donderdag 12 maart 2015

Refomeisje (Annemarie van Heijningen - Steenbergen)


Een paar keer zag ik het voorbijkomen in een berichtje, en ik zag een interview in een krant: er was een nieuw boek: Refomeisje. Goede titel. Je onthoudt hem makkelijk en de associaties komen vanzelf op gang. In het kader van de boekenweek besloot ik het boek te gaan kopen. Dan kon ik meteen het christelijke boekenweekgeschenk (dat geen boekenweekgeschenk mag heten) meenemen.

Ik ging naar een christelijke boekhandel en vroeg of ze het boek hadden. De man bij de kassa wees me de juiste tafel, maar ik zag het boek niet. Ik had namelijk verwacht dat het om een roman ging, waarbij de schrijfster geput zou hebben uit haar eigen jeugd. Zoiets als Dorsvloer vol confetti. Refomeisje blijkt geen roman te zijn, maar een vierkant boekje, 80 bladzijden dun. Het ziet eruit als een boekje met gedichten voor moederdag of met recepten voor eenpersoonshuishoudens.

In eerste instantie was ik wat teleurgesteld: geen roman. Maar de titels van de hoofdstukken trokken me wel aan: de tale Kanaäns. 'Arglistig is ons hart, meer dan enig ding'; 'Weg wereld, weg schatten'; 'Als een vuurbrand uit het vuur gerukt'; 'Minder zonden doen en een groter zondaar worden'. Dat zijn de uitdrukkingen die ik me uit mijn jeugd herinner. Over eentje twijfelde ik: 'Des Heeren tempel zij deze'. Volgens mij moest dat zijn: 'Des Heeren tempel zijn deze.'  Ik kocht het boekje. 

In mijn jeugd bestonden er geen refo's en dus ook geen refomeisjes. Ik vermoed dat de term pas in de loop de jaren zeventig, of misschien zelfs pas tegen het einde ervan, in zwang is gekomen. Het kan ook zijn dat de benaming 'refo' al wel bestond, maar dat ik die niet hoorde. Het Reformatorisch Dagblad werd opgericht in 1971, mijn ouders werden meteen abonnee. Behalve ooms en tantes kende ik geen andere mensen die deze krant lazen.

Bij ons in de buurt (een paar dorpen verderop) kwam pas een reformatorische school toen ik in de hoogste klas van de lagere school zat. Mijn broertje en zusje zijn daar met het busje naar toe gegaan; ik bleef op de hervormde school waar ik zat. In 1974 werd het Van Lodenstein College opgericht en later kwamen er ook andere reformatorische scholen. Ik vermoed dat daar de term 'refo's', misschien wel als een soort geuzennaam, is ontstaan.

In Refomeisje vertelt Annemarie van Heijningen hoe ze opgroeide op het erf des verbonds, in de Gereformeerde Gemeente. Als kind ging ik met mijn ouders naar de Gereformeerde Gemeente in Nederland, net een tikje zwaarder. Aan een buitenstaander is het verschil nauwelijks uit te leggen. Het heeft te maken met het voorwaardelijk of het onvoorwaardelijk aanbod van genade.

In de gemeente van Annemarie zijn er bij de avondmaalsviering wel drie avondmaalstafels. Wij kerkten in een grote gemeente, waar ook toen al meer dan duizend leden waren, maar daar kon men makkelijk aan één tafel: 'Eén uit een stad, twee uit een geslacht'. De dominee zei wel eens dat hij er dankbaar voor was dat er bij ons niet een doorbraak als der wateren was, zoals in andere kerken, waar men in drommen naar het avondmaal ging.

In de gergem waren jeugdverenigingen, die er in de gergem in ned niet waren. Dominee moest niets van die menselijke organisaties hebben. Er was bij ons alleen catechisatie, waarin we de antwoorden op de vragen van Hellenbroek uit ons hoofd leerden.

Annemarie van Heijningen schrijft hoe ze als refomeisje de wereld beleeft. Ze vraagt zich bijvoorbeeld af welke juf of meester er bekeerd is:
Juf Linda had het er vaak over dat de Heere je tranen droogt, als je naar de hemel mag. Ze zei dat Hij dat deed met een heel zacht doekje. Ik zag het voor me, hoe de Heere Jezus mijn tranen zou drogen. Met zijn ene hand onder mijn kin en met in Zijn andere hand zo'n zachte, gele stofdoek. Ik wist precies hoe Zijn ogen zouden staan, maar dat kon ik niet goed uitleggen. Juf Linda bad dat we de Heere zouden dienen met eenparige schouder. Na het bidden legde ze uit wat dat betekende: de duivel zou er niet tussen passen. Iemand die zo veel over de Heere praatte, was misschien toch bekeerd. Ze had een zwarte trouwjurk aan op haar bruiloft. Dat was ook een teken. Als je bekeerd was, droeg je zwarte kleren. Omdat je eigenlijk in de rouw was vanwege je zonden. 
Die hand onder die kin, dat zie je wel voor je. Het refomeisje dat Van Heijningen schetst, is niet alleen een meisje dat over veel dingen nadenkt, maar dat ook goed om zich heen kijkt. De vragen die ze stelt, kan de lezer (deze lezer, althans) wel navoelen.

Refomeisje is een mild en misschien zelfs wel een liefdevol boekje, maar de moeilijke kanten van de refogemeenschap worden niet ontweken. Ze vertelt dat er jongeren door de kerkenraad ondervraagd werden als ze meededen aan bijbelstudiekampen.
Hoewel er tijdens de weekenden uit de Statenvertaling gelezen werd, meisjes en vrouwen een rok droegen en we op zondag naar een gereformeerde gemeente gingen, werden de organisatoren aan de tand gevoeld. De kampen waren immers niet kerkelijk georganiseerd en er was geen sprake van ambtelijk onderwijs.
Ik hoorde meer. In sommige, hopelijk incidentele gevallen, werden mensen onder (stille) censuur gezet, als ze bijvoorbeeld een bijbelstudie-  of gebedskring bezochten of organiseerden. Dergelijke zaken zouden evangelisch zijn. Er zouden kwalijke invloeden van uitgaan. Men zou massaal denken dat men bekeerd was.
 Kritiek of twijfel uit Van Heijningen meestal in de vorm van vragen. Haar kritiek is nooit scherp. Eerder spreekt er onbegrip of verbazing uit.

Uiteindelijk verlaat Van Heijningen de Gereformeerde Gemeente. Om het exitgesprek moet ze vragen, maar dan krijgt ze het ook: 'Ik weet niet meer precies wat er gezegd is tussen de ouderlingen en mij. Wel dat het goed was om elkaar even in de ogen te kijken en om elkaar de hand te schudden.'

Voor en na de hoofdstukjes waarin Van Heijningen haar gang door kerk en geloof schetst, is er nog het een en ander te lezen: een stukje over de titel, een inleiding, een slotwoord, een dankwoord en daarna nog een bijlage, een 'minicursus tale Kanaäns'. Die cursus is niet nodig voor wie in een zware kerk is opgegroeid, maar voor anderen kan het zeer verhelderend onderdeel zijn.

Van Heijningen beseft zelf niet altijd hoeveel allusies ze in haar tekst opgenomen heeft. Zo begint ze het hoofdstuk 'Allerlei wind van leer' met 'Terwijl ik van kamp tot kamp steeds voortging (...)', wat me een duidelijke verwijzing lijkt naar Psalm 84 (berijmd): 'Zij gaan van kracht tot kracht steeds voort'. Zoiets laat ze in de bijlage ongenoemd.

In het slotwoord concludeert Van Heijningen dat ze nog steeds een refomeisje genoemd mag worden. Ook een refomeisje met een broek aan blijft een refomeisje. Zo'n afkomst verloochent zich niet.

Eerlijk gezegd viel Refomeisje mij mee. Het boekje is bescheiden van omvang en het lijkt met weinig pretentie geschreven. De stijl is vaak helder. Af en toe struikel je over een cliché ('Herinneringen waarvan mijn hart nog altijd sneller gaat kloppen'), hier en daar had het van mij minder lievig gemogen, maar ik heb niet de neiging gehad om het boekje maar weg te leggen. Nog wel een te ziften mug: in het slotwoord noemt Van Heijningen haar man 'criticaster', wat bepaald geen compliment is. Er zal wel 'criticus' bedoeld zijn. Zie ook hier.

Over het beoogde publiek schrijft Van Heijningen in de inleiding. 'Dit boek is geen theologische verhandeling, maar een persoonlijke zoektocht. Geschreven voor wie het lezen wil. Herkenbaar voor mensen die een vergelijkbare weg zijn gegaan. Spiegelend voor mensen die in het nest zijn gebleven.' De inleiding is vrij beroerd geschreven, maar daar gaat het mij even niet om. Ik vroeg mij af of dit inderdaad een boekje is voor mensen die opgegroeid zijn in de zwaardere kringen. Siebelink en Treur trokken ook publiek uit heel andere segmenten. Ik kan mij voorstellen dat dat bij Refomeisje ook gebeurt. We zullen zien. Over publiciteit in christelijke media heeft Van Heijningen - Steenbergen niet te klagen. Daarbuiten blijft het nog even stil.




Van Heijningen schrijft ook over het gewaad en het gelaat. Daarover schreef ik ooit hier.
Misschien heb je ook belangstelling voor: Eredienst aan huis.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen