donderdag 23 april 2015

Ambtsgebed


In Ede is er gedoe over het ambtsgebed. Dat is een kort gebed, dat de burgemeester uitspreekt meteen na aanvang van de raadsvergadering. Elke keer is het hetzelfde, zodat het waarschijnlijk een soort formule geworden is. In bijna vijfentachtig procent van de gemeenten is dat gebed afgeschaft, maar Ede heeft het nog.

Een meerderheid van de gemeenteraad is voor afschaffing. Als die raad een goede afspiegeling is van de Edese bevolking, betekent dat dat voor een kleine meerderheid van de burgers zo’n gebed niet hoeft. Op 16 april werd er gestemd, maar de stemmen staakten, omdat er een raadslid afwezig was.

Op 30 april wordt er opnieuw gestemd, maar nu al is duidelijk dat ook dan de raad niet compleet zal zijn. Als de stemmen opnieuw staken, moet het voorstel ingetrokken worden.

De indieners van het initiatiefraadsvoorstel om niet meer te bidden aan het begin van de vergadering hebben wel een punt. Als een groot deel van de bevolking niet christelijk is, is zo’n gebed niet meer zo logisch. De burgemeester bidt namens de raad, maar minstens de helft van de raadsleden neemt daar inmiddels afstand van.

Voor zover ik weet, hebben degenen die tegen het gebed zijn, zich altijd netjes gedragen onder het bidden. Er zijn gemeenten waar raadsleden zich vlak voor het gebed demonstratief verwijderden; dat is tot nu toe hier niet gebeurd. Blijkbaar hebben de niet-bidders altijd begrip gehad voor de bidders.

Het zou mooi zijn als de voorstanders van het gebed nu ook eens begrip zouden kunnen opbrengen voor de tegenstanders. Als ze willen bidden, is dat hun goed recht, maar dat kunnen ze ook vooraf doen, in de fractiekamer.

Een ander alternatief is dat er geen openbaar gebed plaatsvindt, maar dat er een moment van stilte in acht genomen wordt. Ieder kan dan dat stiltemoment gebruiken zoals hij wil: een stil gebed tot de christelijke, islamitische of welke andere god dan ook, een mindfulnessoefening, het in gedachten herhalen van een mantra of het denken aan de hond die nog uitgelaten moet worden.

Dat lijkt me beter dan mensen een gebed opdringen. De zin daarvan ontgaat mij.

De voorstanders van het gebed weten dat zij een achterhoedegevecht leveren, maar blijkbaar vinden zij het belangrijk genoeg om dat gevecht aan te gaan. Het kan in het uiterste geval nog enkele raadsperioden duren, maar uiteindelijk verdwijnt het gebed natuurlijk, net als in bijna alle andere gemeenteraden. Dat dat alleen al uit oogpunt van traditie voor een deel van de raad moeilijk te verteren is, snap ik wel. Misschien hebben die raadsleden gewoon wat tijd nodig om te wennen aan het idee dat de secularisering ook Ede niet voorbijgaat en misschien moeten we ze die tijd dan ook maar gunnen.

Intussen mogen we best van ze verlangen dat ze meedenken over een oplossing waar de gehele raad zich in kan vinden, ook als op 30 april de stemmen weer zullen staken. Met alleen maar het afwijzen van het standpunt van een groot gedeelte van de raad, wordt de kwestie niet opgelost. Het lijkt me in niemands belang dat het ambtsgebed een slepende kwestie wordt, ofwel een gebed zonder eind. We snakken naar een amen.


Foto: Edwin Nieuwstraten. Zie ook hier.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen