vrijdag 28 oktober 2016

Oorlog en vriendschap (Dolf Verroen)


Kinderboeken over 'de oorlog' zijn er heel wat. Er is een periode geweest, in mijn jeugd, dat er veel spannende boeken over de oorlog waren, waarin de hoofdpersonen vaak helden waren en de Duitsers deugden natuurlijk niet. Ik herinner me titels als Engelandvaarders (verschillende delen), De geroofde Duitse granaten, Holland onder het hakenkruis, Reis door de nacht. Dat laatste boek, van Anne de Vries, is in mijn herinnering wel wat genuanceerder, maar ik weet niet hoe betrouwbaar mijn geheugen in dezen is.

In 1972 verscheen Oorlogswinter van Jan Terlouw, een boek dat nog steeds bekend is, mede door de verfilming. De hoofdpersoon is menselijk, hij heeft zijn angsten en twijfels, maar hij zit toch wel dicht tegen het heldendom aan. Dat je niet altijd kunt weten wie er goed is en wie fout (de verrader is iemand die nooit wantrouwen heeft gewekt) komt in dit boek duidelijk naar voren.

Aan het eind van de jaren zeventig (1979) publiceerde Evert Hartman Oorlog zonder Dvrienden, waarin de oorlog bezien werd door de ogen van een kind uit een NSB-gezin. In die tijd was dat iets nieuws.

In de literatuur voor volwassenen gaf De aanslag (1982) het zetje voor een nieuwe reeks oorlogsboeken. Ik heb het idee dat in de jeugdliteratuur de oorlog als thema in de loop der jaren een beetje weggezakt is, maar misschien weet ik domweg te weinig van de jeugdliteratuur af.

Maar juist de laatste jaren komt de belangstelling voor de oorlog terug in het jeugdboek. Janne IJmker schreef Mijn vriend Samuel (2012) en bij uitgeverij Leopold verscheen een hele serie boeken: 'Vergeten oorlog' waarin niet alleen aandacht wordt besteed aan het verzet of aan de vervolging van de Joden, maar ook aan dwangarbeid, de vervolging van Sinti en Roma en zelfs de Tweede Wereldoorlog in Suriname.

Dolf Verroen schreef dit jaar het Kinderboekenweekgeschenk, Oorlog en vriendschap, waarin de hoofdpersoon Joop is, een jongen die in de hoogste klas van de lagere school zit. Hij zit in de zevende klas en later zal hij naar de middelbare school gaan. Vaak is er trouwens geen school.

Het zou me niet verbazen als Verroen geput heeft uit herinneringen aan zijn eigen jeugd. In Oorlog en vriendschap lezen we vooral herinneringen aan de dagelijkse gebeurtenissen. Hoe is het om in die tijd les te krijgen en in de klas te zitten met zowel Joodse kinderen als kinderen van NSB'ers? Er is geen echte koffie meer en het brood smaakt ook niet lekker meer. Er staan rijen voor de winkels en als je aan de beurt bent, is soms alles op.

Verroen vertelt ingehouden, hij maakt dingen niet groot. De dingen gebeuren en als kind weet je niet beter. Als er een onderduiker komt, is dat vooral lastig omdat Joop uit zijn kamertje moet. En als vader niet ingezet kan worden om te graven voor de Duitsers (hij werkt in het ziekenhuis), moet Joop hem vervangen en daar heeft hij helemaal geen zin in.

Juist doordat het allemaal zo kaal verteld wordt, maakt het indruk. Je kunt je goed voorstellen hoe Joop leeft in de oorlogssituatie. Ik moest daarbij denken aan een gedicht van Willem Wilmink, dat ook op die manier over de oorlog gaat. Het begint met:
't Was oorlog. We zaten gewoon in de klas.
Je was bang...voor een vak waar je slecht in was,
je was bang...voor een beurt, zo ineens voor het bord.
Niet bang voor de oorlog, maar voor je rapport.
De vriendschap uit de titel verwijst naar een belangrijk aspect in het verhaal. Joop en Kees zijn bevriend. Ze zijn zelfs bloedbroeders. Maar op een gegeven moment komt Joop erachter dat de vader van Kees NSB'er is. Is de vriendschap daartegen bestand?

Je kunt het verloop van de oorlog aardig volgen in Oorlog en vriendschap. Dolle dinsdag komt er bijvoorbeeld in voor. De hongerwinter, die ook voor het gezin van Joop zwaar geweest moet zijn, krijgt minder aandacht. Misschien was die zo ellendig dat de schrijver er liever niet te lang bij wilde stilstaan. 

Het boekje is geïllustreerd door Charlotte Dematons en terecht wordt haar naam op de voorkant van het boek genoemd. Het zijn mooie tekeningen. Door de afmetingen van het boek moesten de tekeningen vrij klein blijven. Dat is aan de ene kant jammer: zulke tekeningen gun je de ruimte. Aan de andere kant houden de tekeningen het ook goed in de huidige afmetingen. Dematons heeft een gedetailleerde manier van tekenen en ook in klein formaat blijven de tekeningen helder.

Het lijkt me goed dat er van tijd tot tijd kinderboeken verschijnen waarbij de lezer in gedachten naar het verleden verplaatst wordt. Daarbij horen zeker ook de oorlogsboeken. Dolf Verroen slaagt er met zijn boekje in dat voor elkaar te krijgen. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen