vrijdag 18 oktober 2013

Blast 3. Halsoverkop



Manu Larcenet werkt al jaren aan een fascinerend oeuvre. Zijn strips over De dagelijkse worsteling zijn getekend in de stijl der dikke neuzen en dan verwacht je pret. Hoewel er best wat te glimlachen valt, zijn het in de kern ernstige boeken met een gelaagde hoofdpersoon. Ik schreef er ooit een stukje over.

Daarvoor had Larcenet ook al veel geschreven en getekend, maar voor zover ik weet, is dat niet in het Nederlands verkrijgbaar. Daarna maakte hij de indrukwekkende reeks Blast, waarvan nu het derde deel verschenen is. Hier een stukje over deel 2.

Polza is een man met een zwaar lijf. Je hebt het idee dat iemand met een dergelijk postuur zich door het leven moet slepen en dat klopt ook wel. Polza is op drift geraakt na de dood van zijn vader. Hij kreeg een visioen - hij noemt dat de blast - waarna hij als clochard is gaan leven, met alle gevaren van dien.

In deel 2 lazen we hoe Polza optrok met de gewelddadige drugsdealer Jacky. In deel 3 wordt hij gemolesteerd en verkracht; het ziet er niet best voor hem uit.

Al eerder had hij in een waan zichzelf met een mes bewerkt. Daarna was hij opgenomen. Roland, die hij daar ontmoet heeft, pikt hem nu weer op en zorgt ervoor dat Polza verzorgd wordt. Zo maakt Polza kennis met diens dochter Carole. Wat er precies met haar gebeurd is, komen we niet te weten, maar uiteindelijk wordt Polza opgepakt.

Eigenlijk is het hele verhaal een terugblik. In het heden wordt Polza verhoord. Met horten en stoten vertelt hij zijn verhaal. Dat verhaal wordt doorsneden met terugblikken naar een nog verder verleden. Zo krijgen we scènes uit de kindertijd en uit de tijd dat Polza opgenomen was.

Die scènes zijn in kleur, terwijl het overgrote deel van Blast in zwart-wit is. Ook de schilderijen die Polza vindt zijn in kleur. Het zijn aangrijpende portretten die de fundamentele angst van de kunstenaar laten zien. Doordat er zoveel in grijzen is getekend, maken de bladzijden met kleur extra indruk. Ook voor Polza behelzen ze krachtige indrukken.

Larcenet maakt in Blast  gebruik van echte kindertekeningen, die hij opneemt in zijn eigen tekeningen. Ik kan nu schrijven dat dat bijzonder goed werkt, maar dan lijkt het alsof het een trucje is dat iedereen had kunnen gebruiken. Tijdens het lezen krijg je juist de indruk dat Larcenet de vormgeving van het verhaal heeft moeten bevechten, dat hij net zo lang gezocht heeft tot hij een vorm heeft gevonden die zowel bij hem als bij het verhaal past. Dat levert een beeldroman op die alleen maar door deze kunstenaar gemaakt had kunnen worden.

Polza is niet bij uitstek een sympathiek figuur en ook doet hij wel dingen die niet deugen. Toch blijf je met hem meeleven en ben je als lezer solidair met hem. Misschien heeft dat te maken met zijn onmacht: er zijn veel omstandigheden die zijn leven bepalen en zelf moet hij maar meedrijven met de stroom. Toch vindt hij de kracht om door te gaan, om er het beste van te maken. Daarbij ontbreekt het hem aan illusies. Hij heeft niet de gedachte dat het allemaal wel goed zal komen.

Ten diepste zit er een Polza in elk van ons, vermoed ik. Alleen zijn onze omstandigheden beter. Die zorgen ervoor dat wij niet aan het zwerven slaan, dat wij ons geen wanen in het hoofd halen. Er hoeft maar weinig te gebeuren om die grens wel te overschrijden. Aandacht voor iemand als Polza is een daad van medemenselijkheid en tegelijkertijd een voorzichtig raken aan onze diepe angsten. Larcenet krijgt dat voor elkaar. Lees zijn werk. Als je durft.

Titel: Halsoverkop. Blast 3
Tekst en tekeningen: Manu Larcenet
Uitgever: Oog & Blik
Gebonden, € 24,90

Hieronder de (Franse) trailer voor dit deel van Blast, die een goede indruk geeft van het subtiele tekenwerk van Larcenet.




Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen