zondag 22 september 2013

Bas Haring, Robert Vernooy, Rita Muilwijk


Vandaag hield Bas Haring een lezing in de Vluchtheuvelkerk in Zetten over morele oordelen. Hij vroeg zich af hoe wij tot morele oordelen komen.

Aan de hand van drie voorbeelden concludeerde hij dat velen van ons een beeld hebben van de wereld zoals wij die wensen, een ideale wereld. Daaraan toetsen we zaken om ons heen. Wanneer bijvoorbeeld in onze ideale wereld iedereen zich inzet voor een betere maatschappij, zullen we van iemand die zijn dagen doorbrengt met gamen en cola drinken zeggen dat dat niet de bedoeling is. Ledigheid hoort niet en we verwachten van iemand dat hij beantwoordt aan wat behoorlijk is.

Tegenover het uitgaan van verwachtingen stelde Haring de vraag of iets het lijden in de wereld verkleint / het geluk vergroot. Als dat het geval is, kunnen we iets 'goed' noemen.

Dat is in ieder geval een duidelijke tegenstelling, al is de vraag of de zaken in de praktijk wel zo duidelijk liggen. We zullen het al niet eens zijn over wat geluk is of wanneer er sprake is van lijden. Bovendien zullen mensen die hun oordelen of hun handelen baseren op een concept van een ideale wereld hoogstwaarschijnlijk ook wel een wereld willen waarin zo weinig mogelijk wordt geleden.

Verder hebben utilitaristen natuurlijk ook een beeld van een ideale wereld: hoe minder lijden, hoe beter de wereld. Het is overigens niet mijn bedoeling in dit stukje iets af te doen aan wat Haring vertelde. Hij ziet ook de praktische problemen die het streven naar een minimum aan lijden met zich meebrengt en noemt het dan ook 'geen gouden regel'.

Graag wil ik naar aanleiding van de lezing twee titels noemen uit de Nederlandse literatuur, omdat ik daar tijdens het luisteren aan moest denken. De eerste is De geluktheorie (2001) van Rita Muilwijk.

Hoofdpersoon in De geluktheorie is het meisje Zee, dat bij haar moeder Bellona woont. Ze loopt op haar zeventiende weg en gaat mee met James, die een aanhanger is van het utilitarisme. Zee had zich als kind in het christelijke geloof verdiept. Ze besloot God uit zijn tent te lokken door de duivel te vragen om haar moeder kwaad te doen. Als dat gebeurt, is dat voor haar een bewijs van het bestaan van God. Later zal ze James volgen in zijn moraaltheorie, al ziet ze dat er veel haken en ogen aan zitten.

Voor zover ik weet, was De geluktheorie niet bijzonder succesvol en dat is jammer. Rita Muilwijk schreef meer dan tien jaar geleden een mooie roman over jongeren zonder houvast, die zich zelf een weg door het leven moeten zien te zoeken. Het zijn jongeren die niet goedkoop leven. Ze voelen zich verantwoordelijk voor de wereld en willen die beter maken. Aan het eind van het boek zegt Zee:
Als er één reden is waarom we schuldig zijn, is het dat we niet in staat zijn om de wereld rechtvaardig te maken. Dat is onze werkelijke erfzonde. 
Een ander boek dat ik graag aandacht wil geven, is De tedere tirannie (1992) van Robert Vernooy. Het boek laat zien waartoe het beeld van een ideale wereld kan leiden. Het verhaal speelt zich af op een camping, die een metafoor is voor de verzorgingsstaat. Die staat, die een paradijs zou moeten zijn, is verstikkend. Mensen worden gedwongen om mee te doen, omdat dat nu eenmaal beter voor hen is. Ik herinner me de recreatiemedewerker die vriendelijk zegt: 'Ik wil geen namen noemen, maar er zijn nog mensen die niet meedoen.'

De twee hoofdpersonen besluiten zich aan deze welzijnsdruk te onttrekken en bewust niet te leven zoals van hen verwacht wordt. Jessica heeft anorexia een Jasper is lid van een bandje dat rioolrock speelt. Uiteindelijk zullen ze zich op nog dramatischer wijze aan de samenleving onttrekken.

Door het hele boek heen vinden we fragmenten uit talkshows, die laten zien hoe de mensen denken in de samenleving die Vernooy schetst. Ik herinner met de instantwijsheden van ene Dr. Oetker.

Robert Vernooy is de schepper van een interessant oeuvre, dat altijd veel te weinig aandacht heeft gekregen. Tweedehands is De tedere tirannie zeker nog te koop. Zoek maar even.

Aan deze twee boeken moest ik vanmorgen denken. Er zijn ongetwijfeld meer titels te noemen. Dat moet maar een andere keer. Of niet.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen