Voordat ik begon aan De wonderen las ik twee andere boeken van Jeroen Olyslaegers, Wil en Wildevrouw (links naar de besprekingen: zie onderaan). Het zijn romans waarin je helemaal ondergedompeld wordt. De eerste gaat over een politieman die goed de Tweede Wereldoorlog probeert door te komen, maar dat lukt hem niet zonder vuile handen te maken. Wildevrouw speelt zich af in een compleet andere tijd, de Beeldenstorm in Antwerpen en de tijd daarna.
In De wonderen neemt Olyslaegers de lezer mee naar weer een ander tijd. In het heden van het verhaal is het 1915. De vertelster, Amandine, verpleegt haar tweelingbroer Ambrose, in Edegem, een plaatsje onder Antwerpen. Haar zoon Louis, bevindt zich aan het front, in de loopgraven. In de roman lezen we wat daaraan voorafging.
Tante Bella
Amandine en Ambrose worden geboren in 1868. Ze krijgen als kind een bijzondere band met tante Bella, een halfzus van hun vader.
'De wonderen, daar zijn mijn wonderen!' riep tante Bella.
Tante Bella noemt hen 'de wonderen'. Amandine vraagt zich zelfs af of tante Bella niet meer haar moeder is dan haar echte moeder. Bella weet veel af van kruiden en hun werking, een interesse die ze wil overbrengen op Amandine.
Na de dood van tante heeft Amandine soms het idee dat tante Bella spreekt door haar tijdens spiritistische seances. Tante had een enorme vrijheidsdrang en voelt zich daarin verbonden met vrouwen die in het verleden als heksen zijn vervolgd. Ook Amandine heeft deze levenshouding.
Ze komt uit een bankiersfamilie met strenge regels en belandt in een gearrangeerd huwelijk met Robert de Rubigny, die gaat samenwerken met haar vader. Ze krijgen een zoon, Louis, en aan Amandine wordt door een arts gesuggereerd dat ze daarna onvruchtbaar geworden is.
Als kind ziet Louis af en toe een witte vrouw, die er in werkelijkheid niet is. Deze aanwezigheid zou tante Bella kunnen zijn. Het laat zien hoe nauw de band is tussen de Amandine en Louis. Later worden ze uit elkaar gedreven door Amandines moeder.
Amandine en Ambrose staan dicht bij elkaar, maar Amandine zoekt haar vrijheid vitaler dan haar broer die op een manier leeft die zelfdestructief is. Hij gaat zich te buiten aan drank (ook absint) en orgieën, is lid van een geheim genootschap en moet ten slotte uitwijken naar Congo. Haar man Robert maakt daar fortuin met rubberplantages.
Ganieda
Bij de geboorte van Amandine en Ambrose heeft Tante Bella een boek cadeau gegeven over Ganieda, de zus van Merlijn. In Vita Merlini van Geoffrey Monmouth wordt Merlinus na een gruwelijke veldslag krankzinnig en vlucht om in het Caledonische woud als wildeman te leven. Je zou kunnen zeggen dat Ambrose eenzelfde tocht heeft gemaakt.
Ambrose vertelt het verhaal dat Ganieda haar minnaar stuurt om Merlijn terug te halen uit het bos. Iets soortgelijks gebeurt als Amandine haar man ervan overtuigt om gebruik te maken van de diensten van haar minnaar, de journalist Hippolyte van Damme. Daarna weet Robert hoe de vork in de steel zit en dat zal Amandine terugbetaald krijgen.
Amandine en Ambrose staan vaak aan dezelfde kant, al zitten ze niet steeds op dezelfde lijn. Zo voelen ze zich ook door elkaar verraden. Toch zal dat de band niet volledig doorsnijden. Aan het eind van Ambroses leven, wordt hij door Amandine verpleegd.
De wonderen is, net als Olyslaegers' vorige romans, een boek dat je meeneemt naar een tijdperk in het verleden en je laat overspoelen door wat er dan allemaal gebeurt. Je maakt kennis met spraakmakende mensen uit die tijd, van Emile Verhaeren tot Frederik van Eeden. Amandine maakt van deze laatste een lezing mee, waarin die vertelt dat er wonderlijkheden zijn waar de wetenschap geen raad mee weet.
Vrijheid, blijf spoken
Verder gaat het over kolonialisme en over de rechten van de vrouw. Amandine moet steeds haar plaats bevechten. Omdat ze vrouw is, maar ook vanwege de beperkingen die haar omgeving haar oplegt. Zij is de heldin van deze roman, die opgebouwd is als een tragedie in vijf bedrijven. Die dragen de naam van kruiden: Rozemarijn, Alsem, Rode klaver, Salie en Monnikskap. Dat laatste is een van de giftigste planten. Amanda zal er aan het eind van het boek gebruik van maken. Haar laatste woorden in het boek zijn: 'vrijheid, blijf spoken'.
Of ik helemaal grip heb gekregen op De wonderen, betwijfel ik. Doordat mijn schrijven achterloopt op mijn lezen zijn details misschien wat weggezakt en dat maakt het ook lastiger. Maar ik vind het wel een krachtig boek, dat ik met plezier gelezen heb. Die kracht zit in de hoofdpersoon, maar ook in de taal, die bij Olyslaegers altijd in goede handen is.
Een voorbeeld daarvan. Amanda huilt paniekerig.
Moeder wreef over mijn schouders zoals iemand na een sneeuwbui de hond van een ander droog wrijft om de parketvloer te behoeden voor smurrie.
Dat vind ik een schitterende vergelijking. Het kind wordt vergeleken met een hond en dan ook nog de hond van iemand anders. Die wordt wel drooggewreven, maar niet vanwege de hond, maar vanwege de vloer. Het laat de verhouding tussen moeder en dochter haarscherp zien.
Voor De wonderen moet je wel een beetje moeite doen, maar je krijgt er wel een prachtige leeservaring voor terug.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten