dinsdag 21 juli 2026

Columbusstraat (Tobi Dahmen)


Als het over de Tweede Wereldoorlog gaat, heb ik het nog steeds over 'de oorlog', een markeringspunt in de laatste honderd jaar in Europa (en ook nog daarbuiten). Over die oorlog is al veel geschreven, er zijn films over gemaakt en ik kan zo een stel strips opnoemen die zich afspelen in die oorlog. 

Soms gaat het daarbij over holocaust, soms over het verzet, soms over de veldslagen die geleverd zijn. Het heeft een tijd geduurd voordat er aandacht was voor degenen die in de oorlog collaboreerden met de Duitsers, maar intussen kennen we ook daar verhalen over. Vorig jaar besprak ik bijvoorbeeld Over de rand laait vuur, waarin historicus Chris van der Heijden probeert te begrijpen waarom zijn ouders de keuzes maakten die ze gemaakt hebben. 

Maar hoe zat het met de Duitsers? Tessa de Loo schrijft er over in De tweeling, in Montyn van Dirk Ayelt Kooiman wordt er iets over verteld en er zullen nog wel wat titels te noemen, maar de oogst is schraler dan bij andere soorten oorlogsboeken. In ieder geval wil ik Een tijd als deze van Sarah van der Maas vermelden, een goed boek dat ik vorig jaar te weinig in de eindejaarslijstjes heb gezien. Het gaat over een jonge man in Duitsland die probeert de oorlog zonder kleerscheuren door de komen. Hij is een modelnazi, die zich niet zo met ideologie bemoeit, maar die ervoor zorgt dat er niets op hem aan te merken is. En dan valt zijn kaartenhuis toch ineens in elkaar. 

Hoe was het eigenlijk voor Duitsers in de oorlog? Voor jongens die in het leger moesten? Voor hun familie? Hoe was het als je het niet eens was met de opvattingen die overal verkondigd werden?

Tobi Dahmen las de brieven zijn familieleden schreven tussen 1935 en 1945, zocht naar documenten, reconstrueerde de levens van die familieleden en maakte daarvan een indrukwekkende graphic novel, Columbusstraat. Het is een boek van meer dan vijfhonderd bladzijden geworden. 

Website

Hij vertelt in stripvorm het verhaal van twee families, van zijn vaderskant en van zijn moederskant. Op zijn website vind je de foto's van de betrokkenen en er zouden ook documenten en brieven getoond worden, maar die moeten nog geüpload worden. Enkele maanden geleden zetten de Amerikaanse National Archives een enorme hoeveelheid NSDAP-lidmaatschapskaarten online, meldde het Duitsland Instituut. Mogelijk dat daar ook nog uit geput moet worden. Van tijd tot tijd zal ik op Dahmens site kijken of er al meer staat, want ik ben wel nieuwsgierig. 

Om ons de weg niet kwijt te laten raken, staat voor in het boek de stamboom van de familie Dahmen, achterin de stamboom van de familie Funcke. 



Je ziet een lijntje lopen van Karl-Leo Dahmen naar Andrea Funcke. Dat zijn de ouders van Tobi. Vader werd geboren in 1932, moeder in 1936. Ze waren kinderen toen de oorlog uitbrak. In het boek spelen vooral de grootouders een grote rol, maar ook de ooms, de oudere broers van Karl-Leo, die als militair de oorlog moesten zien te overleven. 

Een daad van liefde

Af en toe springt het verhaal naar het heden, naar de tijd dat Tobi met het boek bezig is. Dat maakt het perspectief duidelijker en het geeft ook begrip voor het werk waar Tobi mee bezig is. Aan de ene kant is dat werk beladen, want het gaat over een tijd waarin ook ongemakkelijke zaken ter sprake komen. Aan de andere kant is het ook een daad van liefde: door het graven in de geschiedenis dichter komen bij je ouders en bij de verdere familie, beseffen uit wie je bent voorgekomen en dat hun geschiedenis ook de jouwe is. 

De titel Columbusstraat verwijst naar een adres in Düsseldorf, waar de familie Dahmen lang woonde. 

Hoe het de families precies verging, laat ik even in het midden. Er gebeurt heel veel en als ik er wat dingen uit pik, doe ik de rest tekort. Dahmen baseert zich bij wat hij vertelt op documenten, die soms ook afgedrukt staan in het boek. Er komen veel letterlijke citaten uit brieven in voor, waardoor je dicht op de huid van de briefschrijvers zit, maar ook op die van de geadresseerden tot wie de briefschrijver zich richt. Bovenal is Columbusstraat het verhaal van mensen. In andere boeken is van alles te lezen over politieke en militaire beslissingen (en die komen hier ook wel in voor), maar in de eerste plaats volgen we de mensen, mensen zoals jij en ik, die niet om de oorlog hebben gevraagd en die geen andere keus hebben dan om door te gaan, zonder dat ze weten hoe hun keuzes zullen uitpakken. 

Daarbij moest ik denken aan een gedicht van Willem Wilmink:

Oorlog

't Was oorlog. We zaten gewoon in de klas.
Je was bang... voor een vak waar je slecht in was,
je was bang... voor een beurt, zo ineens voor het bord.
Niet bang voor de oorlog, maar voor je rapport.

De Duitse soldaten marcheerden maar an.
De Duitse soldaten, wat zongen die dan?
‘Er bloeit een wit bloempje daarginds op de hei.’
Of: ‘In de maand mei is de winter voorbij.’

We vonden het mooi, zo'n soldatenlied.
Het kwaad dat ze deden, dat kenden we niet.
Maar soms was er doodsangst, voor het gerucht
van vliegtuigen, met mooi weer in de lucht.

Mooi weer, dat betekende levensgevaar.
In een kelder zaten we dicht bij elkaar.
En de buurman speelde zo dapper voor spook
en we moesten er nog wel om lachen ook.

We hadden na een bombardement
nieuw speelterrein, met gras en cement.
Daar speelde je dat je gesneuveld was,
dan lag je een tijdje dood in het gras.

Je maakte een voetbal of ook wel een bom
van proppen papier, elastiekje erom.
Het leven ging meestal gewoon maar zijn gang.
Maar soms was je bang. Soms ben ik nog bang.

Ook in dit gedicht lees je dat er oorlog is en dat dat gevaar betekent, maar dat ook de dagelijkse dingen doorgaan. 

Woordenlijst

Achter in het boek heeft Dahmen een 'Woordenlijst' opgenomen, maar liefst vijftien pagina's. Met die benaming doet hij dit deel van het boek ernstig tekort. Niet alleen worden hier zaken nader verklaard die in de strip gezegd worden, maar ook wordt er uitleg gegeven bij wat we zien. We krijgen zo een historische context. Dit is een doorwrocht deel van het boek, met bijzonder veel informatie. 

Dingen die je in een verhalende strip niet kunt uitwerken, kunnen in deze aantekeningen verduidelijkt worden. Een oudoom heeft bijvoorbeeld in 1937 de praktijk van een joodse arts overgenomen. Het was een min of meer goede overeenkomst. Maar, zoals Dahmen opmerkt, Wat betekent goed in deze situatie? Nu er afstand is in de tijd is dat scherper te zien. 

Enkele andere dingen die hij uitlegt: hoe de Volksempfänger, een radio, een belangrijk instrument is geweest in de nazipropaganda; hoe schoolkinderen medicinale kruiden moesten verzamelen voor de Wehrmacht; dat Duitse soldaten die gewond raakten een gewondeninsigne kregen en dat daar naar schatting er tien miljoen van uitgedeeld zijn; dat de gemiddelde levensverwachting van rekruten in 1941 2,5 jaar was, maar dat het aan het eind van de oorlog nog maar 0,1 jaar was; dat er 26.000 soldaten wegens desertie werden veroordeeld, van wie 60 procent de doodstraf kreeg opgelegd en dat er in totaal naar schatting 350.000 tot 400.000 soldaten deserteerden. 

Verder had ik nog nooit gehoord van de Kinderlandverschickung, de evacuatie van kinderen en jongeren uit steden die gevaar liepen gebombardeerd te worden. Dat zijn er waarschijnlijk meer dan twee miljoen geweest!

De pagina's bevatten een schat aan informatie. Verder geeft Dahmen legt Dahmen verantwoording af van de illustraties en de informatiebronnen die hij gebruikt, voegt hij een literatuurlijst toe en beveelt hij sommige strips en graphic novels aan. Hij geeft aan dat het een selectie is. Het zou mooi zijn als iemand die lijst aanvulde. Ik weet ook niet of die achter in dit boek hoeft te staan, maar het zou mooi zijn als iemand in kaart bracht wat er al in stripvorm over de oorlog is verschenen. 

Tekeningen

De tekeningen van Tobi Dahmen zijn in zwartwit, waardoor ze sober ogen, wat goed past bij het onderwerp. De tekeningen zijn helder en toegankelijk. Ze staan in dienst van het verhaal dat verteld moest worden. Er zijn zowel aangrijpende en heftige passages als huiselijke en gezellige. Juist dat hele scala is belangrijk, zoals in het gedicht van Wilmink. 

Wat me van dit boek zal bijblijven is dat het een boek over mensen is en met hoeveel liefde en aandacht voor die mensen het verhaal is verteld. Tegelijkertijd wordt er niets verbloemd en kijkt Dahmen scherp naar wat er gebeurd is. Maar zijn grondhouding is die van empathie. 

Dat werkt goed, maar dat niet alleen. Die grondhouding van empathie hebben we ook in deze gepolariseerde tijd meer dan nodig. 


Titel: Columbusstraat. Een familiegeschiedenis
Tekst en tekeningen: Tobi Dahmen
Vertaling: Christine Anneliese Braun
Uitgever: Scratch Books
2026, 528 blz. € 39,95 (hardcover, gebonden, leeslint)



Geen opmerkingen:

Een reactie posten