'Ik ben een vriend, geloof ik', zegt Elmer tegen de vader van Werther Nieland in de beroemde novelle van Gerard Reve. Het is het bekendste citaat uit het boek en het laat zien dat het moeilijk is om te weten wat een vriendschap betekent. Over vriendschap is altijd al geschreven, van De vriendschap van Connie Palmen tot Bougainville van F. Springer en Joe Speedboot van Tommy Wieringa. Maar de laatste tijd kom ik het thema vaak tegen in recente literatuur. Ik las Aardige vrouwen van Megan van Kessel, ik zag de titel We hebben het over je gehad van Stéphanie Hoogenberk voorbijkomen (Dat boek moet ik maar eens gaan lezen) en ik las We zijn hier niet om vrienden te maken van Emma van den Berg.
Dat boek begint met een kort gedeelte, dat niet begint met een hoofdletter, zodat je het idee hebt dat je ergens middenin valt. Het leest als een proloog. Later kom je erachter dat het een stukje is uit het laatste hoofdstuk.
Het woord 'hoofdstuk' klopt misschien niet helemaal. We zijn hier niet om vrienden te maken is opgebouwd in vier delen en binnen die delen zijn er een soort van hoofdstukken, maar ze zijn niet genummerd en hebben geen titel. Veel van die hoofdstukken (zo noem ik ze toch maar even) zijn scènes uit het leven van de verteller, Felicia, door haar ouder Fee genoemd, door haar vriendin Sacha Fees.
Sacha en Fees
Het eerste deel heet 'Sacha en Fees' en beschrijft de basisschooltijd van de twee vriendinnen. Aan het eind ervan komt er een derde het verbond, Cat. Een vriendin, maar ze voelt voor Felicia ook als een concurrent. Cat is er ineens als Fees terugkomt van vakantie.
Sacha wilde met z'n drieën afspreken: zij, Cat en ik. Het was een heel redelijk voorstel, dus zei ik ja, terwijl ik eigenlijk boos wilde doen. Ik wilde dat ze naar mijn vakantie in Frankrijk vroeg en welke smaken ijs ik daar geproefd had.
Fees heeft de oudere rechten op de vriendschap en ze heeft het idee dat ze daarin voorbijgestreefd is door Cat. Zeker als Cat ook nog op de begrafenis van de oma van Sacha mag komen.
Ik vroeg me ondertussen af waarom Cat op de begrafenis mocht komen. Ze had Sacha's oma nooit ontmoet toen ze nog leefde en ik vond het behoorlijk vroeg in de vriendschap om iemand uit te nodigen voor de begrafenis van een ander. Sacha en Cat waren nog niet eens op elkaars verjaardagsfeest geweest. Ze wisten niet van welke taarten de ander hield en welke cadeautjes het meest gewenst waren.
De drie leven in een toeristisch dorp aan het Markermeer. Fees vergelijkt zichzelf en Sacha met het Markermeer en het IJsselmeer, waartussen de Houtribdijk ligt. Dat zou dan Cat zijn, degene die scheiding aanbrengt tussen de twee.
Onvoorwaardelijk
Het tweede deel ('Sacha en Fees en Cat') beslaat de tijd van de middelbare school. De meiden zijn naar verschillende scholen gegaan, maar ze houden contact met elkaar. Ze hebben een hechte vriendschap en Cat benadrukt de onvoorwaardelijkheid ervan:
Onze vriendschap is onvoorwaardelijk, zei Cat. Ze zei dat wel vaker.Ja, zei ik. Sacha knikte.Als ik een zwerver moest worden óf onze vriendschap op moest geven, dan werd ik een zwerver.We knikten driftig. Ja, wij ook.Ik zou me nog eerder laten verkrachten dan dat ik onze vriendschap opgeef.Oké, zei ik.
Fees knikt driftig mee als Cat het zegt, maar uit haar laatste reactie blijkt toch enige reserve: onvoorwaardelijkheid gaat wel erg ver.
In de titel van het derde deel, 'Felicitas', is alleen de hoofdpersoon overgebleven, al heeft ze nog wel contact met Sacha en Cat. Felicitas is intussen gaan studeren. Dat de vriendschap niet meer zo stevig is, blijkt bijvoorbeeld als Fees Sacha na een feestje niet naar huis wil brengen, hoewel haar vriendin zich echt niet goed voelt.
Het is niet direct onwil, het is ook ongemak. Fees voelt zich schuldig omdat ze Sacha tijdens het feestje uit het oog verloren is en ze meent dat ze zich aan een jongen verplicht heeft nog even te blijven. Fees is een zoeker, die probeert uit te vinden hoe het leven eigenlijk moet, wie ze is.
En dat is niet gemakkelijk. In een appartement woont ze met vier anderen, die elk hun eigen kamer hebben, waarvandaan de geluiden doordringen tot Fees.
De band die ik had met de buren was de intiemste die ik gekend had. Op hun beurt konden zij mij vaker horen huilen dan mijn vrienden of familie dat ooit gedaan hadden.
Leugens
Cat is altijd erg aanwezig, weet zich te presenteren en liegt als haar dat beter uitkomt. Dat laatste was er al vanaf het begin, toen Cat vertelde dat ze een fotografisch geheugen had, maar niet meer de plek wist waar ze haar fiets neergezet had. Nu vraag Felicia haar waarom ze liegt.
Nog een paar tellen bleef ze stil. Omdat ik me dan beter voel over mezelf, fluisterde ze toen terug. Het was geen moment van inkeer of emotie, het bracht ons niet dichter bij elkaar en voelde ook niet kwetsbaar. Ze bracht het op de toon van iemand die woordjes had gestampt en een vertaling oplepelde. Droog en feitelijk.
Het laat zien dat Felicia intussen anders in de vriendschap staat dan vroeger. In de loop van de tijd gaat het minder goed met Sacha en uiteindelijk wordt ze opgenomen, wat ze aanvankelijk niet wil vertellen.
Ik wist niet hoe ik haar moest uitleggen dat ik boos was omdat Sacha altijd eerlijk tegen me geweest was, zolang ik mij kon herinneren, en ik wilde niet twee vriendinnen die logen. Ik wilde er maar eentje (...). En ik wist niet hoe ik haar moest uitleggen dat de woede me tegelijkertijd bevrijdde, dat ik het misschien al langer gezocht had, maar nooit een goede reden had gezien om het te voelen.
Felicia besluit te stoppen met de vriendschap, of die in ieder geval op te schorten. 'Misschien is het beter als we elkaar even niet zien', laat ze weten. Cat reageert met: 'Je hebt ons misschien niet meer zo hard nodig, maar wij jou wel.' Later zal ze zeggen dat ze zichzelf uit de optelsom van hun drieën haalde.
Ze wil bij de coole mensen horen, maar ze weet niet goed hoe dat moet. En ze heeft al vaak gelezen dat je eerst van jezelf moet houden om van een ander te kunnen houden. Op dat gebied heeft ze nog wel wat werk te doen.
Terugkijken
Dat lezen we in het vierde deel, 'Feest', dat niet zo feestelijk is. Nou ja, Fees viert haar dertigste verjaardag, maar juist dan is ze gedwongen om terug te kijken op de vriendschap van hun drieën. Weliswaar heeft ze negen keer de box dvd's van Friends gekeken, maar ze vraagt af in hoeverre ze een vriendin is geweest. Bij herinneringen heeft ze toch al de neiging om juist de pijnlijke naar boven te halen:
Ik heb het idee dat ik veel belangrijke dingen vergeet, terwijl juist de momenten die ik het liefst zou vergeten me hardnekkig bijblijven.
Eigenlijk kan ik best vertellen wat er precies in het vierde deel gebeurt, want We zijn hier niet om vrienden te maken moet het niet in de eerste plaats hebben van de plot, maar als iemand toch daar haar of zijn leesplezier aan meent te kunnen ontlenen, wil ik die ook niet voor de voeten lopen en daarom laat ik maar in het midden wat de aanleiding is voor de terugblik van Fees, de eerste drie delen.
Ze voelt zich achteraf schuldig tegenover Sacha (en Cat):
Ik heb dingen nagelaten en fout gedaan, en kan alleen maar concluderen dat ik hier niet ben om vrienden te maken. Ik zal zonder hen kunnen doorleven, ik zal mijn ledematen aan laten groeien, ik zal ze nooit eindeloos liefhebben. Ik ben bang dat ik vluchtig van haar hield terwijl zij dieper van mij hield. Ik ben bang dat ik slechts verliefd was, als een wind die over het wateroppervlak strijkt, terwijl zij een vriend nodig had, wat een veel dapperder gevoel van mij vereiste, dat ik nooit kon geven. En ik ben bang voor de grenzen die ik ben overgegaan in de nachten die ik bij haar thuis doorbracht, als ik bij haar mocht liggen, de keren dat ik haar aanraakte en ze verstijfde en ik doorging, en ik ben bang voor mijn aandeel in alles wat volgde, want ik wil helemaal niet verantwoordelijk zijn en ik verlang nog steeds naar slachtofferschap. Het lukt me alleen niet meer om het uit de pijn van een ander te halen.
Dat betekent dat ik ben aangewezen op mijn eigen schamele en vooral doodnormale leven.


.webp)
.webp)
.webp)
.webp)









