woensdag 4 mei 2016

X & Y (Franca Treur)


Romans verkopen beter dan korte verhalen, gemiddeld genomen. Blijkbaar heeft de gemiddelde lezer een voorkeur voor werk van de wat langere adem. Een schrijver die een paar bundels met verhalen heeft gepubliceerd, krijgt dan ook vroeg of laat de vraag wanneer er nu een roman komt. Dat is blijkbaar het echte werk. Er zijn wel verschillende pogingen ondernomen om het korte verhaal populair te maken, bijvoorbeeld door bloemlezingen op de markt te brengen, maar ik heb het idee dat dat niet echt geholpen heeft.

Dat is zonde, want er waren en er zijn auteurs die geweldige verhalen hebben geschreven: F.B. Hotz, Sanneke van Hassel, Louis Couperus, Elma van Haren, Belcampo, Elke Geurts, Bernlef, Remco Campert, om er te hooi en te gras een paar te noemen.

Naast het korte verhaal hebben we ook het heel korte verhaal. Sinds A.L. Snijders worden die verhalen ook wel aangeduid met ZKV, Zeer Kort Verhaal. Snijders komt vaak zelf in zijn zeer korte verhalen voor: het gaat om dingen die hij meegemaakt heeft, boeken die hij gelezen heeft, verhalen die hij gehoord heeft.

Franca Treur heeft met X & Y ook een bundel met heel korte verhalen geschreven, maar ze komt daar niet zelf in voor. Er zullen best verhalen in staan die teruggaan op wat ze zelf heeft meegemaakt, maar ze worden gepresenteerd als fictie. Ze deden me een beetje denken aan de 'miniaturen' die C. Buddingh' schreef in bijvoorbeeld Een rookwolkje voor God (1982).

De x en de y uit de titel doen denken aan de onbekenden in wiskundeopgaven. Ook in het dagelijks taalgebruik komt 'een x aantal' wel voor, als we niet precies weten om hoeveel het gaat. Dat zou betekenen dat de verhalen gaan over min of meer willekeurige mensen. We komen dan ook in elk verhaal andere namen tegen; alleen de naam Jacob komt een keer of drie voor.

We kunnen ook denken aan het x- en het y-chromosoom. Veel van de verhalen gaan over vrouwen en mannen.

Aan de korte verhalen van Treur moest ik even wennen. Omdat ze echt heel kort zijn, gaat de schrijfster met grote stappen door de gebeurtenissen heen: zo snel mogelijk naar de kern en dan, soms bijna gehaast, afronden.

Niet alle verhalen hebben een duidelijke plot. Bij bijvoorbeeld het hilarische verhaal 'Op zijn gemak' stopt het verhaal vlak voor de ontknoping en dat is precies op het goede moment. Bij sommige verhalen vond ik het slot net een beetje tegenvallen, misschien juist doordat er gezocht is naar een manier om het verhaal rond te maken ('Verrast', 'Fladderig'). Maar van de meeste gevallen heb ik zonder reserve genoten.

Verschillende keren schrijft Treur over misverstanden tussen mensen, over momenten waarop het net niet helemaal goed zit tussen hen. Een vrouw wil niet te snel reageren op een bericht, omdat ze niet te gretig wil lijken, maar daardoor geeft ze een signaal af wat ook niet gewenst is. Een andere vrouw wordt gebeld, net op het moment dat ze een tent op zolder heeft gevonden. Ze denkt goed te kunnen doen door de tent beschikbaar te stellen, maar dan blijkt de belster heel iets anders van haar te willen.

Vaak zijn het kleinigheidjes: een vrouw is een zakdoekje, ooit cadeau gekregen, kwijtgeraakt. Zo'n kleinigheid is voor de ander minder klein, omdat het een symbool wordt. In dit geval staat het voor het slordig omspringen met cadeaus en als je er op die manier naar kijkt, vind je al gauw meer argumenten.

Het is fijner om te schrijven (en te lezen) over wat er niet helemaal goed gaat, dan over het gladde watertje van geluk en tevredenheid. De bijna rapporterende stijl die Treur gebruikt, werkt daarbij goed. Ze laat ons zien hoe mensen onhandig of kwaadaardig zijn en gaat daar niet als vertelster tussen zitten. Zo schetst ze in het verhaal 'Aardigst' een ronduit onuitstaanbaar persoon, die door de omgeving w ook nog met veel begrip wordt aangehoord. Treur hoeft het alleen maar te laten zien, maar ik vermoed dat iedere lezer dezelfde indruk en waarschijnlijk ook hetzelfde oordeel zal hebben.

Bij 'Aardigst' staat er een fraaie illustratie van Olivia Ettema, die helemaal klopt met het verhaal. Eigenlijk is dat  bij alle illustraties het geval. Het zijn sobere tekeningen, waarbij de personen in vrij dikke lijnen worden getekend. De vlakken zijn met de hand ingekleurd. Soms doet de plaatjes denken aan viltstifttekeningen. De grotere vlakken zullen wel met penseel en waterverf zijn gedaan.


De omslagillustratie komt ook voor als illustratie bij het verhaal 'Emotionele waarde', maar er zijn wel verschillen. Op de tekening voorop komen bijvoorbeeld kleine zwarte lijntjes voor, zoals je bij linosnede of houtsnede wel ziet. Ook de lijken de lijnen, in vergelijking met het plaatje bij het verhaal, bijgewerkt, evenals de inkleuring.

X & Y is een heerlijk boek, vol leessnacks die je snel tot je kunt nemen. Enkele verhalen zullen me zeker bijblijven. Om het slot van 'Makkelijk' blijf ik, ook na herhaalde herlezing, lachen. En natuurlijk riep 'Slacht' de dorpsjongen in mij wakker.

Bij ons werd er aan huis geslacht, door Piet Petoet, die we van mijn moeder niet zo mochten noemen, maar als hij binnenkwam, wees hij met zijn kromme wijsvinger naar mij en vroeg: 'Hoe hiet ik?' Als ik dan toch 'Piet Petoet' zei, grijnsde hij. Waarom hij zo genoemd werd, weet ik niet. Mogelijk is hij als stroper enkele keren opgepakt. Hij droeg zijn bijnaam als een geuzennaam.

Na het 'afhakken' stuurde mijn moeder mij op de fiets langs familieleden om een 'hutspotje' te brengen. Bijvoorbeeld wat verse worst en een paar karbonaden. Die wereld was weer helemaal terug bij  het lezen van 'Slacht'. Ik heb het intussen al voorgelezen. Toch lijkt 'Slacht' zich niet in een ver verleden af te spelen. Je leest het als een hedendaags plattelandsverhaal.

Over het vorige boek van Franca Treur was ik niet zo positief, maar voor X & Y wil ik wel reclame maken: lezen!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen