zondag 22 januari 2012

Stijl

Gisteren, 21 januari dus, las ik in de Volkskrant een interview met Joke Hermsen. Eerlijk gezegd heb ik nooit wat van haar gelezen, al ben ik wel van plan (geweest) Stil de tijd eens te lezen. Interviews met Hermsen en recensies van haar boek heb ik wel gelezen. In een ver verleden interviewde ik haar toenmalige man Henk van der Waal en dat heeft misschien mijn interesse op gang gehouden.

Het interview in de Volkskrant begint met een citaat, waarvan ik het eerste stukje overneem:

'We moeten het klassieke huwelijk afschaffen!', riep Iris uit. 'We moeten echt iets anders verzinnen. Weet je hoeveel kinderen er jaarlijks in dit soort oorlogen terechtkomen? We moeten van die mythe af, die bijna niemand volhoudt en alleen maar voor ellende zorgt.'
'Ja, maar de vraag is: wat dan?', zei Det.

Die komma's vlak na het uitroepteken en het vraagteken vind ik lelijk, maar dat was niet mijn grootste ergernis. Ik ergerde me vooral aan 'riep Iris uit' en 'zei Det'. Ik snap dat een schrijver ervoor moet zorgen dat de lezer weet wie wat zegt. Bovendien ontbreekt hier de context, die mij duidelijk had kunnen maken dat Hermsen wel deze zinnen moest maken. Maar toch bekruipt mij het gevoel dat na 'riep Iris uit' en 'zei Det' we niet ver verwijderd zijn van 'mompelde Piet', 'repliceerde Marion', en 'schokschouderde Geert'. Dat zijn zinsneden die ik (al dan niet terecht) met oude meisjesboeken associeer of met het boek Kind van het water van Marianne Witvliet.

Is het geen onmacht, wanneer het de schrijver niet lukt om personages zo te laten praten dat ze meteen herkenbaar zijn voor de lezer? Is het niet eleganter om iemand iets te laten zeggen en daarna een beschrijvend zinnetje te geven waarin de spreker of spreekster voorkomt? Ik heb het niet gecontroleerd, maar ik vermoed dat Buwalda helemaal geen gebruik maakt van 'zei Joni'en 'riep Sigerius uit'.

Wil dat zeggen dat ik op grond van zo'n klein stukje Joke Hermsen afschrijf op basis van haar stijl? Natuurlijk niet. Wellicht is het citaat helemaal niet representatief voor het boek (Blindgangers). Verder denk ik dat Hermsen op de inhoud gefocust heeft en dat haar boek je prima aan het denken kan zetten. Maar het is het mooist natuurlijk als een boek met een rijke inhoud ook nog in een prachtige stijl is geschreven. Zo'n boek als Grip van Stephan Enter bijvoorbeeld. Of Bonita Avenue van Buwalda. Of Bittere bloemen van Jeroen Brouwers. Of... nou ja, noem maar op. Maar Hermsens boek waarschijnlijk niet.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen