vrijdag 8 februari 2013

De hemel is van zout



Een lezer heeft het recht om een boek niet uit te lezen. Maar zelden maak ik gebruik van dat recht. Ik geloof dat een boek van Dick Schouten me een keer zo tegenstond dat ik halverwege ben gestopt, maar verder weet ik eigenlijk geen voorbeelden. Als ik weinig van een boek verwacht, begin ik er niet aan en als ik aan een boek begonnen ben, lees ik het uit. Het zal wel een boodschap zijn die ik bij mijn opvoeding heb meegekregen: als je ergens aan begint, maak je het ook af.

Maar bij De hemel is van zout van Mance ter Andere heb ik wel vaak de neiging gehad om het boek maar terzijde te leggen. Ter Andere houdt niet van handelingen, denk ik. In het boek gebeurt dan ook nauwelijks wat. Er wordt veel gepraat, veel gedacht. Er worden conclusies getrokken, er wordt gepreekt, er worden meningen verkondigd. Tja, en dat is het dan wel zo ongeveer.

De auteur heeft het erg getroffen met zijn personages. Die deugen namelijk. Ze zijn allemaal zonder meer goed, vinden zichzelf goed (al zullen ze dat bescheiden ontkennen) en vinden elkaar goed:
'Ik wist meteen al bij onze ontmoeting vooraf aan de proefles dat ik bij jou veilig was,' belijdt Frieda. 'Jouw werkelijke aandacht, jouw stem gaven me rust, de zenuwen waren zomaar weg.
'Die uiterlijke kalmte was vaak camouflage,' wierp ik tegen.
Stilistisch is het ook niet veel met dat 'belijdt' en 'wierp ik tegen', maar veel erger is dat de personages niet interessant zijn. De hoofdpersoon is een oude, zelfingenomen man die moppert op alles wat veranderd is: de nieuwe directeur van de school doet het anders dan hij vroeger deed, in de kerk gaat het anders dan het vroeger ging,

Het gemopper van de hoofdpersoon (dat niet als gemopper over mag komen), lijkt ook over te  slaan op de andere personages. Zijn vriendin Frieda moppert dat het souterrain niets anders is dan een 'betonnen showroom voor trotse en vaak rivaliserende auto-eigenaren' en zijn aangenomen dochter moppert bij het zien van een Indiase leerlinge: 'bijna weer weggesaneerd door een minister die op last van een gedoogpartij met kruideniersgewichten woog, hij had maar de ruimte voor een paar grammetjes meer.'

Ter Andere is vooral bezig geweest meninkjes in zijn boek te stoppen. Nou ja, hij zal ze kwijt gemoeten hebben en het zal hem wel opgelucht hebben, maar ik had graag een verhaal gelezen. Ik had graag gezien dat er van tijd tot tijd iets gebeurde. Dat zat er niet in.

Eerlijk gezegd kan ik geen enkele reden bedenken waarom iemand De hemel is van zout zou willen lezen. De vorige roman van Ter Andere kwam terecht in de CLO-top 15. Ik heb al eerder mijn bedenkingen uitgesproken bij dat lijstje, waarin ook uitgesproken slechte boeken staan. Maar misschien is Jij wel een stuk beter dan De hemel is van zout. Slechter kan het onmogelijk zijn.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen