vrijdag 28 oktober 2011

Stadsdichter (1)

Rotterdam, Breda en Nijmegen hebben een stadsdichter. Den Haag, Den Helder, Hengelo en Emmen hebben een stadsdichter. Amsterdam heeft in de verschillende wijken wel een stuk of vijf stadsdichters. Ede niet.

Nu denkt u misschien dat een stadsdichter vooral iets is voor een grote stad en dat Ede toch meer een uit zijn krachten gegroeid dorp is.

Ten eerste denk ik dat niet iedereen het met u eens zal zijn. Velen vinden Ede wel degelijk een stad. Er is hier zelfs een huis-aan-huis-blad dat zich al zesendertig jaar Ede stad noemt.

Ten tweede zijn het niet alleen grote steden die een stadsdichter of een dorpsdichter hebben. Moet Ede onderdoen voor Renkum, Westervoort, Driebergen, Barneveld of Nunspeet? Waarom hebben wij geen stadsdichter en is er wel eentje in Urk, Heino, Akkrum, Ransdaal, Warmond, Niawier, Lutter, Beek, De Wolden, Gulpen, Vriezenveen, Leudal, Kethel, Achtkarspelen, Aa en Hunze, Borger-Odoorn en Arnhem-Zuid?

Onze wethouder, Evert van Milligen, is een man met hart voor de cultuur. Afgelopen zaterdag zag ik hem nog rondstappen op de expositie van Karel Lohman in Huis Kernhem. We moeten hem toch duidelijk kunnen maken dat Ede achterblijft, wanneer er geen stadsdichter komt?  Ede past prima in een rijtje als Houten, Heerhugowaard, Zutphen, Deventer en Elburg, maar dan zouden we net als die plaatsen wel een stadsdichter moeten hebben.

Wat zo’n stadsdichter eigenlijk is? Een stadsdichter is iemand die een aantal keren per jaar een gedicht schrijft over de actualiteit in de gemeente. Het spreekt vanzelf dat de dichter geen politiek moet bedrijven en dat hij mensen niet opzettelijk beledigen mag.

Op deze manier wordt een stadsdichter een chroniqueur van de stad. Zijn gedichten worden een alternatief geschiedenisboekje. De stadsdichter kan gedichten op verzoek van de gemeente schrijven, maar natuurlijk ook op eigen initiatief.

In sommige steden wordt de stadsdichter ook ingezet bij de uitvaart van mensen die geen nabestaanden hebben. Zo spoelde in Nijmegen ooit het lichaam van een onbekende vrouw aan. Bij de begrafenis las de stadsdichter Victor Vroomkoning een ontroerend gedicht voor dat hij speciaal voor die gelegenheid geschreven had. Toen later wel identiteit van de vrouw bekend werd, was de familie dankbaar dat zij met zoveel respect begraven was.
Een stadsdichter zorgt sowieso voor publiciteit. Er zijn al verschillende sites waarop gedichten van stadsdichters opgenomen worden, sommige stadsdichters houden een eigen weblog bij en in Raalte werden de vierentwintig genomineerden voor het stadsdichterschap  stuk voor stuk een half uur lang geïnterviewd op de plaatselijke tv-zender. Dat was dus in totaal goed voor twaalf uur televisie.

Ik kan mij voorstellen dat een stadsdichter ook af en toe een verzoek krijgt van de p.r.-commissie van de gemeente. Sommige stadsdichters hebben een eigen website, die niet alleen informatie geeft over de dichter, maar ook over wat er in de betreffende stad gebeurd is.

Van tijd tot tijd is er een bijeenkomst van stadsdichters, waarop de plaats Ede tot nu toe niet genoemd werd. En er zijn al verschillende bloemlezingen met stadsgedichten uitgegeven, en ook daarin komt Ede dus niet voor. Dat lijken me gemiste kansen.

Een stadsdichter heeft ook een sociale functie. Doordat hij over dingen schrijft die herkenbaar zijn voor alle Edenaren of voor alle inwoners van de gemeente Ede, kan hij bindend zijn. Op een bescheiden manier kan hij meehelpen om de boel bij elkaar te houden, zoals ooit een burgemeester van Amsterdam dat noemde.

Dat er veel voordelen aan het stadsdichterschap zitten, blijkt ook uit de sterke groei van het aantal stadsdichters. Bovendien duiken soortgelijke functies op andere plekken op. Verschillende universiteiten hebben een campusdichter, de Noordoostpolder heeft een polderdichter, de provincie Overijssel heeft een provinciedichter en we kennen al jaren een dichter des vaderlands.

Duur is het trouwens niet. Goed, Rotterdam betaalt zijn dichter 65.000 euro per jaar en Den Haag 30.000 (getallen van drie jaar geleden), maar dat zijn uitzonderingen. In Helmond en Assen betaalt men bijvoorbeeld 5.000 euro en dat lijkt me voor de gemeente goed te doen.

Op de website van de gemeente staat: ´De gemeente Ede geeft jaarlijks miljoenen euro`s aan subsidies voor activiteiten van ruim driehonderd organisaties en instellingen in de gemeente. Daarnaast worden ook miljoenen euro`s aan rijksgelden via de gemeente als subsidie doorbetaald.´ Dan kunnen die paar duizend euro er wel bij, lijkt me.

Bovendien heeft Ede veel kwalitatief goede dichters binnen de gemeentegrenzen. Mij schieten nu de namen van Henk  Knol, Hilbrand Rozema en Mart van der Hiele te binnen, maar er zullen er veel meer zijn.
De gemeente kan een advertentie plaatsen waarop gereageerd kan worden. De dichters zouden dan bijvoorbeeld vijf gedichten op moeten sturen waarbij er minimaal eentje gaat over een locatie in de gemeente Ede. Er zijn natuurlijk ook andere mogelijkheden.

Wat mij betreft, komt die dichter er. Ik zal deze column naar de verschillende politieke partijen mailen en opsturen naar Ede stad en hopelijk komt er binnenkort een officieel voorstel in de gemeenteraad.

Wie weet, hebben we al binnen het jaar een stadsdichter. Die zal dan ongetwijfeld optreden in Dante.

(Column vandaag voorgelezen in cultureel café Dante)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen