donderdag 16 januari 2014

Verdwaald


Er zijn veel boeken die heel aardig zijn en sommige zijn zelfs goed. Ze zitten knap in elkaar, zijn vakkundig gemaakt, steken uit boven de middelmaat. Bij recensies krijgen die boeken vier sterren of bollen.  In de boekhandel staan ze op een prominente plaats.

Heel af en toe is er een boek dat je als een vuistslag treft, zodat je even wankelt. Het klauwt zich aan je vast en laat je niet meer los. Je hebt het boek gelezen, maar je hebt het nog lang niet uit. Het blijft zeuren (of neuriën) in je hoofd. Je slikt het door, maar even later ben je er weer op aan het kauwen. Zo'n boek is bijvoorbeeld het derde deel uit de serie Blast en ook Verdwaald van Shamisa Debroey valt in die categorie.

Waarom hangt dat boek nu al een week te schommelen in mijn hoofd? Verdwaald is niet zomaar een verhaaltje. Het toont ons een personage, een jonge vrouw en misschien is dat wel een alter ego van de auteur, dat vreselijk haar best moet doen om haar leven leefbaar te houden.

Haar ouders zijn er niet: haar vader stuurt haar elk jaar op haar verjaardag een levende vis en moeder is altijd onderweg, in Afrika bijvoorbeeld. De hoofdpersoon en haar broertje worden opgevoed door hun grootouders.

Natuurlijk mist de hoofdpersoon haar ouders. Dat wordt schrijnend duidelijk in het beeld dat Debroey gebruikt: van de personen die aan tafel zitten is het gezicht met zwarte vegen onherkenbaar gemaakt, alsof deze mensen er niet toe doen. De afwezige vader kan soms nog genegeerd worden, maar de onzichtbare moeder zit gewoon aan tafel. De afwezigen zijn zeer aanwezig.

Niet alleen fantaseert de hoofdpersoon over haar vader en haar moeder en voert ze hele gesprekken met hen. Het gaat zelfs zo ver, dat ze twee koppen koffie bestelt: een voor zichzelf en eentje voor bijvoorbeeld haar vader.

Eigenlijk is de hoofdpersoon doodongelukkig, maar ze beheerst zich. Ze heeft veel vragen, maar ze kan wachten op antwoorden. Tot ze het niet meer uithoudt en wel op weg moet gaan. Ze vertelt dat ze in een vliegtuig zit, maar we zien dat niet op de tekeningen. Zoals de werkelijkheid in haar hoofd soms anders is dan die om haar heen, verschillen ook tekst en tekening. Soms zie je bijvoorbeeld de vaderfiguur teksten zeggen die bij de hoofdpersoon horen.

Als ze verder wil leven, zal ze zich moeten verzoenen met het gemis en met haar afwezige ouders. De open plek zal ze een beetje op moeten vullen met mooie dingen. Aan het eind van het boek lijkt dat te lukken, maar je voelt hoe zwaar dat bevochten is.

Verdwaald heeft een hoge inzet. Het laat zien hoe iemand moet worstelen om het leven zo vorm te geven dat het te doen is. Ze moet door, zoals de haai waarmee het boek opent. De haai gaat namelijk dood als hij stilstaat en achteruit zwemmen kan hij ook al niet.

Debroey heeft een boek gemaakt dat zowel wonderschoon als pijnlijk is. De lijnen van haar tekeningen lijken soms wat zoekend, wat goed past bij hoe de hoofdpersoon in het leven staat. Doordat ze geen liniaalrechte lijnen gebruikt, lijkt er veel in beweging te zijn en weinig vast te liggen.

Ook het verhaal weigert zich goed vast te laten leggen. Het blijft bewegen in het hoofd van de lezer. Verdwaald is een boek waar je lang mee kunt doen.



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen