vrijdag 25 april 2014

De scharensliep (Aan de deur 9)

Scharensliep, ongemotoriseerd, 1974
Bijna nooit meer hoor ik het woord 'scharensliep', maar eind februari van dit jaar was er ineens een scharensliep in het nieuws: kijk hier maar eens. Het is een bericht over iemand die aan een boer aanbood om diens freesmessen en boorkoppen te slijpen. Nadat de boer het afgesproken bedrag overgemaakt had, eiste de slijper duizend euro meer. Omdat de boer niet toegaf, kreeg hij een serie bedreigende telefoontjes: brand en de dood zouden hem te wachten staan.

Zo gaat dat tegenwoordig dus. Ik herinner me de scharensliep als iemand die aanbelde om te vragen of de vrouw des huizes messen of scharen te slijpen had. Je had goede scharenslijpers en klungels, die je messen of scharen zo konden slijpen dat ze nooit meer te gebruiken waren.

Op één scharenslijper kon je blind vertrouwen. Ik weet niet of ik zijn naam goed spel, maar mijn moeder sprak die uit als Valiezen. Valiezen leverde altijd goed werk. Ik herinner me ook wel slijpers waarover mijn moeder niet tevreden was.
Het vrije volk, 2 december 1968

Een van die slijpers nam een groot mes van mijn moeder aan om dat te slijpen. Ze vroeg vooraf hoeveel het was. Hij noemde de prijs. 'Een knaak of zo',  vertelde mijn moeder die zich het exacte bedrag niet meer kon herinneren. Een jonge vrouw (zijn dochter?) bracht het mes terug en zei dat het vijf gulden was, wat mijn moeder natuurlijk niet wilde betalen. Het was erg veel werk geweest, vertelde de vrouw, maar daarmee vermurwde ze mijn moeder niet. De vrouw dreigde het mes te houden, waarop mijn moeder zei dat dat goed was, maar dat ze dan wel de politie ging bellen. Ze kreeg het mes terug en betaalde de vooraf afgesproken prijs.

Het verhaal is te vergelijken met dat van de scharensliep met wie ik opende: een bedrag afspreken en dan achteraf zeggen dat het duurder was. Indertijd was het zeker niet de gebruikelijke gang van zaken; anders had mijn moeder het verhaal over deze ene keer niet op die manier verteld. Uniek was het ook niet: In Het vrije volk van 2 december 1968 wordt er gewaarschuwd tegen dergelijke slijperspraktijken.

Scharenslijpers had je volgens mij alleen maar langs de weg. Nergens bij ons in de omtrek was een slijperij waar je met je botte messen naar toe kon. Ik vroeg mij af of het woord 'straatslijper' daarmee te maken had. De etymologiebank leert mij dat een straatslijper hetzelfde is als een baliekluiver, een kaailoper of een lanterfanter. Iemand die de straat 'slijpt', dus glad maakt, doordat hij altijd buiten rondloopt.

Al in de jaren zestig (als ik het mij tenminste goed herinner) waren de scharenslijpers gemotoriseerd: ze zetten een motortje aan dat de slijpsteen rond liet draaien. Nog langer geleden moest de slijper zelf de steen in beweging brengen: er hing een boom onder de slijpwagen waarop de scharensliep trapte. Het aandrijfsysteem zal wel ongeveer hetzelfde gewerkt hebben als bij de trapnaaimachine van mijn moeder.

Dat gegeven was in mijn jeugd nog wel bekend. Ik heb 'op bruiloften en partijen' nog wel opgetreden als scharensliep, samen met iemand anders. De eerste keer was dat mijn kamergenoot op het internaat, later vervulden neven de rol van slijperskar. We kwamen binnen, al kruiwagen rijdend: ik had mijn hulp bij de enkels vast en hij liep op zijn handen vooruit. Met enige fantasie zag het eruit als een kruiwagen.Daarbij zong ik een eenvoudig lied, dat slechts bestond uit twee regels die steeds herhaald werden:
Scharensliep! Scharensliep!
Alles wat de man verdient, verzuupt het wief.
1977
1982
Mijn hulp was gekleed in een overall en had een zakdoek voor zijn gezicht. Ik zette hem op een stoel en sloeg zijn ene been over het andere. Ik liet hem zijn handen ophouden en schoof daar twee pannendeksels aan. Dan haalde ik een panty uit mijn zak. Ik trok die onder de voet door van het been dat niet op de grond stond en bond de voeten van de panty aan elkaar, over de pols van een van de handen. Als ik dan op de voet trapte, bewoog mijn hulp de pannendeksels langs elkaar, zo de suggestie wekkend dat er een slijpsteen draaide. Intussen had ik de botte messen opgehaald, die van tevoren in de zaal waren uitgedeeld.

Onder het slijpen vertelde ik over mijn leven als scharensliep. Eigenlijk kwam het verhaal neer op een stel moppen die ik verzameld had. Tussendoor nam ik slokken water uit een jeneverfles. Omdat de steen nogal droog was, spuugde ik er geregeld water over en aan het eind gooide ik mijn hulp helemaal nat. Men vond dat leuk.

Of scharenslijpers een reputatie als dronkelap hadden, weet ik niet. Ik weet ook niet of ze sowieso een slechte reputatie hadden. In Neerlands volksleven van D.J. van de Ven uit 1920 las ik:
De scharesliep was in den Gelderschen en Overijselschen Achterhoek lang niet de maatschappelijke paria, zooals sentimenteele zedeprekes wel eens hebben trachten aan te toonen. Lustige, vroolijke kwanten waren het.
Verderop wordt het nog gesproken over ‘de bandelooze vrijheid, welke het scharenslijpersvolkje altijd als eerste en voornaamste recht heeft beschouwd in zijn tekkend bestaan.’ Het lijkt me dat Van der Ven niet vies is van generaliseren. Ik kan me niet voorstellen dat scharenslijpers alleen maar 'vroolijke kwanten' waren.

Van de Ven citeert een slijperslied:
Toen ik jong was van jaren
Liep ik met mijn slijpersteen
In mijn vak zeer goed ervaren
Liep ik naar alle oorden heen
‘k Liep overal in ’t rond
Of ik iets te slijpen vond
Al van den vroegen morgen
Tot aan den avondstond.
In de Indische Courant van 15 januari 1942 staat een berichtje over een 'scharensliep-fonds'. Ik kan niet achterhalen wat de context is. Ging het de scharenslijpers slecht en moest er voor hen een fonds opgericht worden?

De scharensliep is er in ieder geval al heel lang. Al in de zeventiende eeuw komen er afbeeldingen voor van de scharensliep.

Adriaan van Ostade, ca. 1671
Het bekende volksliedje over de scharensliep (Komt vrienden in het ronde) stamt zelfs al uit de zestiende eeuw, volgens Erfgoedbank Meentjesland. In het lied wordt het beroep van scharenslijper vergeleken met andere beroepen. De laatste strofe luidt:
Sa vrienden voor het leste:
Al' ambachten zijn goed,
Maar 't mijn is toch het beste,
Schoon ik soms slapen moet
Op hooi of stro of in enen stal,
Daar heb ik kost voor niemendal.
Ik vond nog een andere, langere versie, maar ik weet niet hoe betrouwbaar die is. De strekking is dezelfde. 

Er is tegenwoordig niemand meer die zijn keukenmessen of zijn scharen laat slijpen. Wat niet goed meer functioneert, wordt vervangen. Vroeger werd het slijpen trouwens niet altijd aan professionals overgelaten. Mijn opa had bij het kippenhok een slijpsteen staan, met een waterbak eronder. Als je die vulde, draaide de steen door het water, zodat hij nat bleef. Mijn moeder haalde wel eens buiten een mes over de stenen bij een hoek van het huis. Ik ken ook nog verhalen over aanzetriemen waarlangs scheermessen gehaald werden. Dat heb ik niet meer meegemaakt. 

Strekel, haarhamer, haarspit
Mijn vader scherpte zijn zeis met een strekel als hij een stuk gemaaid had. Een strekel was een lat waarop een cementkleurig goedje vastgeplakt was. Mijn vader droeg de lat in het de langwerpige broekzak aan de buitenkant van zijn dij. Daar waar anders de duimstok zat.

Eens in de zoveel tijd werd de zeis 'gehaard'. Daartoe werd er een metalen aambeeldje (haarspit) met een pin in de grond geslagen. Mijn vader ging er plat op zijn billen bij zitten, benen om het aambeeldje heen. Met zogeheten haarhamer klopte hij dan het snijvlak van de zeis weer scherp. Volgens mij gebeurde het maar een paar keer per jaar. Er zullen nog wel folkloristische groepen zijn die dat in ere houden, maar het is nu een curiositeit geworden; vroeger zag je het geregeld. 


Voor de scharensliep is er intussen geen werk meer, net zoals voor de olieboerkolenboer of de koeienschetser

3 opmerkingen:

  1. Wat een leuk stuk zeg! Momenteel probeer ik een stuk te schrijven dat onze bedrijfsnaam verklaart, Schaatsensliep. Ik wist dat mijn opa het had afgeleid van scharensliep. Maar mensen kennen dat woord gewoon niet meer. Nou inspiratie genoeg zo.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. De volledige tekst van De Scheresliep (Komt Vrienden in de Ronde) kunt u vinden op https://bertvanzantwijk.wordpress.com/2017/09/18/de-scheresliep/

    BeantwoordenVerwijderen