dinsdag 15 juli 2014
Gavrilo Princip (Henrik Rehr)
Het is honderd jaar geleden dat de Grote Oorlog begon en dat zullen we weten ook: er is intussen een grote hoeveelheid televisieprogramma's, films en boeken over wat later de Eerste Wereldoorlog genoemd zou worden. En er zijn dus ook beeldromans. Eerder besprak ik hier en hier twee boeken van Ivan Petrus Adriaenssens. Nu een boek van de Deen Henrik Rehr: Gavrilo Princip.
Voorop staat in grote letters, onder de titel, 'De man die WO I ontketende'. Tja. Goed, we weten dat Princip kroonprins Franz Ferdinand doodschoot, maar het duurde daarna nog een maand voor de oorlog uitbrak. De situatie was explosief, maar wat zou er gebeurd zijn als Rusland niet zijn troepen had gemobiliseerd?
In het boek volgen we het leven van de Bosnische Princip vanaf zijn geboorte. Daardoorheen krijgen we, zij het minder uitgebreid, inkijkjes in het leven van Franz Ferdinand, ook vanaf diens geboorte. Na lezing van het boek blijft echter vooral het verhaal van Princip hangen, met hem leeft de lezer mee. Hij is sympathiek en je kunt je dan ook goed voorstellen dat hij de moord beging.
Ik snap dat identificatie het lezen vergemakkelijkt, maar af en toe had ik ook wel wat behoefte aan distantie. Was het logisch dat Princip bereid was een moord te plegen. Hij neemt wel erg gemakkelijk afscheid van zijn geliefde Jelena. Rehr heeft het levensverhaal wel erg naar de moordaanslag toe geschreven, heb ik de indruk.
Wel is het Rehr goed gelukt om de ingewikkelde situatie uit te leggen van de landen die later Joegoslavië zouden vormen. We krijgen helder de geschiedenis uitgelegd, van de strijd tegen het Ottomaanse Rijk tot de onoverzichtelijke Balkanoorlogen die aan de Eerste Wereldoorlogen vooraf gingen.
Daar wist ik nog maar weinig van af. Ik had me niet gerealiseerd dat Oostenrijk-Hongarije al in 1908 Bosnië en Herzegovina had ingelijfd en dat Princip en zijn makkers ook daardoor wel wat te verhapstukken hadden met de dubbelmonarchie.
Rehr maakt van Princip een tragische figuur, die bereid is om een daad te stellen en die door allerlei toevalligheden daar ook nog de kans voor krijgt. Omdat hij op de dag van de aanslag, 28 juni 1914 nog geen twintig jaar oud was, werd hij niet ter dood veroordeeld. Hij haalde overigens het einde van de oorlog niet: op 28 april 1918 stierf hij in Theresiënstadt aan de gevolgen van tuberculose en mishandeling.
Rehr heeft een realistische manier van tekenen, met een overdadig gebruik van zwart. Ik kan me voorstellen dat al dat zwart sommige lezers wel eens te veel wordt. De tekeningen zet hij op sommige bladzijden in witte kaders, op andere in zwarte. De plaatjes zijn minutieus gedetailleerd, de personen zijn soms net iets aan de stijve kant, maar nooit zo dat het hinderlijk is.
Hieronder een van de meer lichte pagina's. De witte vlakken lichten op, maar er is maar weinig wit. De achtergrond wordt vaak helemaal dichtgearceerd. Knap tekenwerk is het natuurlijk wel.
Gavrilo Princip maakt ons duidelijk hoe de situatie nu was aan begin van de Eerste Wereldoorlog. Voor wie daarin geïnteresseerd is, is dit in ieder geval een goed boek. En verder geeft het boek aardig de geschiedenis van Princip weer, een man van wie we nooit gehoord zouden hebben als hij het fatale schot niet gelost had.
Titel: Gavrilo Princip. De man die WO I ontketende.
Tekst en tekeningen: Henrik Rehr
Uitgever: Blloan
Hardcover, 232 blz. € 27,95
maandag 14 juli 2014
Gerucht en geweld (Beb Vuyk)
Op een rommelmarkt kwam ik ze tegen: twee boekjes van Beb Vuyk: Gerucht en geweld en Reis naar het vaderland in de verte. Het ene kostte vijftig cent, het andere vijfentwintig. Ik kocht ze. Op dat moment wist ik niet zeker of ik al iets van Vuyk gelezen had. Ik had ooit een oude uitgave van Duizend eilanden (1937) in mijn kast staan, maar die had ik alleen maar doorgebladerd.
Had ik haar Kampdagboeken (1989) gelezen? Dat zou zomaar kunnen. Voor een spreekbeurt ter gelegenheid van zoveel jaar bevrijding had ik ooit een heel stel oorlogsdagboeken gelezen. Enkele (David Koker, Renata Laqueur) stonden mij nog goed bij. Misschien had ik toen ook Kind in kamp van Mischa de Vreede gelezen, dat geen dagboek is, maar dat wel aansluit bij het thema. Van de dagboeken van Vuyk wist ik het niet meer zeker.
Pas toen ik het boekje in mijn kast zag staan, herinnerde ik het me. Ja, ik had het wel degelijk gelezen. Vrij sober verteld. Wel goed. Een klein stukje ervan wordt voorgelezen in de tv-serie De Oorlog. Dat stukje kun je hier horen.
Van de twee rommelmarktboekjes heb ik Gerucht en geweld intussen gelezen. Het kwam uit in 1959, maar de uitgave die ik heb, is van 1992. Een jaar daarvoor was Vuyk overleden, 86 jaar oud. Wellicht had haar dood wat publiciteit opgeleverd en leek het de uitgever daarom een goed idee om met een herdruk te komen. Misschien ook was ze toch weer een beetje in de belangstelling gekomen met haar kampdagboeken uit 1989. Voor zover ik me herinner, was er niet veel aandacht meer voor de schrijfster Vuyk.
Nou ja, men kende haar wel, maar dan vooral als schrijfster van kookboeken. Haar Groot Indonesisch kookboek (1973) heb ik op verschillende plaatsen aangeprezen gezien. Ook schreef ze een boek met Vegetarische recepten uit de Indonesische keuken (1982).
Vuyk was eigenzinnig en ging altijd de weg waarvan ze vond dat ze die moest gaan. Ze zal op weerstand gestuit zijn, toen ze na de oorlog onverbloemd de kant van de nieuwe republiek Indonesië koos. In 1958 had ze in dat land trouwens ook genoeg tegenstanders: ze moest na een serie conflicten het land verlaten en keerde terug naar Nederland.
In de oorlog is Beb Vuyk geïnterneerd geweest in verschillende kampen. Ook is ze enkele weken bij de Kempeaiai, de beruchte Japanse politie geweest. De verhoren daar gingen vaak met martelingen gepaard. Daarover heeft ze nooit iets willen vertellen. Maar in Gerucht en geweld schrijft ze er wel over, in het verhaal 'All our yesterdays'.
Zo'n beetje alle verhalen in het boekje gaan over de doorwerking van de oorlog; over hoe de mensen na de oorlog nog lijden onder wat ze hebben meegemaakt. In het genoemde gaat het over een vrouw die nog dromen heeft over de tijd dat ze verhoord werd.
'Droomde u?'De droom/herinnering gaat inderdaad niet over de verhoren. De hoofdpersoon is gevangen genomen, samen met twee andere vrouwen, An en Chris. Ze hebben met elkaar afgesproken wat ze zullen zeggen bij een verhoor. Maar dan wordt Bennie binnengevoerd, een krijgsgevangene. Hij is niet op de hoogte van het verhaal dat de vrouwen verzonnen hebben en zal hen verraden.
'Ja, van de Kempaitai.' (...)
'Hebben ze u gemarteld?' vroeg de langste.
'Ja, met electriciteit, maar dat was het niet.'
In de vijf verhalen uit Gerucht en geweld hangt iets dreigends, ook al hebben de personages de ellende al achter de rug. Het verleden is groot en duikt op verwachte en onverwachte momenten op. We krijgen soms uitgebreid te lezen wat er gebeurd is, soms beknopt. De toon is vrij zakelijk en dat maakt de verhalen alleen nog maar indringender.
Is dit een goede verhalenbundel? Dat is moeilijk te zeggen. De verhalen zijn niet altijd evenwichtig opgebouwd, de stijl is niet opvallend. Maar je ontkomt niet aan beklemming. Behalve daarom kun je de verhalen lezen vanwege de onafhankelijke stem die erin doorklinkt, die een visie geeft die je niet overal leest. Vuyk heeft niet een simpel vijandbeeld, de zaken liggen minder eenvoudig. Een citaat:
'Eigenlijk was het leven in krijgsgevangenschap veel eenvoudiger,' zei Hermans 'n paar dagen later. 'Je leefde naar het einde toe en dat einde was de dood of de vrede. Als het je lukte om in leven te blijven en zelf heb ik altijd geloofd dat ik het halen zou, dan zou je weer teruggaan. Erge problemen had ik toen niet. De Jappen waren wreed. Je had medelijden met hun slachtoffers, maar hun wreedheid heeft mij om henzelf nooit geschokt. Ik kende ze niet en ik nam zonder meer aan, dat het bij hun systeem hoorde.'
'Maar nu kom ik er niet zo makkelijk meer van af. In dat ene jaar na de oorlog heb ik ontzettende dingen zien gebeuren. Ik heb beestachtigheden meegemaakt, zowel van Hollanders als van Indonesiërs, mensen die ik ken en aan wie ik verwant ben. Soms heb ik weleens gedacht dat wreedheid een latente ziekte moet zijn of een dronkenschap, die ontstaat door het geluid van schoten en het zien van bloed.'
Uit: 'De jager en zijn schietgeweer'Vuyk zal wel vergeten worden, zoals de meeste schrijvers. Maar van tijd tot tijd zal iemand, bij voorbeeld op een rommelmarkt, een boekje van haar vinden en het gaan lezen. In zijn hoofd zal zij nog even doorleven.
donderdag 10 juli 2014
En nu maar hopen dat de boeddhisten zich vergissen (Blast deel 4)
Al de hele reeks weten we dat er iets vreselijks is gebeurd. Polza wordt namelijk al vier delen lang ondervraagd door de politie. Stukje bij beetje komen we zijn verhaal te weten: hoe hij aan het zwerven sloeg en op die manier losraakte van al zijn vastigheden. Hoe hij mishandeld en verkracht werd. Hoe hij een medepatiënt en diens dochter ontmoette. In deel 3 kreeg je de indruk dat het met die dochter slecht was afgelopen. In dit deel lezen we of dat inderdaad zo is.
Blast is een beklemmende strip. Dat geldt ook weer voor dit vierde deel, En nu maar hopen dat de boeddhisten zich vergissen. Je hebt als lezer sympathie voor de logge Polza, maar je weet ook dat hij tot vreselijke dingen in staat is. Hij komt in omstandigheden waarop hij nauwelijks grip heeft, zodat je je als lezer, en dus als degene die zich identificeert met hoofdpersoon, machteloos voelt.
Omdat Polza ook een duistere kant heeft, kun je dit boek niet lezen zonder deel te krijgen aan die duisternis. Misschien is niet alleen Polza, maar ben jijzelf ook schuldig. Als Polza zomaar los kan raken van zijn ankers, waarom jij dan niet? Lezen van Blast betekent dat je bereid moet zijn je veilige positie op te geven.
Dat deze strip zo dicht op je huid gaat zitten, komt natuurlijk doordat Larcenet zo goed is. Het scenario zit uitgekiend in elkaar, maar ook de tekeningen zijn goed. Het grootste deel is in zwart-wit. Tussendoor komen kleurige kindertekeningen voor. In de vorige delen duidden die op wat Polza de 'blast' noemde, die hij onderging mede onder invloed van drugs. Hij liet zich meevoeren door visioenen of wanen.
In dit deel komen ook wel andere tekeningen in kleur voor, zoals het stripje over Jasper, de bipolaire beer, dat getekend is door Jean-Yves Ferri. Maar het grijze en zwart-witte voert de boventoon. Alles komt samen in dit deel: de dood van Polza's vader, de Paaseilandbeelden, de dood van de schilder en meer en meer.
Het niveau waarop Larcenet werkt, is ongekend hoog. Blast behoort tot de beste series die ik ooit gelezen heb. Als je de boeken uit hebt, hoef je even niets anders: geen andere strips, geen boeken, geen muziek. Je wilt alleen maar heel stil zijn. Wie dat voor elkaar krijgt, moet een meester zijn. Larcenet is dat.
De eerste twintig pagina's (ook in het Frans) vind je hier.
Omdat ik nog steeds problemen heb met mijn scanner, heb ik de plaatjes moeten plukken in weilanden van andere boeren.
woensdag 9 juli 2014
Krimson (Amoras deel 3)
Series beoordeel je als geheel: je begint eraan en besluit om de serie al of niet te volgen. Als je afhaakt, na deel 1 of later, is de serie blijkbaar niet goed genoeg. Als je de serie helemaal volgt, kun je achteraf nog steeds zeggen dat die tegengevallen is of verzuchten dat het een heerlijke reeks was.
Ik begon aan de serie Amoras, laten we maar zeggen Suske en Wiske voor een wat ouder publiek, omdat ik wel eens wilde weten wat het was. Over deel 1 schreef ik hier. Ik was tevreden over de vaart van het verhaal en de frisse aanpak.
Wel meende ik een inconsequentie te zien, maar dat bleek een slimme aanwijzing voor wat er te lezen was in deel 2. In dat deel zagen we ook een zwartharige vrouw met grote ogen, een medepatiënte van Sidonia. Ik voorspelde dat ze in een volgend deel een grotere rol zou gaan spelen.
Intussen is dat volgende deel er: Krimson. En, inderdaad, de vrouw komt erin voor en ze blijkt niet alleen maar een figurant te zijn. Haar rol zal nog groter worden. Ook de rol van de strijdbare jonge vrouw Jérusalem zal zich nog verder ontwikkelen. Op de eerste pagina van deel 3 heeft ze rode ogen, iets wat Suske niet op lijkt te merken. Maar de studievriend van Barabas, een aalmoezenier met wenkbrauwen als Sean Connery, ziet haar als iemand die het teken van het beest draagt. Vlak daarna sterft hij en dat zal niet toevallig zijn.
Het deel Krimson is weer een mooie mix van vragen die beantwoord en vragen die opgeroepen worden. Dat houdt het verhaal gaande. Lambiek en Jerom komen in de buurt van professor Barabas, Jérusalem zoent met Suske en komt dichter bij Krimson, we weten dat Suske en Wiske leven, hoewel anderen denken dat ze dood zijn en Sidonia, die iedereen nu als patiënt ziet, zal straks meer weten dat menig ander personage.
Aardig, aardig. Nu ik de eerste drie delen heb, zal ik deel 4 ook wel kopen. En met plezier lezen. Dat deel verschijnt op 21 oktober. Ik heb wel het idee dat de publiciteit rond de serie langzaam wat minder wordt. Maar misschien is die domweg niet meer nodig.
Voor meer over de serie: kijk ook eens hier.
dinsdag 8 juli 2014
Omnivisibilis
De film The Truman Show (1998) gaat over iemand die een overzichtelijk leventje denkt te leiden. Alles is echter geregisseerd: hij is de hoofdpersoon in een realityserie. Iedereen acteert, hij is de enige 'true man'. De kijkers kunnen hem volgen en weten precies wat hij doet.
Aan die film moest ik denken bij het lezen van strip Omnivisibilis. Scenarioschrijver Lewis Trondheim heeft een verhaal ontwikkeld met een wonderlijk uitgangspunt: van het ene op het andere moment is er iets vreemds aan de hand met de hoofdpersoon, Hervé Boileau. Als mensen hun ogen dichtdoen, zien ze wat Hervé op dat moment ziet en als ze hun oren dichtstoppen, horen ze wat hij hoort.
Voor Hervé heeft dat tot gevolg dat hij zijn privacy kwijt is: iedereen herkent hem en veel mensen proberen beter van hem te worden. Zelfs zijn vriendin doet een poging om via Hervés blik gesignaleerd te worden, opdat iemand zal zien hoe groot haar acteertalent is. Gelukkig heeft Hervé vrienden die hem af willen schermen, maar het is lastig om een veilig plekje voor hem te vinden.
De vrienden hebben het plan om samen met Hervé een flinke klapper te maken met zijn gave, maar intussen zit zo'n beetje de hele wereld achter hem aan. Dat moet haast wel verkeerd aflopen.
Omnivisibilis is een ongemeen grappige strip. Het idee is briljant, maar het is bovendien met een ijzeren consequentie uitgewerkt. Het probleem neemt absurde vormen aan, maar je gaat als lezer moeiteloos mee met de ontwikkelingen als je Hervés gave (of handicap) eenmaal geaccepteerd hebt.
Hervé is duidelijk een anti-held, wat hem iets sympathieks geeft. Het is net zo'n lulletje als het grootste deel van de lezers, dus bijna iedereen kan zich met hem identificeren. En dan blijkt ineens de hele wereld om hem te draaien! Daarmee willen lezers graag meeleven.
De tekeningen zijn van de hand van Matthieu Bonhomme. Ze zijn helder; de enige steunkleur die gebruikt wordt (turquoise), kent geen nuances. Bonhomme houdt soms de decors eenvoudig, wat het doorlezen vergemakkelijkt, maar hij heeft ook lol in grotere tekeningen, waarop veel gebeurt.
De combinatie van een spannend, grappig verhaal en heldere tekeningen is zeer gelukkig. Wie eenmaal aan Omnivisibilis begint, is verkocht: hij moet het in één ruk uitlezen. Heerlijk! Hoe het boek afloopt? Of het wereldwijde tumult op een ramp uitloopt? Lees dat maar lekker zelf.
(vanwege problemen met de scanner, val ik terug op een illustratie die ik elders gevonden heb. Met Franse tekst)
Titel: Omnivisibilis
Scenario: Lewis Trondheim
Tekeningen: Matthieu Bonhomme
Uitgever: Blloan
Hardcover, 160 blz. € 19,95
maandag 7 juli 2014
Kathy's kat
Een kattenliefhebber ben ik nou niet direct en een meisje ben ik ook al niet. Wat moet ik dan met een strip als Kathy's kat, waar op elke bladzijde een kat (Sushi) rondspringt en waar op verschillende bladzijden het meisjesroze als kleur overheerst? Ik behoor duidelijk niet tot de doelgroep.
Ik moet dan ook een slagje om de arm houden als ik schrijf dat meisjes (hoogste groepen basisschool, laagste klassen voortgezet onderwijs) waarschijnlijk de strip wel kunnen waarderen. Kathy's kat is gevuld met verhaaltjes van een pagina lang over een meisje met haar kat. Die kat heeft kuren die we van zo'n beest gewend zijn: bijvoorbeeld dat ze overal haar nagels in zet.
Niet elke grap is even verrassend, maar de doelgroep vergeeft dat de scenarioschrijvers (Christophe Cazenove en Hervé Richez) waarschijnlijk wel. De tekeningen (van Yrgane Ramon) zijn goed: mooie, soepele lijnen en veel expressie in de kattenkop. De tekeningen zijn niet in kaders geplaatst. Als het nodig is, wordt het ene plaatje van het andere gescheiden door de achtergrondkleur, vaak een vlak met afgeronde hoeken.
Er zijn intussen al heel wat stripkatten: van Garfield tot Simon's Cat en van Tom Poes tot de rode kater van Jan en Jans. Nog niet zo lang geleden noemde ik hier het boek van Serge Baeken over zijn katten. Sushi zie ik voorlopig nog niet concurreren met de eerder genoemde katten, maar er zullen genoeg meisjes zijn die spinnen bij de verhaaltjes over haar.
Titel: Kathy's Kat
Scenario: Christophe Cazenove en Hervé Richez
Tekeningen en inkleuring: Yrgane Ramon
Uitgever: Ballon Comics
softcover, 48 blz. € 6,50
zondag 6 juli 2014
Sneeuw in Afrika (Frans Willem Verbaas)
Een jaar geleden las ik De vierde vrouw van Frans Willem Verbaas, een boek dat mij aangenaam verraste. Ik schreef er hier over. Toen al had ik zijn debuut, Sneeuw in Afrika, in huis. Het was een geduldig boek. Zonder morren wachtte het een jaar en toen werd het gelezen.
In veel boeken uit de christelijke hoek ontbreekt het aan handeling. De personages voeren lange gesprekken, waarin hun opvattingen duidelijk worden, of ze lezen boeken die hen tot nieuwe inzichten brengen of ze halen hoofdstukken lang jeugdherinneringen op. Vaak vergeet de schrijver dat er ook wel eens iets mag gebeuren.
Sneeuw in Afrika begint wel meteen met ontwikkelingen: de antiquaar Thomas Masmeijer en zijn vrouw Lizette reizen naar Mali. Al op de eerste dag meldt hun zoon Mark, die op de winkel zou passen, dat er ingebroken is en dat er een kostbare reeks boeken is gestolen. Al gauw blijkt dat er een luchtje aan het zaakje zit: zijn zoon heeft de politie en de verzekering niet gewaarschuwd.
Ook verderop in het boek, als Lizette met een vriendin naar het noorden van Afrika reist en Thomas achterblijft, is er aardig wat spanning in het boek. Maar er zijn ook momenten waarop het verhaal een beetje inzakt.
Thomas bijt (hoe symbolisch!) zijn gebit kapot op de hostie. Het leidt tot verschillende bezoeken aan de tandarts, met wie hij lange gesprekken voert. De titel van het boek verwijst ook naar de tandarts, die in zijn praktijk foto's heeft hangen van zijn wintersport.
Verder zijn er passages waarin Thomas terug moet denken aan wat hij gelezen heeft in een boek van Willem Barnard. De herinneringen aan diens werk komen soms spontaan boven. Waarom die wel en herinneringen aan andere schrijvers niet? Masmeijer heeft een boek van Barnard bij zich, maar in grote delen van Sneeuw in Afrika leest hij daar niet in.
En dan is er nog de periode dat Thomas zijn vrouw bedroog met een collega, Jozien. Het is allemaal al een hele tijd achter de rug, maar Thomas denkt nog wel heel vaak aan Jozien en in zijn gedachten is zij nog steeds dichtbij. Het bedrog had Verbaas duidelijk nodig om te laten zien dat Thomas in zijn relatie met Lizette en met zijn zoon een flinke steek heeft laten vallen. Maar waarschijnlijk hadden voor het verloop van het verhaal alle passages met Jozien geschrapt kunnen worden. Ook zonder die is wel duidelijk dat de relatie tussen Thomas en Lizette niet goed is. Maar blijkbaar wilde Verbaas een duidelijk aanleiding hebben.
De stroefheden in die relatie weet Verbaas trouwens wel goed op te roepen, bijvoorbeeld in de korzeligheden in hun korte dialoogjes. Er zijn geen grote ruzies, maar aan alles voel je dat het niet goed zit.
Het slot van de roman sluit mooi aan bij het begin: Thomas zit in het vliegtuig, met het oranje rugzakje van Lizette op de stoel naast zich. De situaties lijken op elkaar en toch verschillen ze enorm. Waaruit dat verschil bestaat, kan ik hier niet uit de doeken doen, omdat ik niet te veel van het verhaal weg wil geven. Verbaas laat alleen de overeenkomst zien, maar daardoor wordt voorval het verschil duidelijk. Dat is knap gedaan.
Sneeuw in Afrika is een aardig boek, beter dan veel andere boeken van christelijke snit. In sommige gedeelten houdt de verteller een flink tempo aan en hij laat overtuigend zien hoe de nieuwe omgeving blootlegt waaraan het schort tussen Thomas en Lizette. Niet alle plotwendingen vond ik even aannemelijk en soms kakte het verhaal een beetje in, maar ik heb me tijdens het lezen niet verveeld. Dat is wel wat waard.
Abonneren op:
Posts (Atom)












