zondag 17 juni 2012

Scherpschutters


Heel wat mensen en dus ook heel wat schrijvers proberen duidelijk te krijgen hoe ze zich verhouden tot hun ouders. Het is lastige materie: ouders heb je altijd, ook als je ze ziet niet meer ziet en ook als je ze niet meer hebt. Ex-ouders bestaan niet. Hun bloed vloeit door je aderen en je zou niet geweest zijn wie je bent als je niet deze ouders had gehad.

In Scherpschutters portretteert Michiel van de Pol zichzelf en zijn vader. Vader lijkt maar één passie te hebben: Chinees porselein. Verder lijkt het een saaie man. Hij is hartpatiënt en daarom moet hij ook wat gaan bewegen. Met weinig enthousiasme gaat hij met zoon Michiel badmintonnen. Na afloop van het eerste gezamenlijke sporten typeert vader zichzelf en zijn zoon als scherpschutters: je moet kunnen wachten en daarna moet je toeslaan.

Michiels gezondheid is niet optimaal. Zijn lichaam is getraind door krachtsporten, maar soms laat het hem ineens in de steek: dan overkomen hem epileptische aanvallen. Het is een van de lijntjes die het leven blijkt te trekken tussen vader en zoon.

Vlak voor diens dood gaat Michiel met zijn vader naar Bali. Daar komt hij erachter hoezeer zijn vader het afwachten tot kunst heeft verheven en als hij terug is in Nederland merkt hij dat hij die trek van zijn vader heeft overgenomen.

Michiel van de Pol heeft een 'open' manier van tekenen: de nadruk ligt op de lijn en op de meeste bladzijden  maakt hij weinig gebruik van arceringen of zwarte vlakken. Zijn lijnen zijn altijd soepel en ongedwongen, wat zelfs terugkomt in de kaders voor de plaatjes, die hij uit de losse pols tekent.

Scherpschutters is een mooi portret van vader en zoon. Een liefdevol portret, waarbij de moeilijke zaken (zoals de woede-uitbarstingen van vader) niet worden verdoezeld. Voor in het boek staat: 'Feit, fictie en chronologie zijn in dit boek vrijelijk met elkaar vermengd ten behoeve van de inhoud'. Dat doet aan de authenticiteit niets af.

Michiel van de Pol werkt nog aan het boek De gevoelige-mannenclub. Ik kan niet wachten.







Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen