlaamse regering) kan alleen maar dommig 'Dinges' zeggen; Melissa Depraetere (Vlaamse minister van Wonen, Energie en Klimaat, Toerisme en Jeugd, voorzitter van Vooruit toen Conner Rousseau niet beschikbaar was) is een baby; de leider van het CD&V, Sammy Mahdi, is opgesplitst in twee personen: de ridders Sammy Enerzijds en Sammy Anderzijds; Conner Rousseau is een enorme ijdeltuit.

(Nagenoeg) afwezig

Hoewel er meer dan tachtig Bekende Vlamingen te herkennen zijn, hebben niet alle politici de strip gehaald. Caroline Gennez (Vlaamse minister van Welzijn en Armoedebestrijding, Cultuur en Gelijke Kansen) ontbreekt bijvoorbeeld, evenals haar voorganger Wouter Beke (CD&V). Vincent van Quickenborne (Open VLD) wordt alleen in een terzijde genoemd: hij zou zo goed luchtfluit kunnen spelen. Als je niet weet waarnaar dat verwijst: google de naam van de minister in combinatie met 'plasincident' of 'luchtgitaar'. 

De Waalse politici (George-Louis Bouchez, Charles Michel, Elio Di Rupo, Paul Magnette, Laurette Onkelinx) spelen slecht zijdelings een rol. De nadruk ligt op de Vlamingen. 

Veel bekenden spelen een figurantenrol, zoals de comedians Alex Agnew, Jeroen Leenders en William Boeva en ook Herman Brusselmans, Bart Peeters, Kuifje, Lambik, Samson en Gert. Zelfs Hugo Claus wordt tot leven gewekt. Ook de beide scheppers van de strips krijgen een cameo. 

Achter in het album krijgen we als extraatje nog wat schetsen en een handig namenregister waarin de werkelijke namen staan van de mensen die geportretteerd zijn, in volgorde van verschijning. Daarmee kun je iedereen wel opsporen. Zo kende ik ik Liesbeth Homans (N-VA) niet. Ze blijkt drie maanden lang minister-president van de Vlaamse regering geweest te zijn. Ook Peter de Roover (raadsheer De Jatter) was mij onbekend, net als Els Van Doesburg (Dame Doeschburcht) en ik wist ook niet dat die twee een stel zijn. Maar vanaf nu zijn ze me bekend. 

Traditie

De vermoeide vorst staat in een traditie. Ik moest meteen denken aan Bij ons in het dorp (1977) van Peter van Straaten, dat verscheen in de tijd van Joop den Uyl, Dries van Agt en Hans Wiegel. In 1981 publiceerde Van Straaten De kruistocht van Dries de Betonne. Pest in 't paleis (1983) van Guido Van Meir en Jan Bosschaert noemt Noël Slangen als zijn voorbeeld. Die strip ken ik helaas niet. In 1986 verscheen Peter van Straaten De Janboel.

Het is mooi dat Slangen en Duchateau de politieke satire weer leven ingeblazen hebben. De vermoeide vorst is een vrolijke strip waarin politici te kijk worden gezet. Soms scherp, maar ten diepste vriendelijk. Niet voorkomen in deze strip lijkt me erger dan er een rol in spelen. Wie niet voorkomt in De vermoeide vorst doet er kennelijk niet toe. 

De vermoeide vorst is een fraai commentaar op de huidige Vlaamse politiek. En over een aantal jaren bladeren we de strip met vertedering door en halen herinneringen op aan de tijd toen Bart De Wever een vorst was, maar die onafhankelijkheid van Vlaanderen werd niks. Rousseau dacht dat hij koning was, maar hij was de enige die hem zo zag. Met Vlaams Belang wilde niemand samenwerken en die stormloop van de PVDA stelde uiteindelijk ook niet veel voor. Dat waren tijden!

vlnr: Theo Francken, Sammy Mahdi, Ben Weyts, Jan Jambon, Bart De Wever, Zuhal Demir, Peter De Roover, Conner Rousseau


woensdag 24 april 2024

De Buizerd 2 - Voor de eeuwigheid (Jean-Yves Delitte)

In de kinderboeken die ik in de jaren zestig van de vorige eeuw las, waren piraten altijd een gevaar. Kapers, zeerovers - de handelsschepen naar en van de koloniën moesten er weinig van hebben. Je moest ze bestrijden of aan hen ontkomen en het liefst blijf je bij hen uit de buurt. 

In verschillende strips spelen piraten de hoofdrol en leef je juist met hen mee. In die verhalen heeft het piratenleven iets aantrekkelijks. Het zal wel te maken hebben met de autonomie van piraten. Ze gehoorzamen geen overheden, kiezen hun eigen weg, doen wat hun goeddunkt. De zee, waar je zelf je route kunt kiezen, roept ook al een associatie op met vrijheid. Misschien leeft die drang naar vrijheid in ieder van ons, maar doen we daar niets mee. Maar we bewonderen wel de vrijbuiters die de grenzen van hun vrijheid verkennen. 

Zeerovers zijn uit op buit, dus er moeten schepen beschoten en geënterd worden. Dat daarbij doden en gewonden vallen is een gegeven. De piraat kan er niet zo mee zitten. Hij moet ook uitkijken voor zijn eigen hachje, want vaak wordt er op hem gejaagd. Het nemen van de vrijheid heeft zo zijn prijs. Dat nemen we voor lief als we ons vereenzelvigen met de zeeschuimers. 

Olivier Levasseur

In strips en films varen veel piraten rond, van Roodbaard tot Pirates of te Caribbean en van Brammetje Bram tot Black Sails. In het striptweeluik De Buizerd staat Olivier Levasseur (ca. 1680 - 1730) centraal, een legendarische piraat, die naar verluidt een gigantische schat verzamelde. Hij werd uiteindelijk gevangengenomen en veroordeeld. Op het schavot pakte hij zijn ketting met medaillon en wierp die in het publiek. Het medaillon zou een code van zeventien regels bevat hebben. Wie die zou kunnen kraken, zou de schat kunnen vinden. 

Als grootste verovering van Levasseur/de Buizerd geldt het schip Nossa Senhora do Cabo, De maagd van de Kaap, dat bezit was van de Portugese onderkoning van de Indiën, Xavier de Meneses. Het schip zat vol goud, robijnen en juwelen. Als het tweede deel van de strip begint, is dat schip al veroverd, maar de buit moet nog geborgen worden. 

Graf van Levasseur op Reunion
herkomst beeld: Wikipedia

Libertalia

We bevinden ons in Libertalia, een staatje in het noorden of noordoosten van Madagaskar. De vertaler van de strip maakt daar 'ten noorden van Madagskar' van, wat in ieder geval niet klopt. De verhalen over Libertalia zijn niet te controleren en we weten niet eens zeker of het wel bestaan heeft. Volgens het verhaal zou de kolonie gesticht zijn door piraten. De zeerovers vielen schepen aan, lieten gevangenen leven en bevrijdden slaven. 

De schatten worden verborgen, er wordt gevreesd voor samenzweringen, er wordt een schip veroverd en aan het eind van het album wordt De Buizerd gevangengenomen. Dat zou spannend genoeg kunnen zijn, maar het verhaal is duidelijk niet op de spanning geschreven. Zelfs bij de passages die spannend zijn, blijf je als lezer wat op afstand. De gruwelijkheid van de verovering van een schip, waarbij ook met schroot wordt geschoten, komt wel over, maar voor de rest heeft het verhaal een vrij laag verteltempo. 

Er is ook niet een dwingende verhaallijn door het album heen. Het lijkt er eerder op dat er afzonderlijke scènes na elkaar zijn geplaatst. Tussen de stukken verhaal in, wordt in vrij grote tekstblokken uitleg gegeven. Daarbij heb je meer het idee dat je in een boek over de geschiedenis aan het lezen bent in plaats van piratenstrip. 

Waarschijnlijk vindt de stripmaker Jean-Yves Delitte die historische werkelijkheid belangrijk, maar daarbij had het verhaal wel wat meer aandacht mogen krijgen. Meer vaart zou ik prettig gevonden hebben. Nu kabbelt het voort. Niet onaangenaam, maar de lezer had meer meegesleurd mogen worden. 

Tekeningen

Het tekenwerk van Delitte is trouwens heerlijk. Uit zijn tekeningen blijkt de liefde voor schepen, die ongetwijfeld historisch zullen kloppen. Als je de zeilen ziet die Delitte tekent, merk je hoe schematisch die van veel andere tekenaars zijn. De stofuitdrukking is bij Delitte echt heel goed. 

Er zijn veel vrij donkere tekeningen, wat passend is voor een strip waarin veel zaken het daglicht niet kunnen verdragen. Aan de lichtval is altijd veel aandacht besteed, waarbij Delitte nooit voor de gemakkelijke oplossing kiest. Hij schrikt niet terug voor veel werk en tekent bijvoorbeeld een gedetailleerde schaduw van een boom op een huis of licht dat door kleine ruitjes in de kajuit valt. 

Het zijn de details die indruk maken: een sloep waarvan je ook een stukje onder water ziet, omdat water nu eenmaal doorzichtig is, water dat nog in straaltjes van een schip druipt,  katrollen en touwen die allemaal precies kloppen. 

De houding van de mensfiguren is ook altijd natuurlijk, maar ik moest altijd goed kijken welk personage er getekend was. Ook dat zorgt ervoor dat je als lezer toch wat op afstand blijft. 

De Buizerd is een geweldig getekende strip, maar het verhaal heeft weinig vaart en het sleept de lezer niet echt mee. Dat is wel een minpunt. 

De Buizerd deel 2 - Voor de eeuwigheid. Tekst en tekeningen Jean-Yves Delitte. Vertalling: James Vandermeersch. Standaard Uitgeverij; 48 blz. € 19,99

maandag 22 april 2024

Vaarwel Birkenau (JDMorvan/Victor Matet/Cesc/Efa)


Een vader, een moeder, een baby. De baby groeit op, leert lopen en voetballen en is gelukkig in de nabijheid van zijn moeder. Zijn moeder blijkt een nummer op haar onderarm te hebben en het jongetje denkt dat alle moeders dat hebben, maar dat is niet zo. Op een gegeven moment komt hij erachter wat dat nummer betekent. 

Het jongetje is Richard Kolinka, zoon van Ginette Kolinka, die Auschwitz overleefde. In de graphic novel Vaarwel Birkenau wordt haar verhaal verteld. 

In 2020 is Ginette hoogbejaard, maar nog goed ter been. Haar agenda loopt vol. Bij allerlei gelegenheden vertelt ze aan jongeren over haar verleden. 

Ginette is de jongste van zes dochters. Zes jaar later wordt er nog een jongetje geboren. Het joodse gezin krijgt in Parijs in de oorlog te maken met beperkende maatregelen en ze moeten ook de gele sterren gaan dragen. Na een waarschuwing proberen ze in de vrije zone te komen, in groepjes. Uiteindelijk kunnen ze niet uit de handen van de Duitsers blijven. 

Deportatie

Ginette en haar familie worden op 1 april 1944 op transport gesteld naar het kamp van Drancy. Een paar weken later worden ze gedeporteerd naar Auschwitz. Een klein deel van de mensen op het transport wordt 'arbeidsgeschikt' verklaard. Het zijn mensen van tussen de 15 en 50 jaar. De selectie wordt uitgevoerd door SS-artsen, die na een enkele blik beslissen wie sterft en wie mag blijven leven. Onder die laatste groep bevindt zich Ginette. 

Ginette vertelt haar verhaal aan een groep scholieren met wie ze Auschwitz bezoekt. Het verhaal van het bezoek wordt afgewisseld met beelden uit het verleden en soms zie je het verleden op de achtergrond terwijl de scholieren zich op de voorgrond bevinden. Zo wordt aangegeven hoe aanwezig in het nu de gruwelijkheden zijn die in de oorlog gebeurd zijn. 

De selectie wordt door Ginette zeer levendig verbeeld: 'Jij ziet er bijvoorbeeld te jong uit. Dus... jij mag niet door. Jij wel. Jij sterft. Jij ook. Jij blijft nog even leven. Jij niet. Jij en jij mogen door. Jij dan weer niet.' Ze wijst de leerlingen aan en met het aanwijzen zou meteen hun lot bezegeld zijn, als ze in de oorlog op die plek geweest waren. 

Schuldgevoel

Een ander aangrijpend moment is kort daarvoor, als de trein aankomt in Auschwitz. Degenen die moe of ziek zijn mogen mee met de vrachtwagen van het Rode Kruis. Dat wordt tenminste gezegd. Ginette zegt tegen haar vader en haar broertje dat zij maar met de vrachtwagen mee moeten gaan. Degenen die met de vrachtwagen mee gingen, werden meteen omgebracht. 

Ginette beseft dat haar vader en broertje toch omgebracht zouden zijn, maar dat zij geadviseerd om mee te gaan met de vrachtwagen is een last die ze al 76 jaar met zich meedraagt. 

Scenario en tekeningen

De strip Vaarwel Birkenau is gebaseerd op het leven van Ginette Kolinka. Het scenario is geschreven door JDMorvan en Victor Matet, de tekeningen zijn van Cesc en Efa. Tijdens het lezen komt de lezer dicht bij het leven van Ginette en bij de gruwelijkheid van Auschwitz. Heden en verleden kruipen naar elkaar en de tussenliggende decennia lijken weg te vallen. 

Ginette is een vriendelijke vrouw, die goed is in het contact met de jongeren. Ze maakt daarbij af en toe een grapje, zodat haar verhaal verteerbaar blijft. Maar juist de noodzaak om af en toe een beetje lucht in het verhaal te brengen, benadrukt de ernst en de zwaarte ervan. 

Op de cover zie je een tekening van de oudere Ginette, die Auschwitz verlaat, lopend over de bielzen van een spoorlijn. Ze passeert haar jongere zelf, die haar tegemoet komt, Auschwitz in. Ze zal zichzelf nog verschillende keren tegenkomen in haar leven en altijd weer moet ze kijken naar wat er met de jonge Ginette is gebeurd.

Geen effectbejag

Het verhaal wordt zo verteld door JDMorvan en Victor Matet dat het in de eerste plaats indruk maakt. Daarbij is er geen enkel effectbejag. De weergave van de gebeurtenissen is eerder sober te noemen. Voor jongeren, die waarschijnlijk niet heel veel weten van wat er in de oorlog gebeurt, is het verhaal informatief. Net als de jongeren die Ginette rondleidt, komen ze te weten tot waar de spoorlijn liep, waar de gaskamers waren, hoe het kamp verdeeld was in sectoren. 

De tekeningen van Cesc en Efa zijn toegankelijk en hebben iets vriendelijks. Ook hierbij is er geen effectbejag. Soms wordt er zelfs duidelijk afgezien van het effect, als mensen in het verleden vaag, als schimmen, worden weergegeven. Dat getuigt ook van respect: de lezer hoeft geen voyeur te zijn en de mensen uit het verleden hoeven in hun moeilijkste momenten niet achteraf nog bekeken worden door ogen van mensen die alleen maar nieuwsgierig zijn. 

Dossier

Achter in het album is er een dossier opgenomen. Daarin staan foto's die ons nog eens bepalen bij het feit dat we niet zomaar een verhaal hebben gelezen, maar dat het gaat over mensen die werkelijk hebben bestaan en over gebeurtenissen die werkelijk hebben plaatsgevonden. Daartoe zijn ook fiches afgedrukt die bij aankomst in Drancy werden opgesteld, met daarop de deportatiedatum. Verder zijn er tekeningen opgenomen die indertijd gemaakt zijn door gevangenen. 

Vaarwel Birkenau is een indrukwekkend geheel geworden, waarvan je eigenlijk moeilijk kunt zeggen dat het mooi is, omdat het een aangrijpend onderwerp is. Dat kun je niet met een esthetische blik bekijken en dat is maar goed ook. Maar een goed album is het wel. 

titel: Vaarwel Birkenau
tekst: JDMorvan/Victor Matet
tekeningen: Efa/Cesc
inkleuring: Roger
dossier: Tal Bruttmain
vertaling: James Vandermeersch
uitgever: Standaard Uitgeverij
112 blz. € 25,99 (hardcover)
gebaseerd over het leven van Ginette Kolinka


woensdag 17 januari 2024

Heden verse vis 2: Bruggenbouwers (Legendre / Cambré)


Eigenlijk ben ik een hap-snap-striplezer; er lijkt geen plan te zitten achter wat ik lees, ik lees wat voorhanden is. Eigenlijk ben ik dat altijd al geweest, al heb ik ook wel eens bewust gezocht naar ontbrekende delen uit een reeks. 

Bij mijn besprekingen trek ik meestal geen lijnen naar andere albums van dezelfde tekenaar of scenarioschrijver. Dat heeft ook wel te maken met mijn opvatting dat elk album op zichzelf gelezen moet kunnen worden en zichzelf moet bewijzen. 

Maar bij het tweede album van Heden verse vis kan ik toch niet om de makers heen. Marc Legendre (scenario) en Charel Chambré (tekeningen) zijn twee grootheden, met een indrukwekkend oeuvre. Als duo kennen we ze ook van Amoras en De kronieken van Amoras, waarmee Suske en Wiske een compleet nieuwe weg insloegen. 

Niet dat ik hier inga op die andere albums, maar ze zitten in mijn hoofd als ik Heden verse vis lees. Bovendien heb ik zowel het eerste deel (En route) als het tweede deel (Bruggenbouwers) met plezier in Eppo gelezen. Dat beïnvloedt ongetwijfeld het oordeel. 

Bruggenbouwers

Sommige verhalen worden beter als je als compleet verhaal kunt lezen in plaats van in afleveringen. Het tempo van vertellen laat zich dan beter beoordelen en je ziet gemakkelijker de grote lijnen. Bij Bruggenbouwers had ik eerder het omgekeerde. In afleveringen werkt het verhaal goed: er zitten grapjes in die je humeur goed houden en steeds zijn er problemen die opgelost moeten worden. 

Maar bij lezing als album ben ik toch een beetje teleurgesteld. Het tekenwerk is goed en fris, de dialogen zijn spits en er is zelfspot: de makers zijn ook de hoofdpersonages en ze sparen zichzelf niet. Ze zijn loyaal aan elkaar, maar kunnen toch stekelige opmerkingen maken. Dat is allemaal prettig. 

Grote lijn

Maar de satire die er hier en daar in zit op de stripwereld (er komt een uitgever in voor) is redelijk ongevaarlijk.  En een groter bezwaar: er zit te weinig spanning in de grote lijn. 

Er is een brug ingestort en Legendre en Chambré zijn verplicht om een tijdlang te verblijven in een klein Spaans dorp. Ze moeten eigenlijk aan het werk, maar laten zich gemakkelijk afleiden. Ze vinden een werkplek in een strandtent, die ook een soort eet- en drinktentje wordt. Er dreigt een controverse met de burgemeester, maar die wordt al snel opgelost. 

Steeds volgt de intrige de korte termijn: er zijn wat moeilijkheden en die worden weer opgelost en daarna zijn er nieuwe moeilijkheden. Maar erg groot zijn de problemen niet en ze zorgen niet echt voor spanning. Het overkoepelende verhaal blijft, in mijn ogen althans, mager. 

Personages met weinig context

Verder lopen er nog wat personages rond die een rol speelden in het eerste album. Blijkbaar konden de makers niet helemaal om hen heen, maar hun rol is maar bescheiden. Voor lezers die het eerste album niet kennen, krijgen ze maar weinig context. 

Bruggenbouwers blijft leuk om te lezen. Het tekenwerk is prima, de zelfrelativerende toon is aangenaam en in de details is de strip ook echt grappig. Maar als je het album uit hebt, vraag je je af wat je nu eigenlijk gelezen hebt en dan blijft er niet zoveel substantieels hangen. Amusement van niveau, maar ook niet meer dan amusement. Lekker voor tussendoor, maar voor mijn gevoel kunnen de makers beter. 

Reeks: Heden verse vis
Deel 2: Bruggenbouwers
Scenario: Marc Legendre
Tekeningen: Charel Chambré
Uitgeverij: Standaard Uitgeverij
2023, 68 blz. € 19,95 (hardcover)

 

donderdag 4 januari 2024

Ik ben hun stilte (Jordi Lafebre)


Eva Rojas, 34 jaar oud, wordt ondervraagd door de psychiater Llop. Ze zijn collega's, maar er zijn klachten over Eva (excentriek gedrag) en ze dreigt haar licentie kwijt te raken. Llop vraagt haar om te vertellen wat er die week gebeurd is. Ze moet dat chronologisch doen, maar ze wijst alvast vooruit: er komt een lijk in voor en de politie heeft haar bemodderde schoenen in beslag genomen. Blijkbaar is ze verdacht. 

Dat is de beginsituatie van de strip Ik ben hun stilte van Jordi Lafebre. Al op een van de eerste pagina's treffen we Eva aan als ze op de rand van een gebouw staat, in Barcelona. Gevaarlijk lijkt dat niet direct, al maakt Llop zich druk. Je krijgt al meteen de indruk dat je hem niet serieus hoeft te nemen. 

Raamvertelling

Ik ben hun stilte is een raamvertelling. Het heden is steeds Eva die haar verhaal vertelt. Binnen dat raamwerk ontwikkelt zich het verhaal dat al voor een groot deel achter de rug is. Eva is scherpzinnig en blijkbaar goed in haar vak: ze doorziet mensen feilloos. Ze is als verteller niet helemaal betrouwbaar. Zo heeft ze medicijnen op zak, al ontkent ze dat, en ze hoort wel degelijk stemmen: haar oma en tantes, die kritisch meeluisteren en commentaar geven. 

De gebeurtenissen van de laatste tijd beginnen met een verzoek van een vroegere patiënt van Eva, Penelope. Haar oma gaat haar testament voorlezen en iedere belanghebbende mag een advocaat of vertrouwenspersoon meenemen. Penelope heeft geen advocaat en ze vertrouwt eigenlijk niemand, behalve Eva. 

De familie van Penelope heeft een wijngoed waarin een beroemde cava wordt geproduceerd. Er zijn nogal wat familieleden die belang hebben bij de erfenis. Eva maakt kennis met de familie. De jongste oom van Penelope, Franscesc Maturós, leidt het bedrijf. Na een receptie nodigt hij Eva uit in de wijnkelder. Als ze daar aankomt, blijkt hij dood te zijn. De politie stelt een onderzoek in: is Fransesc vermoord? 

Eva ontdekt meer vreemde zaken. Zo loost oom Josep (tweelingbroer van Penelopes moeder Maria) alle wijn op het riool. Er zijn duidelijk dingen aan de hand op het wijndomein die niet deugen. Maar doordat Eva diep in de zaak duikt, wordt ze zelf verdacht en haar relatie met Penelope komt ook onder druk te staan. 

Goed verhaal

Ik ben hun stilte is een heerlijke strip. Het verhaal boeit, omdat je wilt weten wat er gebeurd is en wie de moord gepleegd heeft. De structuur, waarbij Eva geregeld op de bank zit bij de psychiater, helpt om mee te leven met Eva, zeker op momenten dat zij gevaar loopt. 

Eva is een gecompliceerde figuur: ze rookt en drinkt, duikt met verschillende mensen in bed, heeft betekenisvolle tatoeages laten zetten en er zitten haar dingen dwars waarover ze niet wil praten. Zo heeft ze een afkeer van dode lichamen en over haar moeder doet ze er het zwijgen toe. 

Haar oma en twee oudtantes zijn altijd aanwezig in haar hoofd en staan haar bij. Het zijn drie krachtige vrouwen. Een van de tantes was getrouwd met een stierenvechter die slecht voor haar was. Dat liep niet goed voor hem af. De andere tante vocht in de Spaanse burgeroorlog. 

Sterke vrouwen

De drie zijn niet alleen een komische toevoeging. Ze fungeren ook als schikgodinnen, die mede iemands lot bepalen. Bovendien zijn ze voorbeelden van sterke vrouwen. Eva is aan de ene kant labiel, maar aan de andere kant is ze ook een eigenzinnige vrouw, die zich niet door anderen de wet voor laat schrijven. De degelijke variant van zo'n vrouw is de adjunct-inspecteur die de moordzaak onderzoekt. Ze wordt door Eva Merkel genoemd. Op het wijngoed lopen juist mannen rond met veel machismo. Tegenwicht is daarom zeer gewenst. 

Het verhaal zit goed in elkaar en Eva is een interessante persoonlijkheid. Hoewel er nare dingen gebeuren, behoudt ze haar optimisme en dat maakt ook dat de verteltoon licht is. Ik ben hun stilte is eerder vrolijk dan zwaar. Dat komt ook door het vertelplezier dat op elke bladzijde tintelt. Daarbij blijft het tempo lekker hoog. 

Tekeningen

De tekeningen zijn uitstekend. De karikaturale toets slaat nooit door, zodat het realisme ook altijd in de tekeningen te vinden is. Lafebre heeft een soepel lijntje, bewegingen en gezichtsuitdrukkingen worden goed weergegeven. Niet op aan te merken. 

Een doodenkele keer komt er een soort alwetende verteller om de hoek kijken die ons erop wijst dat Eva wel zegt dat ze geen medicijnen gebruikt, maar dat ze een pil op zak heeft. Ook wijst hij de lezer op de erectie van een van de personages. Die ingrepen in het vertelperspectief zijn eigenlijk niet nodig. Aan de andere kant blijf je als lezer er ook niet bij stilstaan. 

Ik kwam ook nog een foutje tegen dat mogelijk aan de vertaling is toe te schrijven. Er wordt gezegd dat Eva een mantelpak aantrekt, maar ze draagt een pak, met een broek. Voor mijn gevoel is een mantelpak (deux-pièces) altijd een combinatie van een jasje met een rok. 

Maar dat zijn maar kleinigheden. Met Ik ben hun stilte heeft Jordi Lafebre een uitstekende strip afgeleverd. Stiekem hoop ik op nog meer avonturen van Eva. 

Jordi Lafebre, Ik ben hun stilte. Standaard Uitgeverij, 112 blz. € 24,99. Vertaling: Lies Lavrijsen. (hardcover)