Cor Morelli is een personage dat al een tijd meegaat in het oeuvre van Aloys Oosterwijk. De vroege verhalen heeft hij opnieuw onder handen genomen, zoals hij in een vorig album al uit de doeken deed. Nu is er weer een album met vroeg werk verschenen: Het grote geluk, dat twee verhalen bevat: 'Het kleine geluk' en 'Het grote geluk'.
Daaraan vooraf gaat een inleiding door Yves den Ossendraeger, die de context van de verhalen schetst, zoals de biografische omstandigheden van Oosterwijk in de tijd dat de verhalen ontstonden. Den Ossendraeger laat verder zien dat Morelli niet alleen zijn toenmalige vriendin als model gebruikte voor een personage, maar ook zichzelf. Hij wijst ons bovendien op zaken die in verschillende verhalen terugkeren, zoals de man met de mitella.
Dat is allemaal bijzonder informatief, al leidt het wel wat af dat Den Ossendraeger schrijft op een manier die de indruk wekt dat hij ook graag wil laten zien hoe vlot hij kan schrijven en hoe olijk hij kan vertellen. Wat mij betreft had hij wat meer dienstbaar kunnen zijn en zelf meer op de achtergrond kunnen blijven. Maar goed, misschien moeten we het toontje op de koop toe nemen. Wat hij vertelt, is interessant genoeg.
Het kleine geluk
'Het kleine geluk' is een heel grappig Morelliverhaal. Morelli loopt wat rond en stuit daarbij op de misdaad, zonder dat hij het zelf in de gaten heeft. Hij beweegt zich in de wijk en iedere betrokkene gaat ervan uit dat hij wat op het spoor is. Zijns ondanks brengt hij een zaak tot een goed einde. Dat deed mij heel erg denken aan een verhaal van Olivier Blunder, die een route door de stad volgt, waarbij er steeds heftige gebeurtenissen plaatsvinden, maar Blunder merkt het niet.
Het is maar een kort verhaal, vier bladzijden lang (in stripkringen hoort men dan te spreken van vier platen), maar het is ongekend grappig en het past ook wel bij het personage Cor Morelli. In bijvoorbeeld de open dossiers is het vaak de bedoeling dat Morelli niet in de gaten heeft hoe de zaak nou in elkaar zit, terwijl de lezer dat wel weet.
Den Ossendraeger laat zien, aan de de hand van de driehoek van spanning, waarbij de punten van de driehoek gevormd worden door het goede, het kwade en de kijker/lezer, dat er op die manier vaker spanning in een verhaal ontstaat en dat Alfred Hitchcock dat ook in zijn films gebruikte. Als het personage meer weet dan de lezer, wil de lezer erachter komen wat er echt aan de hand is en als de lezer meer weet, vraagt hij zich af wanneer het personage dat te weten komt.
Het grote geluk
'Het grote geluk' is heel andere koek. We krijgen al een aanwijzing op de covertekening, waarbij Morelli zijn collega Esther Echt onder vuur neemt. Boven hen is er een hand die capsules uitstrooit die drugs of medicijnen zouden kunnen bevatten. In de tekening kunnen ze ook de plaats innemen van patroonhulzen die uit het automatische wapen komen.
Het verhaal begint met een steekpartij en daarna een moord in een pretpark. Dat werkt altijd goed: een omgeving die bedoeld is om onbekommerd plezier te hebben, waar opeens het kwaad binnendringt. Esther Echt treedt daadkrachtig op. Cor is er ook en redt min of meer toevallig het leven van een vrouw. Dat is kenmerkend voor Morelli: het leven overkomt hem. Hij probeert wel het een en ander te plannen, maar hoe de zaken uiteindelijk lopen, heeft hij niet in de hand. Dat wordt ook nog eens duidelijk als hij ineens veel wint in een casino, waar hij achteloos inzet.
Het is verder altijd mooi als een held een zwakke plek heeft. Achilles had zijn hiel, Siegfried de plek tussen zijn schouderbladen waarop hij kwetsbaar was. Morelli is gevoelig voor vrouwelijk schoon. Hij komt daardoor in een duistere wereld terecht, waarin bijvoorbeeld hondengevechten georganiseerd worden en hij kan niet meer helder oordelen, want hij is onder invloed van pillen. Daardoor dreigt hij zich zelfs tegen Esther Echt te keren.
Wild gecomponeerd
Door de vertekende werkelijkheidsbeleving is het wel een erg wild gecomponeerd verhaal geworden. Uiteindelijk komt het op zijn pootjes terecht, maar ik had wel het idee dat de Oosterwijk zich daarvoor in veel bochten heeft moeten wringen. Af en toe was het me net té, maar ik kan me voorstellen dat een stripmaker wel eens wil kijken wat er binnen de conventies van zijn format allemaal mogelijk is.
Boeiend is dat Morelli, die altijd aan de kant van het goede staat en de bestrijder van het kwaad is, aan de andere kant terechtkomt. Als lezer wil je enerzijds aan de die goede kant staan en anderzijds wil je je identificeren met de hoofdpersoon en die twee dingen samen leveren spanning op. Dat is altijd goed voor een verhaal.
De strips over Cor Morelli lees ik altijd met plezier en dat heb ik ook weer met dit album gedaan. De misdaadwereld is altijd boeiend, omdat juist daarin de strijd tussen goed en kwaad duidelijk wordt. Met Morelli kun je je als lezer gemakkelijk identificeren. In principe deugt hij, maar hij is geen held. De echte daadkracht ligt vaker bij Esther Echt. Misschien verzoent Morelli ons met onze menselijkheid: je maakt fouten en je vergist je, net als Morelli, maar uiteindelijk pakt dat toch soms goed uit, mede door de mensen in je omgeving. Als je je, zoals de meeste mensen, struikelend door het leven beweegt, kun je je daaraan vasthouden.






Geen opmerkingen:
Een reactie posten