dinsdag 2 februari 2016

De liefde niet (Margriet van der Linden)


Wie voor een debuutroman de titel De liefde niet kiest, zal wel goed thuiszijn in de Bijbel. Ieder die dat ook is, denkt meteen aan 1 Korinthe 13. Wat je ook doet, als je de liefde niet hebt, stelt het niets voor, lezen we daar.

De liefde niet is de titel die Margriet van der Linden meegaf aan haar eerste roman. De hoofdpersoon, het meisje en later de studente M, groeit op in een christelijk milieu. Vader en moeder blijven naamloos ('de vader', 'haar moeder'). Dat doet nogal denken aan Een hemels meisje van Josien Laurier, waarin de hoofdpersoon opgroeit in een evangelisch gezin. Ook daar lezen we over 'de moeder' en 'de vader'. Ik heb het idee dat het boek een beetje vergeten is en dat is jammer; Een hemels meisje is nog zeer leesbaar. Het zou herdrukt moeten worden. Voor een interview met Josien Laurier: zie hier. In dat interview vertelde ze dat ze gestopt is met schrijven. Laurier schreef overigens ook een roman waarvan de titel in de verte lijkt op die van Van der Lindens boek: Het zal de liefde wel zijn.

De naam M zou natuurlijk kunnen verwijzen naar Margriet. De achternaam van de hoofdpersoon wordt maar één keer in het boek genoemd: Onderdelinden. Dat lijkt weer erg op Van der Linden. De liefde niet is een roman, maar Van der Linden  heeft veel autobiografische elementen gebruikt. Bij interviews lopen boek en autobiografische werkelijkheid dan ook vaak door elkaar.

Waarom de hoofdpersoon nauwelijks een naam heeft en waarom de grote broer en het kleine broertje geen naam hebben is mij niet zo duidelijk. Blijkbaar wilde de schrijfster de personages anonimiseren. Wil dat zeggen dat de gebeurtenissen net zo goed anderen hadden kunnen overkomen? Of zijn de personen niet zo belangrijk voor M? Maar waarom heeft ze zelf dan een naam die uit niet meer dan een letter bestaat? Het zou kunnen zijn dat het een verwijzing is naar Mariken van Nieumeghen, die haar ziel aan de duivel verkocht. Ze moest haar naam, die te veel leek op Maria, opgeven en hield alleen de eerste letter over: Emmeken.

In de loop van het boek ontdekt M dat ze op vrouwen valt. Als een soort voorbeeld wordt Martina Navratilova genoemd. Ook zij wordt slechts aangeduid met 'de vrouw' en blijft naamloos, evenals andere tennissters als Chris Evert en Steffi Graf. Ook hierbij ontgaat mij de functie ervan, aangezien toch iedereen wel weet over wie het gaat.

De liefde niet beslaat een lange periode: van 1977 tot begin jaren negentig. We volgen M vanaf haar verhuizing (als ze zeven jaar oud is), tot de tijd dat ze klaar is met de opleiding aan de Evangelische School voor de Journalistiek in Amersfoort. Wat er in die tijd in Nederland en in de wereld gebeurt, krijgen we steeds te horen: van een treinkaping (1977) tot de val van de muur (1989). Ook horen we welke popartiesten populair zijn. Soms hebben de actuele omstandigheden invloed op de personages, maar vaker zijn ze alleen een tijdsbepaling. Daarin is Van der Linden heel nauwkeurig; geen enkele keer heb ik haar op een anachronisme kunnen betrappen.

M groeit op in een christelijk gezin. Ze gaat naar een reformatorische school, verkeert tussen christelijke studenten, bezoekt van tijd tot tijd de kerk. In sommige passages duikt het geloof op, maar er zijn ook grote stukken waar het geen enkele rol lijkt te spelen.

Dat typeert de manier van werken van Van der Linden. Veel verhaallijnen pakt ze op en daarna laat ze ze tijden weer rusten. Navratilova komt bijvoorbeeld op bladzijde 21, voor als M voor het eerst over haar leest in een blad bij Oma Griet. Daarna horen we meer dan zestig bladzijden niets over de tennisster. M is een tijdje intensief in haar gedachten bezig 'de vrouw' en dan blijft het onderwerp weer rusten. Het lijkt wel of de schrijfster zichzelf af en toe moet herinneren aan waarover ze geschreven heeft. Voor mijn gevoel gaat dat ten koste van de doorgaande lijnen in het boek.

Er zullen ongetwijfeld mensen zijn die vinden dat het gezin of de school of de kerk in De liefde niet niet representatief zijn voor het christelijke milieu dat de lezers uit hun omgeving kennen. Dat zal wel kloppen, maar een schrijver heeft niet de taak om een representatief beeld van bijvoorbeeld een christelijk gezin of een christelijke school te geven, maar een geloofwaardig beeld. De profeet Jona is ook heel anders dan de gemiddelde profeet; toch is zijn verhaal opgenomen in de Bijbel.

De setting van De liefde niet vind ik wel geloofwaardig, dat is het probleem niet. Ik heb meer moeite met de stijl, die ik nogal droog vind. Er is op stilistisch gebied niet zo veel te beleven in deze roman. Een enkele keer kom je een zin tegen die oplicht. Zo beschrijft ze een speciale uitgave van de Statenbijbel als 'een boek ter grootte van het gasfornuis.'

Maar vaker trakteert Van der Linden ons op weinig opmerkelijke beschrijvingen, die we ook nog gemakkelijk hadden kunnen missen. De schrijfster had meer, veel meer moeten schrappen. We hoeven niet in detail te weten wie naast wie aan tafel zit of hoe een gerecht bereid wordt, als dat voor de loop van het verhaal niet uitmaakt. Het rare is dat Van der Linden op het ene moment heel erg gedetailleerd is in haar beschrijvingen en op andere momenten ineens weer vaag blijft. Van de popliedjes horen we bijvoorbeeld elke keer de titel, maar als M en een vriend (Remmelt) naar een concert gaan, lezen we alleen maar (verschillende keren) dat het 'het klassieke concert' is.

De liefde niet leest aardig weg, maar het is niet zo boeiend, doordat het niet strak genoeg gecomponeerd is. Personages spelen een tijdje een rol en verdwijnen daarna weer en het doet je als lezer niets. Slechts een enkele keer lukt het Van der Linden om emoties over te brengen, bijvoorbeeld als een vriendin van M, Hester, die getrouwd is en zwanger, bekent dat ze van M houdt.

De titel kan op twee manieren uitgelegd worden. Je zou kunnen zeggen dat M de liefde niet heeft. Ze wordt door verschillende mensen in haar omgeving als liefdeloos gezien. Je zou ook kunnen zeggen dat je leven waardevol is als je de liefde maar hebt en dat M het begin daarvan ontdekt in dit deel van haar leven.

Remmelt, een vriend die op mannen valt, zegt:
ik denk niet dat ik zondig ben, niet met dit in ieder geval, het gaat om het liefhebben van iemand anders, ook al klinkt dat zweverig misschien, wat kan daar mis mee zijn? Juist het niet hebben van de liefde, juist daarmee wordt al het andere waardeloos.
Dat M van vrouwen blijkt te houden, levert haar wel wat strijd op met haar religieuze achtergrond. Zo vraagt ze zich af:
Kun je met een gedoopt voorhoofd je tong in de mond van een andere vrouw rond laten gaan? Kun je het gedoopte voorhoofd tussen de benen van een andere vrouw duwen? Kun je een gedoopt voorhoofd als in een kramp optillen, om het seconden later terug te laten vallen?
Maar dat zijn gedachten die maar af en toe opkomen. Ze worstelt er niet voortdurend mee. Het is moeilijker voor haar om aan haar ouders te vertellen dat een schoonzoon er niet in zit.

Achter op De liefde niet staat een citaat van Xandra Schutte: 'Een ontroerend portret van een orthodoxe jeugd'. Die ontroering heb ik niet gevoeld. Grote delen van het boek deden me weinig en verder vond ik het boek niet zo goed, waardoor ik me af en toe verveelde onder het lezen.

De liefde niet zal wel zo'n boek zijn dat nu eenmaal geschreven moest worden omdat de schrijfster ervanaf wilde. Hopelijk geeft het haar ruimte voor ander werk. Dat wachten we dan maar af.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen