zaterdag 27 februari 2016

't Jagthuys (Merijn de Boer)


Ongetwijfeld had ik ooit eerder van Merijn de Boer gehoord. De titel van zijn debuut Nestvlieders (2011) kwam me bekend voor en misschien heb ik ook indertijd wel gelezen dat hij er de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs voor heeft gekregen. Dat de romantitel De nacht (2014) mij niet bekend voorkwam, vergeef ik mijzelf. Wie onthoudt zo'n titel?

Mocht ik ooit van De Boer hebben gehoord, hij was me weer helemaal ontschoten. Totdat ik een recensie las van 't Jagthuys, die lovend was. Daar onthield ik hem van. Later stond ik in de boekwinkel en herkende het boek, al wist ik niet meer waarover het ging. Mijn boekhandelaar leest veel, maar dit boek had hij niet gelezen. Van horen zeggen wist hij dat het wel goed was, dus ik kocht het. Zo werkt dat blijkbaar.

't Jagthuys is een groot huis, zoals er wel meer aan de Vecht staan. Dit staat in Nieuwersluis en Vera gaat er aan het begin van het boek naar toe, om kennis te maken met Neeltje Bruinworst, de moeder van de vijfendertigjarige Binnert. Binnert heeft als kind twaalf jaar lang een ijzeren broek moeten dragen, omdat hij ongelijke heupen had. Het heeft niet geholpen. Bovendien is hij een autist die met niemand in contact komt. Later lezen we dat hij de mensen in zijn leven zelfs genummerd heeft. Vera is nummer zeventien.

Vera is hulpverleenster. De aard van haar hulpverlening blijft nog wat duister in het begin van het boek en dat vind ik wel aardig, zodat ik er ook hier niets over zeg. De moeder van Binnert, Neeltje, is een opmerkelijke vrouw en Vera vindt haar zelfs gestoord. Dat Binnert afwijkt van wat gangbaar is, is al meteen duidelijk: bij het gesprek tussen Neeltje en Vera staat hij verscholen achter het gordijn.

Voordat het verhaal goed op gang komt, krijgen we veel te lezen over Vera. Het tweede hoofdstuk begint met: 'Mijn jeugd bracht ik afwisselend in de woestijn en in een Wassenaars weeshuis door.' Er wordt ook nog verteld over een date die ze onlangs had en meer waarvan ik me aanvankelijk afvroeg waarom we dat als lezers moeten weten. Pas later wordt dat duidelijk: ook Vera heeft haar moeilijkheden, ook zij heeft een problematische jeugd gehad (terloops wordt verteld dat ze seksueel misbruikt is), al wordt daar weinig nadruk op gelegd.

Al meteen geeft Vera zichzelf een opdracht: 'Eén ding wist ik heel zeker: ik ging hem bij die gestoorde moeder weghalen.' Ze wil niet alleen Binnert redden, ze wil Binnert ook voor zichzelf hebben:
Ik vond het -toen al- een heerlijke gedachte dat hij daar zou blijven, wachtend tot ik weer naar zijn zolder zou komen. En dat ik hem dan weer volledig tot mijn beschikking had. Ik kon met hem doen wat ik wilde. 
Vooral dat laatste zinnetje is tekenend: Vera heeft zo haar eigen belangen. Binnert is de wereldvreemde man die het 'echte' leven nauwelijks kent en Neeltje wil, zo lijkt het, de symbiose met haar zoon in stand houden. Daarmee is 't Jagthuys een eigen wereldje geworden met eigen regels.

't Jagthuys doet denken aan verschillende andere boeken. De engelenmaker van Stefan Brijs bijvoorbeeld, waar de drieling door de vader gescheiden gehouden wordt van de rest van de wereld. Maar ook aan De sterfzonde of de ingebeelde dode van Maria Stahlie, waarin de hoofdpersoon, Maud Labeur moet wachten op de uitslag van een medisch onderzoek. Ze vreest die uitslag en probeert het lot naar haar hand te zetten door zichzelf een taak te geven met betrekking tot een kind, waarbij je je afvraagt in hoeverre dat kind daar zelf op zit te wachten.

Ook in 't Jagthuys is het maar de vraag in hoeverre Binnert 'bevrijd' wil worden van zijn moeder. Wel heeft hij al toevallig eens contact gelegd met een meisje bij een bushalte. Zo'n bushalte staat natuurlijk symbool voor de mogelijkheid om weg te kunnen.

Wat Binnert en Neeltje willen, weten we. Weliswaar ligt het grootste deel van het boek het perspectief bij Vera, maar er zijn ook hoofdstukken waarin we in de hoofden van de twee andere personages kijken.

Merijn de Boer heeft drie mensen bij elkaar gebracht en hij laat de spanning tussen hen oplopen. Zeker als we te weten komen dat er in het verleden mensen verdwenen zijn. De vader van Binnert bijvoorbeeld (hij zou niet kunnen tegen het huilen dat Binnert als kind deed) en twee vriendinnen van Neeltje. Maar ook een muzieklerares, Rianne Ligtvoet. Hoe verdacht zijn die verdwijningen? Loopt Vera ook gevaar? In zo'n afgelegen huis kan van alles gebeuren.

Ook Renate Dorrestein laat haar boeken vaak op afgelegen plaatsen spelen, waar de gewone regels niet meer gelden. Dat begon al bij haar debuut Buitenstaanders, maar er zijn genoeg andere boeken te noemen waar dat ook het geval is: Een sterke man, Een nacht om te vliegeren, Verborgen gebreken, Weerwater.

Net als Dorrestein en Stahlie brengt De Boer zijn personages in een positie waarin het wel fout met ze moet gaan. De spanning zit in de kleine mogelijkheid dat het ook nog goed zou kunnen aflopen. Wie heb boek leest, komt er natuurlijk uiteindelijk achter of zo'n goede afloop erin zit en het spreekt vanzelf dat ik dat hier niet kan verklappen. Maar het gaat in 't Jagthuys niet alleen om de plot.

In de laatste zin van de roman lezen we over Neeltje: 'Ze was verdrietig en gelukkig tegelijk en ze dacht aan haar zoon.' Eigenlijk zijn alle figuren tragisch, al hebben ze ook een gelukskant. Dat maakt ze tot interessante personages. Na lezing blijven vooral de gecompliceerde relatie me bij, meer dan de exacte gebeurtenissen.

Stilistisch is 't Jagthuys niet opmerkelijk, maar dat is geen manco. Je kunt ook zeggen dat het boek effectief geschreven is: de stijl leidt niet af, de schrijver houdt ons bij het verhaal. Een enkele keer is er een zin die blijft hangen. Bijvoorbeeld over het meisje bij de bushalte: 'Een zware weekendtas lag als een labrador naast haar op de grond.'

Merijn de Boer, van wie ik tot voor kort dus zo weinig wist, lijkt me een auteur om in de gaten te houden: hij schrijft helder, neemt de lezer gemakkelijk mee, weet te ontroeren en laat ons ook nog eens nadenken over hoe gecompliceerd menselijke relaties zijn. Ik heb begrepen dat Muidhond van Inge Schilperoord intussen een succes is geworden. Ze heeft eenzelfde heldere verteltoon als Merijn de Boer. Toch geef ik de voorkeur aan 't Jagthuys. Daarom roffel ik er graag even voor op de trom: op naar de boekhandel!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen