dinsdag 3 december 2013

De dwaling


In 1995 was ik een dag te gast bij Harmen Wind. Ik interviewde hem voor het blad Liter. Vooraf had ik zo'n beetje alle dichtbundels gelezen die er van hem verschenen waren. De laatste was toen Waterstaat, uit 1994. Aan de hand van zijn gedichten stelde ik de vragen.

Het was een prettige dag, al was het geen licht gesprek. Wind was een denker, of misschien wel een piekeraar. Hij wilde eerlijk praten over de opvattingen waarmee hij grootgebracht was en hoe hij die terug te vinden waren in zijn gedichten.Zoekend formuleerde hij.

Later nodigde hij me uit toen in een klein gezelschap zijn eerste roman, Het verzet, werd gepresenteerd. Het was een roman over vader en zoon, over het zoeken en vinden van een andere houding ten opzichte van het geloof. Ik vond het een mooi boek en later heb ik het verschillende keren als cadeau gebruikt.

Na Het verzet bleef Wind gedichten schrijven, wat resulteerde in goede bundels. De meeste ervan las ik. Alleen Aardewerk is mij, om niet meer te achterhalen redenen, ontglipt. Winds gedichten zijn vrij klassiek en veel ervan zitten goed in elkaar. In zijn laatste, Kilroy was hier, vond ik de afdeling 'Confrontaties' onder de maat, maar de beste gedichten waren goed.

Een bloemlezer zou uit elke bundel van Wind de mooiste gedichten moeten halen en die samenbrengen in bundel. Misschien komt het er daar ooit nog van.

Na Het verzet ging Wind ook door met het schrijven van romans. De eerstvolgende was Meesterschap, over een docent die een relatie onderhoudt met drie leerlingen tegelijk. Het boek viel me zo tegen, dat ik verder geen proza van Wind meer gelezen heb. Jaren later kocht ik tweedehands nog een roman, waaraan ik nooit toekwam.

Wind werd ziek. Hij was op dat moment bezig aan een roman. Dat zal De dwaling geweest zijn, het boek dat nu postuum verschenen is. Winds vriend Henk van der Ent hield een dagboek bij over de laatste maanden met de dichter. Ik heb het gelezen en het leek me dat er een publiek voor moest zijn, maar tot nu toe bleek geen uitgever geïnteresseerd.

De dwaling is geen goede roman, al leest het boek nog aardig weg. Vooral in het begin weet Wind er een boeiend verhaal van te maken. Gerben Opmaat ziet op zijn rondje joggen een fiets half onder de struiken en meent iets te horen. Zo wordt hij getuige van een poging tot verkrachting. Het slachtoffer, de zwemkampioene Sanne Visser, verweert zich en doodt daarbij haar aanvaller, waarna ze in verwarring de plek verlaat.

In plaats van de politie in te lichten, doet Opmaat allerlei domme dingen (hij neemt bijvoorbeeld de portefeuille van de overledene mee), waardoor hij van getuige verandert in verdachte. Hij wordt tijdelijk in hechtenis genomen.

In zijn gedachten hemelt Gerben Sanne op. Als hij haar ontmoet, beziet hij haar als ware zij de heilige maagd: 'Wees gegroet, Sanne, Zilveren Sanne, vol van genade, de Heer is met u. Gij zijt de gezegende onder de vouwen...'

Het blijkt dat Gerben bereid is zich op te offeren als Sanne maar niet de schuld krijgt van de moord, die hij een daad van rechtvaardigheid acht. Wind benadrukt Gerbens opofferingsgezindheid door het verhaal rond Pasen te situeren. Die nadrukkelijke symboliek maakt het verhaal er niet beter op.

In de loop van het boek wisselt Wind van perspectief. Van Gerben naar Sanne en dan achtereenvolgens naar Gerbens vrouw Gerda en hun kinderen Janneke en Arie. Er zit nog wel enige ontwikkeling in het verhaal, maar het belangrijkst zijn toch de gedachten van de personages. Die zijn een groot deel van de tijd aan het redeneren. Daarbij is het Wind niet gelukt om iedereen zijn eigen stem te geven. Alle personages lijken op elkaar.

Verder lijkt het of Wind met de plot geworsteld heeft. De roman ontwikkelt zich naar een rechtszaak, waarin duidelijk zal worden wat recht is en of het recht in overeenstemming te brengen is met het rechtvaardigheidsgevoel. Maar voor het zover kan komen, is De dwaling afgelopen. Op een niet zo aannemelijke manier is er een eind aan gebreid.

Dat De dwaling verschenen is, kan ik me wel voorstellen. Het boek was immers af, al weet je nooit of Wind er nog meer aan gesleuteld zou hebben als hij daarvoor de tijd gehad zou hebben. Als het geschreven is, wil je het ook in druk hebben. Dat is overigens op een goedkope manier gedaan, met een flodderkaftje erom.

De dwaling is er en dat is het dan. Het behoort tot het oeuvre van Wind, en thematisch gezien past het daar ook in. Maar Wind zal vooral herinnerd blijven als dichter en als auteur van Het verzet. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen