dinsdag 25 december 2012

Kronkelpaden van het geheugen



Eerlijk gezegd heb ik van Kristien Hemmerechts lang niet alles gelezen. Een handvol romans, die me goed bevielen; een paar verhalenbundels, die ik misschien nog wel beter vond; het prachtige boekje Taal zonder mij.

Nu ik Wikipedia erbij haal, zie ik dat ik vooral het werk uit de jaren negentig heb gelezen. Ook zie ik dat Taal zonder mij ondergebracht is bij de fictie, wat ik vreemd vind. Van de non-fictie las ik Een jaar als (g)een ander (2004) (dat op Wikipedia zowel bij de fictie als de non-fictie staat) en De dood heeft mij een aanzoek gedaan (2010). Beide boeken vond ik niet overtuigend.

Al een tijdje heb ik de roman Ann (2008) in huis, omdat een leerlinge die op haar lijst zou zetten. Maar van lezen is het niet gekomen.

En nu heb ik Kronkelpaden van het geheugen gelezen. Ook non-fictie. En ik zeg het maar meteen: een mooi boek.

Kronkelpaden is een vlechtsel van verschillende lijnen. De eerste is de dood van de dochter van haar buurvrouw. Mischa was veertig toen ze overleed aan leukemie. Ze had toen twee kinderen. Hemmerechts reconstrueert haar leven en het einde ervan aan de hand van herinneringen en dagboeken van Mischa's naasten. Ook gaat ze haar eigen geheugen na.

Tussendoor herleest ze Het verdriet van België en probeert erachter te komen wat de werkelijkheid is achter Claus' fictie. Ook de oorlogsherinneringen van haar moeder spelen hier doorheen.

Dan zijn er natuurlijk nog haar herinneringen aan haar eigen verleden, met Herman de Conicnk, maar ook aan andere perioden van haar leven. Bijvoorbeeld in de tijd dat haar twee zoontjes overleden.

Bij alles vraagt ze zich af hoe betrouwbaar haar geheugen is. Ze checkt wat ze zich herinnert (of laat bewust de controle na) en merkt elke keer weer dat je je geheugen eigenlijk niet kunt vertrouwen. Ook probeert ze erachter te komen waarom ze zich bepaalde dingen herinnert en waardoor herinneringen geactiveerd worden. Ze ontwikkelt daarvoor een soort formule, die erop neerkomt dat je je vooral die dingen herinnert die emotionele waarde voor je hebben. Die emotionele waarde kan haar oorsprong hebben in de emotionele gebeurtenis, maar kan er ook later aan toegekend worden.

Hemmerechts gaat ver bij het bevragen van mensen in haar omgeving, omdat ze domweg wil weten hoe het nu allemaal zat. Daarbij gaat ze ook ver in het bevragen van zichzelf en ze heeft de moed om de antwoorden die ze vindt ook op te schrijven:
Ik ga iets verschrikkelijks schrijven, iets volstrekt onvergeeflijks Hier komt het: ik vind het ook een klein beetje prettig dat mijn vader dood is. En ik hoop het te mogen meemaken dat ik helemaal geen ouders meer heb. Na al die jaren mét wil ik ook wel eens zonder. Als mezelf. Ongebonden.
Ze hoort de bestraffing al van degenen die dat zullen lezen. Ze zullen haar vragen hoe ze het zou vinden als haar dochter dat zou zeggen.

Tegelijkertijd merkt ze dat ze het soms lastig vindt om aan de biograaf van De Coninck alles te vertellen.
De waarheid zal ook wel zijn dat ik 'iets' voor mezelf wil houden. Datgene wat misschien onbenoembaar is; wat tussen twee mensen bestaat die van elkaar houden en met elkaar botsen en zich aan elkaar schuren en misschien juist daardoor nog meer van elkaar houden; die knarsetanden om het gammele van hun liefde, maar niet kunnen ontkennen dat het liefde is. 

Kronkelpaden van het geheugen is een intrigerend boek. Je volgt de naspeuringen naar het leven en van Mischa en vooral naar het eind van haar leven. Je merkt de betrokkenheid van de schrijfster, maar ze probeert zo reporterend mogelijk te zijn, omdat ze zo dicht mogelijk bij de waarheid wil komen. Juist daardoor grijpt haar portret van Mischa je aan.

Kronkelpaden is een persoonlijk boek, doordat de schrijfster op bijna elke bladzijde zelf aanwezig is: vragen stellend, twijfelend, zichzelf onderzoekend. Ze ontziet zichzelf niet, waardoor het ook een moedig boek is geworden.

Doordat Hemmerechts dicht bij zichzelf blijft, is dit ook een Vlaamser boek dan de vorige boeken die ik van haar gelezen heb. Verschillende keren 'hoor' je bijna het Vlaamse in haar taal. Ze spreekt over 'ne mens' en 'de daver op het lijf hebben'. Meteen daarna schrijft ze dat Nederlanders die uitdrukking niet kennen. Verschillende keren constateert ze het verschil tussen de taal die ze gebruikt en de taal van de Nederlanders, waarbij ze rekening lijkt te houden met een Nederlands lezerspubliek. Ook het taalgebruik draagt bij aan de authenthieke indruk die dit boek maakt.

Ik krijg de neiging om mensen in mijn omgeving te vragen: Hebt ge de nieuwe Hemmerechts gelezen? Schoon dat dat is!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen