donderdag 22 maart 2012

Stadsdichter (6)

Tot vandaag konden kandidaten voor het stadsdichterschap in Ede zich aanmelden. Zij kregen de volgende informatie thuis:


Informatie verkiezing stadsdichter: Op woensdagavond 18 april organiseert Cultura, de gemeente Ede en De Edese Post een verkiezingsavond. Het programma begint om 20.00 uur, deelnemers worden om 19.30 uur verwacht. De dichters zullen tijdens een aantal voorronden enkele gedichten voordragen. Zij ontvangen hiervoor een aantal thema’s/ opdrachten. Naast vrije gedichten kan men aan thema's als 'Ede in 2025'.
Het publiek heeft een stem in wie er de finale zal halen. Uiteindelijk bepaalt de jury de winnaar (de jury bestaat uit Gerry Poelert, directeur Cultura, Evert van Milligen, de wethouder van cultuur, Jan van Es, coördinator redactie Wegener en Julia Hofstede, Paard van Troje). 
Informatie stadsdichter Ede: De stadsdichter van Ede krijgt van de gemeente een contract aangeboden waarin een aantal afspraken worden vastgelegd. Bij een vijftal bijzondere gebeurtenissen en/of evenementen, nog nader te benoemen door de gemeente Ede, zal de stadsdichter een zelf geschreven gedicht, speciaal voor de gelegenheid, voordragen. Uitgangspunt hierbij is de poëzie dichter bij de Edenaar te brengen. De stadsdichter ontvangt hiervoor van de gemeente een vergoeding. De stadsdichter wordt benoemd voor een periode van 3 jaar.

In de eerste regel van de informatie treffen we een congruentiefout aan: 'organiseert' in plaats van 'organiseren' en verderop is waarschijnlijk het woord 'denken' weggevallen. Dat zal wel aan de tijdsdruk te wijten zijn.

Uit het tweede deel blijkt dat de stadsdichter toch door de gemeente wordt benoemd, zoals het hoort. Onlangs beweerde de afdeling voorlichting nog dat niet gemeente maar de gemeenschap de dichter zou benoemen. 

Dat er in een contract afspraken worden vastgelegd, lijkt me duidelijk, maar hier wordt het nog maar eens expliciet gemaakt. Vroeger moest je overigens bij het onderwerp 'aantal' een persoonsvorm in het enkelvoud gebruiken, maar tegenwoordig is men daar wat soepeler in, geloof ik. 

Intussen is blijkbaar duidelijk dat de stadsdichter vijf gedichten per jaar moet schrijven. De hoogte van de vergoeding staat nog steeds niet vast. De dichter die dacht gemakkelijk aan zijn centen te komen door af en toe een gedichtje van een ander voor te lezen, wordt bij voorbaat tot de orde geroepen: het moeten 'zelf geschreven gedichten' zijn. 

Goed, we zijn weer een stapje verder. Op naar de verkiezingsavond!

Hieronder nog een stadsdichter aan het woord. Die van Deventer.Bij sommige delen doet hij zelfs een halfslachtige poging tot zingen. 



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen