donderdag 26 oktober 2023
Luc Orient - Alle avonturen, deel 5 (Paape / Greg)
maandag 23 oktober 2023
De atlas van overal (Deniz Kuypers)
Het gaat hem vooral om zijn vader, met wie hij eigenlijk geen contact heeft. Vader is geboren en opgegroeid in Turkije. Kuypers duikt in diens voorgeschiedenis, waarbij enkele generaties teruggaat.
Verbeelding
Elk woord heb ik verzonnen. Dit boek kan evenzogoed een portret zijn van mezelf, de vader die ik ben voor mijn kinderen, onbegrijpelijk en angstaanjagend.
Liefdevol
Als het verhaal van mijn vader er een van rusteloosheid is, dan moet daar een verhaal van eindeloosheid tegenover staan, iemand die altijd op dezelfde plek bleef en daar gelukkig was.
Dus als ik schrijf dat de zon opkwam en de toppen van de beregen deed gloeien als het metaal toen mijn vader Trabzon bereikte, dan kan dat fictie zijn, maar ik wil het geloven. Om het beeld dat ik van mijn vader heb compleet te maken.
Verhaal
donderdag 19 oktober 2023
De wereld van Sofie, 2. De filosofie, van Descartes tot vandaag (Nicoby / Vincent Zabus)
Een jaar geleden alweer! Toen schreef ik over het eerste deel van De wereld van Sofie, een strip op basis van het gelijknamige boek van Jostein Gaarder. Intussen is deel 2 verschenen. Daarin wordt de geschiedenis van de filosofie behandeld vanaf Descartes tot nu.
Sofie heeft een begeleider: Alberto. Dat is al een oud literair thema. Je komt het tegen in de Divina Commedia van Dante, De kleine Johannes van Frederik van Eeden en misschien zelfs De wetten van Connie Palmen. De begeleider weet meer dan de verteller en samen gaan ze op ontdekkingstocht.
Zo maakt ook de lezer een tocht door de ideeën die in de verschillende tijdperken bepalend waren. Er is een reeks denkers geweest die wilden weten hoe de wereld en het leven in elkaar zat. Steeds is er weer een nieuwe invalshoek gekozen en Sofie wil die zienswijzen begrijpen.
Gevangen in een stripverhaal
In een wereld waarin God steeds verder op afstand gekomen is of zelfs niet meer bestaat is het lastig om denkers te volgen voor wie God een vanzelfsprekendheid was. In deze strip is daar een mooie oplossing voor gevonden: Sofie ontdekt dat ze een personage is, bedacht door een auteur, gevangen in een stripverhaal. Ook een strip heeft een schepper, die kan bepalen wat zijn personages doen.
Het is een mooie vondst, waarmee je begrippen als predestinatie en vrije wil in het boek brengt, zonder erover te hoeven praten. Je hoeft het alleen maar te laten zien. Er zijn twee werkelijkheden: die van het verhaal van Sofie en die van de auteur en zijn dochter Hilde, die model stond voor Sofie. De grot van Plato is dan niet ver weg.
Filosofen en stromingen
In de loop van het verhaal passeren verschillende filosofen en stromingen de revue: Descartes, Spinoza, de empiristen (Locke, Hume, Berkeley), het sociale contract (Hobbes, Rousseau), de Verlichting en Kant, de Romantiek, Marx, Darwin, Freud en de twintigste eeuw. Sofie is leergierig en wil weten wat die ideeën inhouden. Vaak is er een link te leggen met het heden.
Heel duidelijk is dat bij het sociale contract, dat gaat over de zeggenschap van de staat over de onderdanen. We hebben nu immers een politieke partij, Nieuw Sociaal Contract, die daar nadrukkelijk naar verwijst.
De ideeën uit het verleden worden vooral getoond en niet beoordeeld. Uit alle is wel iets te halen wat nog steeds geldigheid bezit. En voor Sofie krijgt de filosofie steeds meer met haar eigen leven te maken.
In de epiloog praat Hilde met haar vader. Altijd zullen er onbeantwoorde vragen blijven en op kosmische schaal zijn we onbeduidend. Maar we zijn sterrenstof, waardoor we ook deel hebben aan het grote geheel.
Scenario en tekeningen
Net als in het eerste deel is de scenarist Vincent Zabus erin geslaagd om op inventieve manieren Sofie in contact te brengen met de verschillende filosofen. Soms komen hun portretten tot leven, soms komt Sofie op een bijzondere manier in de wereld van de denkers terecht. Ook nu weer maakt Zabus dankbaar gebruik van het medium, bijvoorbeeld als Sofie zich vastklampt aan een tekstballon.
Zo zit het boek vol met leuke visuele vondsten. De tekenaar, Nioby, zal er veel plezier aan beleefd hebben. Het vertel- en tekenplezier zie je op elke bladzijde. Fraai is bijvoorbeeld het hoofdstuk over Marx, waarin veel weergegeven is in potloodschetsen, die veel losser zijn dan de rest van de tekeningen. Dat laat weer een heel andere kant van Nioby's werk zien.
Dit tweede deel van De wereld van Sofie doet voluit recht aan het origineel van Jostein Gaarder, maar het heeft ook veel eigen kwaliteiten, doordat het een strip is, waarin weer ander dingen mogelijk zijn dan in een roman. Het lijkt me een boek voor een breed publiek: voor liefhebbers van fictie en non-fictie, voor jongeren en volwassenen, voor liefhebbers van filosofie en van strips. Geslaagd project!
maandag 16 oktober 2023
Ik dank u voor uw aandacht! (Toon Kortooms)
Ooit kreeg mijn moeder van haar broer, ome Ab, het boek Help! De dokter verzuipt... cadeau. Het was een boek van Toon Kortooms, dat uitkwam in 1968 en verfilmd zou worden in 1974. Ik vermoed dat de film er nog niet was toen mijn moeder het boek kreeg en dat ik nog op de lagere school zat. Ik las het en genoot erg van dokter Angelino, die misschien wat grof in de mond was (in ieder geval volgens mijn moeder), maar die een hart van goud had. Van die Kortooms moest ik maar eens meer lezen.
In 1971 ging ik naar de middelbare school en op de mavo had men een heuse bibliotheek. Zoiets was er niet bij ons in het dorp. Ik vroeg boeken cadeau op mijn verjaardag, las de oude jeugdboeken van mijn ouders en leende boeken bij een neef en een nicht. Die hadden er aardig wat, maar daar raakte ik toch doorheen. En nu waren er ineens planken vol boeken waaruit ik kon kiezen!
Sommige titels herinner ik me nog steeds, zoals De adelaar van het negende van Rosemary Sutcliff en Tragedie in Toulouse van Jan Overduin. Er waren ook boeken van Kortooms en die heb ik allemaal gelezen: Beekman en Beekman, Mijn kinderen eten turf, Parochie in de Peel, Mijn oom Theodoor, De zwarte plak - deze titels in ieder geval.
Leuke boeken, vond ik. Maar later raakte Kortooms wat meer uit zicht. Eind jaren zeventig werd ik lid van een boekenclub (ECI) en begin jaren tachtig van nog zo'n club (NBC). In een van de catalogi werd de nieuwe Kortooms vermeld, Onze Leo (1985). Die bestelde ik, maar uiteindelijk viel het boek me tegen. Ik was intussen meer geboeid door een ander soort schrijvers.
Maar toen ik bij een kringloop Ik dank u voor uw aandacht! (1988) zag staan, nam ik het toch mee. Het zwierf een paar jaar door mijn huis, tot ik het toch ging lezen. Dat kan bij dit boek prima in kleine stukjes.
Optredens
Kortooms heeft in zijn leven veel opgetreden. Hij las voor en vertelde uit en over zijn werk voor allerlei zalen en zaaltjes. Toen hij besloten had daarmee te stoppen, maakte hij dit boek, met voorvallen die hij in al die jaren had meegemaakt. Kortooms is geboren in 1916, dus hij was de zeventig al gepasseerd toen hij dit boek schreef.
Veel van de boeken van Kortooms waren een succes. Op de Wikipediapagina staat dat Beekman en Beekman de best verkochte roman ooit in Nederland is (met een verwijzing naar een artikel in Trouw) en dat Help! De dokter verzuipt... anderhalf jaar nummer 1 op de bestsellerlijst stond na de verfilming. Dat lijkt me een sterk verhaal.
Kortooms verwoordt dat als volgt:
'Help, de dokter verzuipt!' was het meest verkochte boek in het jaar 1969. Het stond negentien maanden lang op de lijst van de bestsellers - een half jaar achtereen op de eerste plaats.
Maar verkoopsucces was blijkbaar niet genoeg voor Kortooms. Hij had ook graag literaire erkenning gehad. In Ik dank u voor de aandacht! beschrijft hij dat een meisje het boek over de dokter niet op de literatuurlijst mocht plaatsen:
'Nee,' zei de lerares schamper, 'laat de dokter maar verzuipen!' Waarop het meisje reageerde met: 'Laat Toon Kortooms maar schrijven!'
Uit het woord 'schamper' blijkt al hoe Kortooms over die lerares dacht. De reactie van het meisje zou zomaar die van de schrijver kunnen zijn. Het lijkt erop dat hij haar als spreekbuis gebruikt.
Jantje Terlouw
Sommige schrijvers uit de grote literatuur deden aardig tegen Kortooms en dat vermeldt hij uitgebreid. Als iemand minder aardig is, krijgt hij het in dit boek breed uitgemeten.
Ik zag Jantje Terlouw, die kinderboeken schrijft sinds hij uit de politiek is verdwenen. (...) Ik zag vele collega's. Mij zagen ze niet zitten, figuurlijk althans. Terlouw slaagde erin mij volkomen te negeren, terwijl toch mijn nieuwe boek speciaal bij deze gelegenheid ten doop was gehouden. Ik ben niet haatdragend en wens Jantje nog veel succes in zijn schrijverscarrière.
Het denigrerende 'Jantje' was niet nodig geweest, maar Kortooms kan het niet laten. Hij zegt er ook nog bij dat hij niet haatdragend is, maar de lezer weet beter.
Vaak doet Kortooms bescheiden en vriendelijk, maar op zijn vriendelijke manier plaatst hij zich wel vaak boven anderen. Vaak sprak hij op bijeenkomst van verenigingen, bijvoorbeeld vrouwenverenigingen.
Ze kunnen zo aandoenlijk zijn, de bestuursleden, de voorzitsters en de secretaressen! En de penningmeesteressen niet te vergeten, met wie ik meestal wat flirtte, omdat je het uiteindelijk van haar moet hebben en krijgen! Gewoon ontroerend zijn de vrouwen als ze het verslag van de vorige bijeenkomst voorlezen, het bondslied zingen en door ziekte afwezige leden memoreren. Het komt allemaal recht uit het hart.
Successen meet Kortooms breed uit. Heel vaak zijn mensen blij verrast als ze bij een ontmoeting ontdekken dat hij de bekende schrijver is en daar reageert hij dan weer gepast bescheiden op. Zijn vergissingen en stommiteiten meldt hij trouwens ook.
Soms zijn dat mooie verhalen, die Kortooms smakelijk vertelt, in andere gevallen zijn het voorvallen in de categorie 'je zou erbij geweest moeten zijn'. Maar meestal is het allemaal wel aardig om te lezen. Soms is de manier van vertellen een beetje oubollig, maar het boek is intussen dan ook meer dan dertig jaar oud. Kortooms zou tegenwoordig bijvoorbeeld niet meer wegkomen met de manier waarop hij vrouwen beschrijft.
Verongelijktheid
En tussen de succesverhalen door zit er toch geregeld iets van verongelijktheid. Antoon Coolen komt ook uit de Peel en wordt wel erkend door de literatuur en Kortooms niet. En dan worden die twee ook nog wel eens verward, zegt Kortooms. Hij zou graag de erkenning hebben die Coolen blijkbaar genoot.
De lezers van Kortooms snappen maar niet waarom de grootheid van de schrijver maar niet gezien wordt. Daarover vertelt hij graag.
Een journalist die, ondanks het succes, Help! de dokter verzuipt... niet gelezen heeft, krijgt 'een snoeiharde tik op zijn vingers van een schrijver van ingezonden brieven: 'Als een boek herhaaldelijk op de lijst van bestsellers staat en u verzuimt het te lezen, dan bent u geen goed journalist!'
Dat wil Kortooms natuurlijk graag zelf zeggen, maar hij laat het iemand anders doen. Hij wil heel graag geprezen worden en complimenten laat hij zich graag aanleunen. Kritiek doet hij af als 'kleinzielige jaloezie.'
Zelfingenomen
Ik dank u voor uw aandacht! is best aardig om te lezen, maar de zelfingenomenheid die de schrijver onder vriendelijkheid tracht te verbergen, zit soms wel in de weg. Blijkbaar had hij dat zelf wel in de gaten, want aan het begin van het boek schrijft hij:
Eén ding spreken wij af, lieve mensen! Zoek in dit boek alstublieft geen eigendunk of eigenwaan van de schrijver. Benjamin Disraeli zei het al: 'Een schrijver die over zijn eigen boeken spreekt, is bijna even erg als een moeder die over haar eigen kinderen praat!' Het is een klein kunstje de auteur van een zogenaamd 'ik-boek' te verdenken van opschepperij of aanverwante eigenschappen. Doet u mij dat verdriet niet aan, want het is nergens en nooit mijn bedoeling de ijdeltuit uit te hangen.
Dat Kortooms die bedoeling niet heeft, wil ik nog wel aannemen, maar het valt wel op dat hij het vaak met zichzelf getroffen heeft, juist als hij bescheiden over zichzelf spreekt.
De liefhebbers van het werk van Kortooms zullen ongetwijfeld genieten van de onderhoudende manier waarop hij vertelt. En dokter Angelino zal ik nooit vergeten.
donderdag 12 oktober 2023
En mijn vader waande me dood (Noël Ummels / Liesbeth Waijers)
In de graphic novel En mijn vader waande me dood blijft Noël Ummels dicht bij zijn eigen leven. Hij vertelt het verhaal over zijn vader en daarmee ook het verhaal over zichzelf. Op het schutblad van het boek staan foto's van vader, afgewisseld met tekeningen van die foto's. Daarmee schuiven verhaal en werkelijkheid al over elkaar. We hebben te maken met een autobiografisch verhaal, waarin de schrijver de ik-figuur is.
Opnames
Ingehouden toon
Scherpe observaties
Je vraagt je af hoe hij het zolang heeft volgehouden? Nou, dat vragen wij ons ook af, maar achteraf zijn we er wel blij om. Achteraf, want het was voor niemand een pretje, en zeker niet voor hem.
Tekeningen
De tekeningen in dit boek zijn van Liesbeth Waijers. Ze zijn gemaakt in een wat naïeve stijl. Al op de eerste pagina valt op dat het perspectief niet klopt. Blijkbaar is dat niet zo belangrijk. De tekeningen zijn in ieder geval dienend aan het verhaal. Doordat er geen kleur gebruikt is, dringen de afbeeldingen zich niet op. Dat past bij de ingehouden toon waarop het verhaal verteld wordt.De structuur van het papier waarop de tekeningen gemaakt zijn, is vrij grof. Die zie je door het zwart en grijs heen. Daardoor zijn de zwartvlakken niet massief en blijft er lucht in de tekeningen. In de meeste tekeningen is er weinig detaillering, wat ze snel 'leesbaar' maakt. Daardoor ben je als lezer nog meer gericht op de tekst, het verhaal.
Een enkele keer trekken de tekeningen wat meer de aandacht: bijvoorbeeld door de spuit in de arm die steeds terugkomt, de verwijzing naar het beroemde werk van Munch en door de plaatjes die helemaal gevuld worden met pilletjes, om te laten zien dat de behandeling van vader voornamelijk bestaat uit het toedienen van medicijnen.
Niet somber
En mijn vader waande me dood gaat soms over zware dingen, maar het wordt niet op een sombere manier verteld. Soms is er ironie en altijd is er aandacht voor de alledaagsheid van de gebeurtenissen. De dingen gebeuren nu eenmaal en de verteller wil er geen drama van maken, ook als ze soms wel dramatisch zijn. Altijd blijft het voor de lezer draaglijk. Het is een mooi persoonlijk verhaal geworden en een inkijkje in de psychiatrische zorg in de vorige eeuw.maandag 9 oktober 2023
Ravi en de laatste magie (Sanne Rooseboom)
Ravi is net verhuisd. Haar moeder lijdt aan reuma en die kan niet meer wonen in het gezellige huis met trappen, hoeken en gaten. Maar in de flat waar ze nu woont, is er een ontploffing en alle bewoners moeten ergens anders ondergebracht worden. Ravi, haar moeder en haar broertje Timo komen terecht in een verzorgingshuis met maar vier bewoners.
Oude tovenaars
Al gauw blijken het bijzondere mensen te zijn: heel erg oude tovenaars, die hun toverkunst bijna kwijt zijn. Ze staan aan de goede kant en doen geen vlieg kwaad, in tegenstelling tot de Nachtheersers, tovenaars die genieten van ellende en uit zijn op macht. Ook die zijn oud, maar ze hebben de kans om nog een enkele keer hun macht te tonen. Ravi en de goede tovenaars proberen dat te voorkomen.
Daar komt kort gezegd Ravi en de laatste magie op neer. Het is het Kinderboekenweekgeschenk van dit jaar, geschreven door Sanne Roseboom, met tekeningen van Sophie Pluim.
Onwillekeurig moet ik bij dit boek denken aan de graphic novel Watchmen, waarin superhelden op leeftijd zijn. Daarbij hebben sommige wel een zwarte kant ontwikkeld. Je zou in deze tovenaars ook een soort superhelden kunnen zien, maar hun macht is wel heel erg beperkt.
Goed en kwaad
Verder is het het oude (maar nog niet vervelende) verhaal van de strijd tegen goed en kwaad, waarbij de hoofdpersoon aan de goede kant staat, net als de lezer, die zich immers met de hoofdpersoon identificeert. Maar mensen zijn soms niet zo goed of zo slecht als ze lijken. Rooseboom heeft meer gedaan dan het invullen van een schema.
Bovenal is Ravi en de laatste magie spannend. De groep helden (tot wie ik Ravi, haar moeder en haar broertje ook reken), hebben hun actie goed voorbereid, maar de uitkomst is allerminst zeker. Om de spanning goed verteerbaar te maken zit er veel luchtigheid in het verhaal, waardoor het ook gewoon leuk is om te lezen en kinderen niet alleen op hun nagels hoeven te bijten.
Het grote verschil tussen de helden en de kwade tovenaars is dat de helden uit zijn op het redden van de wereld en zich dus in dienst stellen van iets wat henzelf ontstijgt. De kwade tovenaars handelen uit eigen belang: hun eigen macht, hun eigen pleziertjes.
Extra laag
Daartussendoor speelt nog het persoonlijke verhaal van Ravi, die het vertrek uit het oude huis nog niet kan accepteren en eigenlijk haar moeder kwalijk neemt dat ze verhuisd zijn, zonder dat ze dat uitgesproken heeft. Dat is een mooie extra laag.
Het boekje begint opmerkelijk: met vijf gebeurtenissen die niks met elkaar te maken lijken te hebben, maar al gauw is duidelijk dat alles met alles samenhangt. En, om het mooi rond te maken, eindigt Rooseboom het boek ook weer met vijf gebeurtenissen.
Als Kinderboekenweekgeschenk lijkt Ravi en de laatste magie me heel geslaagd: goed geschreven, leuk om te lezen. Spannend en luchtig, met nog een beetje persoonlijk drama. Kinderen die aan dit boekje beginnen, willen het ook uitlezen, lijkt me. En dan verder met een ander kinderboek!
woensdag 4 oktober 2023
Vis (Will Kranendonk / Irene Schiphorst)
Soms weet je al iets over een boek voordat je begint met lezen en soms ga je er volkomen blanco in. Dat laatste was het geval bij Vis van Will Kranendonk (scenario) en Irene Schiphorst (tekeningen en inkleuring). Ik had geen idee aan wat voor boek ik begon.
Op de eerste bladzijden leer je de hoofdpersoon kennen, het meisje Vis, van wie dan nog niet duidelijk is hoe oud ze is. Later blijkt ze op de basisschool te zitten. Vis komt thuis in een leeg huis en moet zichzelf vermaken. Ze heeft haar vreemde naam te danken aan het feit dat haar moeder droomde over een grote roodbaars toen ze acht maanden zwanger was.
Tekeningen
Niet alleen het huis en mogelijk het leven van Vis hebben iets leegs, maar de tekeningen ook. Schiphorst gebruikt een vrij dunne lijn, die overal even dik is, de inkleuring is in egale kleuren, zonder nuance. De decors zijn vaak sober en er is weinig beweging. Ook als er in het verhaal wel bewogen wordt (bijvoorbeeld bij het voetballen) blijven de personen statisch.
Dat levert vrij strakke, niet zo swingende tekeningen op, maar eigenlijk is dat geen bezwaar. Er gaat een zekere verstilling van uit en die past wel bij Vis, die vaak alleen is en moeilijk contact met anderen maakt.
Vis loopt naar een park en klimt in een boom, die tegen haar begint te praten. Die boom heeft dan ook meteen oogjes en eerlijk gezegd vind ik dat een afknapper. Op dat moment werd me wel duidelijk dat Vis bedoeld is voor kinderen, maar door die ogen te tekenen gaan de makers wel erg op hun hurken zitten.
Zonder de ogen zou het verhaal net een tikje raadselachtiger worden, omdat de mogelijkheid open gehouden wordt dat het gepraat zich alleen in het hoofd van Vis afspeelt. Volgens mij kunnen kinderen die meerduidigheid wel aan. Door de ogen wordt het het verhaal simpeler, platter.
Peer
Er komt een nieuw meisje op school, dat ook een afwijkende naam heeft: Peer. Peer en Vis gaan een duo vormen. Al gauw blijkt dat Peer thuis mishandeld wordt en dat is de reden dat ze van school verandert: zo gauw de buitenwereld te dichtbij komt, trekt het gezin zich terug.
De toenadering tot Peer gaat niet vanzelf en dat wordt mooi subtiel verteld. Uiteindelijk wordt er hulp ingeroepen en het verhaal eindigt dan ook positief. Voor mijn gevoel gaat dat een beetje snel en ook wel wat gemakkelijk, maar als Vis bedoeld is voor kinderen, kun je de hoop niet buiten het boek houden, denk ik.
Dat maakt de wonderboom trouwens ook weer problematisch. Die speelt een rol bij het begin van het aanpakken van het probleem, maar dat kan bij kinderen ook de indruk wekken dat er iets wonderlijks nodig is om de hulp op gang te brengen.
Achter in het boek staat praktische informatie, over bijvoorbeeld de Kindertelefoon en Veilig Thuis, waar elk kind mee uit de voeten kan.
Er zitten mooie dingen in Vis: het verhaal en de tekeningen zijn helder en vooral de manier waarop Vis en Peer naar elkaar toe groeien is mooi ingehouden en gevoelig verteld. Maar de boom met oogjes en het vrij plotselinge positieve slot, maken het echt tot een kinderboek, waarin volwassenen niet zo veel te zoeken hebben.





















